Commentaar

Houding Rusland in gifgasdrama is het cynisme ten top

Een onafhankelijk onderzoek van VN voor het verbod op chemische wapens heeft de hoogste prioriteit. Dat Rusland dit met een veto dreigt te blokkeren is het cynisme ten top.

Het is in augustus vijf jaar geleden dat de Amerikaanse president Barack Obama zijn veelbesproken ‘rode lijn’ trok ten aanzien van de burgeroorlog in Syrië. Er is naderhand de nodige tekstexegese op toegepast maar in de kern kwamen de waarschuwende woorden van Obama er op neer dat het inzetten van chemische wapens door het regime van president Assad de passieve houding van de Amerikanen zou kunnen veranderen.

Het waren krachtige woorden gevolgd door deprimerende stilte. De rode lijn werd overschreden. Gifgas werd door het regime ingezet in de Syrische burgeroorlog. Maar wat er ook veranderde, niet de afwachtende politiek van Washington. Ook niet trouwens van vele andere leden van de wereldgemeenschap die in 1993 in Parijs het Verdrag Chemische Wapens ondertekenden. Het is de overeenkomst die wereldwijd het gebruik en in bezit hebben van chemische wapens verbiedt.

De luchtaanval op Khan Shaykhun, afgelopen dinsdag, in de noordelijk gelegen Syrische provincie Idlib waarbij gifgas vrijkwam, vormt het zoveelste dieptepunt in de nu al zes jaar durende burgeroorlog. Opnieuw is de verontwaardiging groot. Terecht. De beelden van creperende slachtoffers die via sociale media razendsnel de wereld overgingen zijn weerzinwekkend. En wederom is de vraag: hoe diep kan de mensheid zinken?

Van Syrische en Russische zijde is inmiddels ontkend dat het om een bewuste gifgasaanval ging. Het gas zou zijn vrijgekomen nadat Syrische bommen een wapendepot van rebellen hadden geraakt waarin het dodelijke gas was opgeslagen. Deze lezing van de gang van zaken is door veel deskundigen al in twijfel getrokken. Een onmiddellijk onafhankelijk onderzoek onder auspiciën van de OPCW, de VN-organisatie voor het verbod op chemische wapens heeft dan ook de hoogste prioriteit.

Dat Rusland in de Veiligheidsraad een resolutie die hiertoe oproept met een veto dreigt te blokkeren is het cynisme ten top. Helaas is dit cynisme een constante in de Russische opstelling sinds president Poetin besloot zijn collega Assad te steunen in zijn strijd tegen opstandige landgenoten.

Wat de gifgastragedie betekent voor de diplomatieke inspanningen – voor zover de machteloze bewegingen die naam al mogen hebben – is nog niet te overzien. Een toekomst voor Syrië waarin geen rol meer was weggelegd voor president Assad, leek na de recente opmars van het Syrische leger niet meer zo zeker. Mocht enigerlei betrokkenheid van de Syrische president blijken, dan is nog duidelijker dat alleen een Syrië zonder Assad toekomst heeft.