Column

Zelfmedelijden

De meeste Arnhemmers zijn goede mensen. Als je ze toch over een kam wilt scheren zou je ze kunnen aanwrijven dat ze wat klagerig zijn. Zo zijn ze ervan overtuigd dat alles ze overkomt, alsof ze zelf geen invloed hebben op de gebeurtenissen. Zelf praten ze dat recht door naar de oorlog te wijzen, een periode waarin hun stad – inderdaad buiten hun schuld – totaal werd verwoest en waarvoor ze nooit echt dat medeleven van de rest van het land, lees de Randstad, hebben gekregen waarvan ze zelf vinden dat ze er recht op hebben. Zelf vind ik die cocktail van zelfmedelijden, die houding van ‘ze moeten ons weer hebben’ en het egoïsme dat eruit voortvloeit niet per se een positieve eigenschap, maar vaak wel grappig.

De afgelopen maand overkwam ze van alles waardoor de stad in een kwaad daglicht kwam te staan. Eerst de moord op eigenaar Bennie en een 73-jarige gaste van Hotel Rembrandt, inclusief een onsmakelijk, bijna drie kilometer lang, bloedspoor door de stad. Daarna een woningoverval op de aanbieders van een duur horloge op Marktplaats waarbij ze – de Arnhemmers – de overvaller (geen Arnhemmer) met een in haast geleende bestelauto van een pizzakoerier doodreden tegen een schuurtje. En tenslotte de breed uitgemeten zware mishandeling van het echtpaar Jasper en Ronnie door vier jongens, omdat ze naar eigen zeggen na een avondje stappen hand in hand over de Nelson Mandelabrug liepen.

Gisteren was ik in mijn geboortestad. „Hebben wij weer”, zeiden de Arnhemmers die ik sprak. „We staan weer lekker op de kaart.”

Direct gevolgd door de opmerking dat alles wat er gebeurd was ook ergens anders had kunnen gebeuren. Wat iedereen heel belangrijk vond om te zeggen was dat ze het ook in Arnhem niet normaal vonden dat ze je, al of niet met een betonschaar, de tanden uit je mond slaan vanwege je geaardheid. Eentje weet het incident aan de ‘eigen goeiigheid’.

„Wij zijn gewoon te gastvrij geweest, dan krijg je dat.”

Met Arnhem en de Arnhemmers had het allemaal niets te maken, ze stonden erbij en keken ernaar, hoofdschuddend over wat zich nu weer op hun grondgebied had afgespeeld. Dat de complete gemeenteraad over een paar dagen hand in hand in het centrum van de stad gaat staan om te laten zien dat dat in Arnhem officieel wel kan, stelde verder niemand gerust.

„Moeten zij weten”, zei een Arnhemmer, die zelf wel heel tolerant is. „Ik zou het zelf verder niemand aanraden.”