Margarinemerk dat geen ‘boter’ mocht heten

Unilever

Unilever zet de Nederlandse basis van het bedrijf te koop: margarine. In 1873 begon het bedrijf met de productie van deze ‘kunstboter’ in Oss.

Fabrieksmeisjes verpakken Blue Band (circa 1925). Foto Unilever

Helemaal zeker van hun zaak waren de gebroeders Van den Bergh niet toen zij in 1923 besloten Blue Band op de Nederlandse markt te introduceren. De vraag was of er wel behoefte was aan het elitaire Engelse merk en er werd getwijfeld of Nederlanders de naam wel juist zouden uitspreken.

Het ‘Spreek uit Bloe bend’ onder de advertentie zou inderdaad vergeefse moeite blijken, want tot ver in de jaren zeventig van de twintigste-eeuw kon men huisvrouwen nog om ‘een pakje Bleu band’ bij de melkboer horen vragen. Aan het succes van het merk deed het echter niets af. De verkoop werd een doorslaand succes en ook de Duitsers maakten begin jaren twintig kennis met het merk Blauband.

Dat Unilever nu onder druk van de kapitaalmarkt zijn margarinemerken in de uitverkoop doet is een historische gebeurtenis, die het afscheid betekent van de wortels van het concern. In margarine – en zeep – ligt de oorsprong van Unilever, dat in 1929 ontstond uit een fusie tussen de Nederlandse Margarine Unie en het Engelse Lever Brothers, producent van onder meer Sunlight zeep.

Margarine Unie

Affiche van de fabriek aan de Nassaukade in Rotterdam. Foto Unilever

Eind vorig jaar vierde Unilever nog het 125-jarig bestaan van ‘de margarinefabriek’ – zoals deze binnen het concern nog altijd wordt aangeduid – aan de Maas in Rotterdam, van waaruit de vijf gebroeders Van den Bergh sinds het einde van de negentiende eeuw hun margarine op de markt brachten.

Een biografie van Sam van den Bergh, de jongste en meest getalenteerde zoon van grondlegger Simon van den Bergh, werd gepresenteerd. Burgemeester Aboutaleb nam toen het eerste exemplaar in ontvangst en zei daarbij nooit te hebben geweten dat het eerste gedeelte van de naam Unilever afkomstig was van Margarine Unie. „Ik zie het maar als onderdeel van mijn voortgezette inburgering”, grapte hij nog.

Spreads heten ze tegenwoordig bij Unilever, maar het procedé voor margarine kwam oorspronkelijk uit Frankrijk. De Parijse scheikundige Hippolyte Mège-Mouriès patenteerde het product, nadat keizer Napoleon III hem gevraagd had om een goedkoper voedingsvet voor militairen en arbeiders te ontwikkelen. Margarine werd oorspronkelijk gemaakt van rundvet, melk, water en runderuiers, en daarna geel gekleurd om de substantie op boter te doen lijken.

Lees hier over de biografie van oprichter Sam van den Bergh: ‘Dit wordt een wereldzaak’

De familie Van den Bergh, van oorsprong boterhandelaren uit Oss, was in 1873 begonnen met de productie van deze ‘kunstboter’. In 1890 verhuisden ze naar de snelgroeiende havenstad Rotterdam, waar productie en overslag samenvielen. Een hypermoderne ‘modelinrichting voor de gehele nijverheid’ werd opgericht.

Naast Nederland waren Duitsland en Engeland de belangrijkste afzetmarkten voor Van den Bergh’s Margarine Limited, dat in 1895 in Londen naar de beurs ging. Twee broers van Sam vestigden zich zelfs permanent voor de zaak in Engeland en lieten zich tot Engelsman naturaliseren.

Eerste Wereldoorlog

Tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen de behoefte aan voedsel voor het leger toenam en de prijs van boter en vetten snel steeg, brachten de Van den Berghs in Engeland voor het eerst Blue Band op de markt. De Blue Band Girl, die het product in advertenties en op reclameborden aanprees, werd daar een begrip. Nederland maakte pas zeven jaar later kennis met Blue Band, dat een merk was voor de betere klasse.

Affiche van de fabriek in - toen nog - Osch, circa 1890.
Foto Unilever
Affiche van de fabriek aan de Nassaukade in Rotterdam.
Foto Unilever
Een portret van Sam van den Bergh (uit 1925).
Foto Unilever
De margarinefabriek in 1923.
Foto Unilever
Foto’s Unilever

De blauwe band op de verpakking was ontleend aan de veertiende-eeuwse ridders van de Orde van de Kousenband en werd in die dagen in Engeland veel gebruikt om aristocratische associaties op te wekken. Ook Nederland kreeg nu, naast het al sinds 1894 bestaande eenvoudigere merk Zeeuws Meisje, een eigen Blue Band-vrouwtje, dat de margarine aanprees.

Met teksten als ‘versch gekarnd’ en ‘doorstaat elke vergelijking met roomboter, alleen billijker in prijs’ werd nu geprobeerd ook de meer welvarende consument over te halen duurdere natuurboter in te ruilen voor margarine. De zuivelindustrie was woedend over de wijze waarop de Van den Berghs hun product aanprezen, maar procederen had geen zin. Al aan het einde van de negentiende eeuw waren boterfabrikanten in het ongelijk gesteld. Strenge wetgeving bepaalde sindsdien dat weliswaar alleen natuurboter boter mocht heten, maar de grenzen werden door de margarinefabrikanten doorlopend afgetast.

Concurrentie van Planta

Sam van den Bergh in 1923. Foto Unilever

De introductie van Blue Band bleef ook binnen de Nederlandse margarinesector niet onbeantwoord. Concurrerend margarinefabrikant Anton Jurgens zette er in Nederland het inmiddels verdwenen merk Planta tegenover. En zo vochten de twee grootste margarinefabrikanten om hun deel van een sterk groeiende markt. In 1919 in Nederland bedroeg het verbruik al 7,3 kilo per hoofd van de bevolking.

De strijd ging alleen om marktaandeel, want achter de schermen hadden Van den Bergh en Jurgens al in 1907 een kartelovereenkomst gesloten, waarbinnen winsten werden verdeeld en lonen, investeringen en inkoopprijzen werden afgestemd. Kartels waren een geaccepteerd verschijnsel in continentaal Europa en vormden een bescherming tegen de door Engeland zo sterk gepropageerde vrijhandel.

Persoonlijke vrienden werden de joodse Van den Bergh en de katholieke Jurgens nooit en er was groot wederzijds wantrouwen. Om een einde te maken aan de doorlopende ruzies over de kartelafspraken, fuseerden de bedrijven van Van den Bergh en Jurgens in 1928 tot Margarine Unie. Het jaar erna volgde de fusie met de Engelse zeepfabrikant Lever Brothers.

Sindsdien had het concern, net als het van oorsprong Nederlands-Britse Koninklijke Olie/Shell, een dubbele nationaliteit en twee hoofdkantoren. Shell zette zijn duale structuur in 2005 overboord. Unilever kondigde donderdag aan met het oog op een grotere ‘strategische flexibileit’ ook deze historische erfenis te zullen heroverwegen. Voor welke nationaliteit het bedrijf kiest, is nog onduidelijk