Recensie

Met de ‘telefilm’ gaat het wel goed

Zap

De Nederlandse speelfilm zit momenteel weer in een crisis. Gelukkig is de lichting telefilms op NPO 3 dit jaar sterk.

Telefilm: 'Off Track' (EO).

Er wordt de laatste tijd weer veel gemopperd over de Nederlandse speelfilm: het bioscoopbezoek daaraan neemt af, er zouden te veel fabrieksmatige formulefilms zijn en als alternatief alleen ontoegankelijke auteursfilms. De laatste periode dat het slecht ging was midden jaren 90: echt veel slechter nog dan nu. Overheid en branche sloegen toen de handen ineen en namen een aantal maatregelen. Een daarvan was het maken van een zestal telefilms per jaar. Een telefilm is een met extra subsidie vervaardigde lange fictiefilm met een maatschappelijk onderwerp, die geniet van bijna een normaal budget, maar speciaal wordt gemaakt voor tv.

De traditie is ononderbroken sinds 1999; sommige van die telefilms pakten zo goed uit dat ze toch eerst in de bioscoop kwamen, Gouden Kalveren wonnen en een forse injectie betekenden voor de continuïteit en de kwaliteit van de Nederlandse filmsector.

Na het succes van Aanmodderfakker en Matterhorn is er geen telefilm meer in de filmtheaters gekomen, maar ook de lichting 2017 mag er wezen, zo kun je na uitzending van de eerste drie constateren. Op elk van die drie is wel wat aan te merken, maar ze tonen ambitie, gaan ergens over en spreken jongeren aan. De echte vernieuwing komt nu uit tv-series, waar steeds ruimere middelen voor beschikbaar komen, maar als tussenvorm ben ik heel tevreden met die telefilms.

De rode draad vormen tot nu toe de beperkingen van jeugdig idealisme. Het woord dadendrang past wellicht nog beter bij Silk Road (Mark de Cloe, KRO-NCRV), gebaseerd op de waargebeurde avonturen van Maikel S., die de wereld zijn wil op dacht te leggen door op grote schaal via de krochten van het internet in drugs te handelen. Zoals vaak in films van De Cloe blijkt de liefde toch het hoofdthema en zal ik me de film vooral herinneren als een documentaire over het gezicht van de aanstormende filmster Olivia Lonsdale.

In De Terugkeer van de Wespendief (regiedebuut van editor Stanley Kolk, AVRO-TROS), gebaseerd op de getekende roman van Aimée de Jongh, gaat het vooral over het verwerken van een pestverleden, in de context van manische liefde voor boeken en een slecht lopende speciaalzaak. Het acteren en het scenario waren het nog niet helemaal, maar voor een debuut: niet slecht.

De derde telefilm kun je op meerdere niveaus bekijken. Off Track (Sander Burger, EO) is op het eerste gezicht een film over drie vrienden, die tijdens een rugzakvakantie in Ecuador ruzie krijgen, omdat een van hen (Matthijs van de Sande Bakhuyzen) zo nodig een prostituee wil redden van een ogenschijnlijke gevangenschap in handen van louche pooiers. Er is ook ander oud zeer tussen de jongens, maar allengs verschuift het drama naar een politieke parabel.

Door het meisje voor 2.000 dollar vrij te kopen, pleegt de toerist niet alleen een goede daad. Hij verstoort een situatie die hij niet goed kan overzien en stoot een hele familie het brood uit de mond. Die neemt dan ook voetstoots aan dat hij haar nu wel zal trouwen en meenemen naar Europa.

Het onderwerp van gedwongen prostitutie, nota bene een stokpaardje van de EO, blijkt dus niet zo eenduidig. Je zou het kunnen toepassen op andere ingrepen van westerlingen die bedoeld zijn om arme mensen te helpen (en jezelf van enige schuldgevoelens te ontdoen): adoptie, ontwikkelingshulp, bestrijden van slavernij en uitbuiting. Wat in onze ogen onrecht is, kun je niet altijd ongestraft uit de wereld helpen als de betreffende samenleving daar heel anders over denkt. Goed onderwerp, dus ook weer.