Column

De raketten zijn weer terug

De Russen stationeren nieuwe kruisraketten, schrijft Michel Kerres. Wie wil nu nog beweren dat de NAVO achterhaald is? En: is Europa wel alert?

Een repetitie voor een parade op het Kim Il-sung plein in Pyongyang op donderdag. Foto Ed Jones/AFP

In kalme tijden is er nauwelijks reden aan ze te denken. Ze zijn er wel, maar je ziet ze niet. Als het onrustig wordt in de wereld, laten ze hun lelijke gezicht weer zien: raketten.

De Amerikanen vuurden er vrijdag 59 af op een Syrische luchtmachtbasis, een vergeldingsactie voor de gifgasaanval eerder deze week. Een verrassende manoeuvre, met nog moeilijk in te schatten gevolgen voor de situatie op de grond en voor de verhoudingen in de wereld, met name tussen de VS en Rusland.

De raketten komen ongetwijfeld ter sprake tijdens de ontmoeting tussen Donald Trump en Xi Jinping, die ten tijde van de aanval net op bezoek was in Florida. Raketten stonden daar hoe dan ook al op de agenda. Aan de vooravond van de bijeenkomst vergewiste de Geweldige Leider in Noord-Korea er zich nog even van dat ze hem in Florida niet zouden vergeten: woensdag liet Kim Jong-un nog snel een raket afvuren.

En dat zijn nog niet alle raketkwesties waarmee Trump zich dezer dagen moet bezighouden.

De Russen en de Amerikanen hebben de wereldvrede ooit een geweldige dienst bewezen door in verschillende verdragen afspraken te maken over kernwapens. Eén verdrag is het INF-verdrag van 1987, ondertekend door Reagan en Gorbatsjov, een belangrijk moment op weg naar het einde van de Koude Oorlog.

Vladimir Poetin heeft dat verdrag geschonden en die provocatie vraagt om een Amerikaanse reactie. En dat Amerikaanse antwoord komt „zeer, zeer snel” zei Trumps minister van Defensie, James Mattis vorige week.

Onder het INF-verdrag werden aan beide kanten alle nucleaire en conventionele raketten voor de korte en de middellange afstand vernietigd. Raketten met een bereik van 500 tot 5.500 kilometer die vanaf land afgevuurd konden worden.

In 2007 verklaarde Poetin al eens dat hij zich niet meer gehouden achtte aan de afspraken, sinds 2014 registreerden de Amerikanen steeds meer overtredingen en vorige maand wond de vice-voorzitter van de Joint Chiefs of Staff, generaal Paul Selva, er geen doekjes meer om. De Russen hebben een nieuwe kruisraket ontwikkeld, de SSC-8, en die ook opgesteld. Een flagrante schending van het verdrag, aldus de generaal, en een bedreiging van NAVO-installaties in Europa.

Als antwoord op Russische dreigingen van uiteenlopende aard heeft de NAVO al troepen en materieel aan de Oostflank van de NAVO gestationeerd. Vraag is nu wat te doen met deze specifieke dreiging.

De Republikeinse senator Tom Cotton wil het Pentagon 500 miljoen dollar geven om een verdediging tegen de nieuwe raketten te bouwen en desnoods zelf een nieuw type te ontwikkelen. Tegenstanders vinden dit onverstandig omdat het verdrag dan zeker sneuvelt. Slimmer is het, zeggen zij, om de nieuwe raket te pareren met raketten die vanuit zee of de lucht worden afgevuurd – die vallen niet onder het INF-verdrag.

Een diplomatieke oplossing dan? Russisch-Amerikaans overleg in november leverde niets op. De Russen beweren onder andere dat de Amerikanen het verdrag omzeilen met drones en ontkennen dat ze zelf het verdrag schenden.

De nieuwe kruisraket wordt een test voor Trump. De veiligheid van Europa is in het geding – een klassieke NAVO-kwestie. De Amerikaanse reactie zal laten zien wat de alliantie waard is. Én hoe de relatie Washington-Moskou zich ontwikkelt.

Opvallend is ook dat er in het Huis van Afgevaardigden dagenlang over wordt gesproken, de ene specialist na de andere aanschuift, en Europa intussen de handen vol heeft aan het voorjaar en de populisten. De nieuwe raketten hebben volgens de Amerikanen een bereik tot 5.500 kilometer. Het Capitool halen ze niet, het Binnenhof wel.

Redacteur geopolitiek Michel Kerres schrijft om de week met Oost-Europadeskundige Hubert Smeets over de kantelende wereldpolitiek.