‘Op kerstavond ontspoorde er een trein’

De eerste baan

Ingrid Thijssen (48), Topvrouw van 2016, begon haar carrière als jurist op de afdeling schadeafhandeling van de NS.

‘Het voelt vertrouwd hier weer te zijn”, Ingrid Thijssen wrijft in haar handen als ze in spijkerbroek en op grote veiligheidschoenen het Servicebedrijf van NS binnenloopt. Het is de plek waar herstelwerkzaamheden aan beschadigde treinen en dagelijkse controles plaatsvinden. Bij de koffieautomaat groet ze de werknemers alsof ze een van hen is, terwijl ze met een plastic bekertje een straaltje koffie opvangt. Het is dat haar privéchauffeur in de auto op haar wacht en dat de twee woordvoerders geen moment van haar zijde wijken, anders zou je haast vergeten dat ze inmiddels een van de belangrijkste vrouwen uit het bedrijfsleven is.

Fascinatie voor treinen en vliegtuigen

Als kind had ze al een grote fascinatie voor havens, vliegtuigen en treinen. Echt verrassend was het dus niet dat ze nog voor haar afstuderen ging werken bij de Nederlandse Spoorwegen, als jurist op de afdeling schadeafhandeling. „Het leuke was dat ik met heel kleine maar ook heel grote zaken te maken kreeg.” Als de ene reiziger koffie morste over de jas van de ander, kwamen de stomerijkosten op haar bureau. „Natuurlijk vergoedden we dat niet.”

Foto Bastiaan Heus

Op kerstavond in 1993 zat ze midden in de Domkerk toen tijdens de mis haar pieper afging. „Met een rood hoofd dook ik in mijn tas, drukte het ding uit en snelde de kerk uit.” Er bleek een groot ongeluk te zijn gebeurd met een dode en elf gewonden. „Het was een enorme ravage”, herinnert ze zich terwijl ze op haar telefoon een foto laat zien van de ontspoorde trein. Zij moest er ter plekke voor zorgen dat de verzekeraars meteen zouden komen kijken.

Soms duurt een storing daardoor langer of kost het meer, maar veiligheid gaat altijd voor

Kwetsbaarheid

Aangrijpend vond ze de conducteurs die werden mishandeld door reizigers. Ze nam contact op met de daders, om de schade te verhalen. En wat misschien nog wel meer indruk maakte: machinisten die meemaakten dat er iemand voor hun trein sprong. „Dat is buitengewoon traumatiserend.” Die ervaringen zouden de rest van haar carrière beïnvloeden: „Ik besefte dat er mensen zijn met beroepen waar inherent veiligheidsrisico’s aan vastzitten. En hoe belangrijk het is dat je als leidinggevende voor die mensen gaat staan.”

Na dat jaar bij de afdeling schadeafhandeling nam haar carrière een snelle vlucht, maar als directievoorzitter van NS Reizigers was ze die kwetsbaarheid van machinisten en conducteurs niet vergeten. „Ik regelde voor hen als hoofd personeelszaken een extra arbeidsongeschiktheidsverzekering, zodat ze niet hoefden terug te vallen op de bijstand.” En ook nu ze bestuursvoorzitter is bij netwerkbedrijf Alliander spookt het thema nog vaak door haar hoofd. Haar monteurs werken met de risico’s van elektriciteit en gas. „Als zij op een wijze werken die volgens hen veilig is, zal ik ze daar altijd in steunen. Soms duurt een storing daardoor langer of kost het meer, maar veiligheid gaat altijd voor. Dat zaadje is gelegd tijdens mijn eerste baan.”