Rusland: Syrië bombardeerde chemisch depot rebellen

Het dodenaantal bij de chemische aanval in Khan Shaykhun zou zijn opgelopen naar 72, zo meldt het Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten.

Bij het bombardement in Khan Shakykun is ook een ziekenhuis zwaar getroffen. Foto Omar Haj Kadour/ APF

Rusland ontkent dat Syrische gevechtsvliegtuigen een chemische aanval hebben uitgevoerd op het dorpje Khan Shaykhun waarbij naar schatting 72 mensen zijn omgekomen. Volgens het Russische ministerie van Defensie is een wapendepot, in handen van rebellengroeperingen, met chemische wapens getroffen en is dit gas gaan lekken.

Dat heeft een woordvoerder van het ministerie laten weten in een verklaring op YouTube.

“Gisteren, heeft tussen half twaalf en half één lokale tijd, een Syrisch gevechtsvliegtuig een grote munitiedepot van terroristen getroffen in het oostelijke buitengebied van Khan Shaykhun. Op het terrein van dit depot werden chemische wapens geproduceerd”.

Rusland beweert dat de rebellen deze wapens in september vorig jaar hebben gebruikt tegen burgers in Aleppo. De Verenigde Staten beschuldigden het regime van Assad achter de aanval te zitten. Het Syrische leger ontkent betrokkenheid.

Rebellenleider noemt Russische verklaring een leugen

Een commandant van een lokale rebellenbeweging noemt de Russische verklaring een leugen. Hasan Haj Ali, leider van het Vrije Leger Idlib, zegt tegen Reuters dat er geen militaire posten van rebellen zijn getroffen. “Iedereen zag het gevechtsvliegtuig terwijl het bommen met gas liet vallen”. Volgens Ali zijn de verschillende rebellenbewegingen ook niet in staat om dit soort hoeveelheden aan gas te produceren.

In de provincie Idlib, waar het getroffen dorp Khan Shakyhun ligt, zijn meerdere rebellenbewegingen actief. Zowel radicale groepen als Fatah al-Sham, het voormalige filiaal van Al-Qaeda, en de machtige salafistische beweging Ahrar-al Sham. Maar ook meer gematigde groepen zoals milities van het Vrije Syrische Leger. Zij hebben een nieuwe aliantie gesloten, zo meldde Al Jazeera, en krijgen steun van de Verenigde Staten, Turkije en Golfstaten.

In de provincie wonen ook veel mensen die zijn gevlucht uit Oost-Aleppo.

Alleen chemische wapens vernietigd die waren opgegeven door Assad

De chemische aanval van afgelopen dinsdag is een van de ernstigste in de afgelopen zes jaar. Op social media media kwamen gruwelijke beelden naar buiten van kinderen met schuim op de mond die naar adem hapten. Een Brits-Syrische dokter in het getroffen dorp liet weten dat er saringas is gebruikt.

In de afgelopen maanden zou het Syrische regime ook aanvallen hebben uitgevoerd met het minder dodelijke chloorgas. Het bewind van Assad heeft het gebruik van chemische wapens altijd ontkend. Nadat er in augustus 2013 honderden doden vielen bij een aanval met saringas in een voorstad van Damascus ging het Syrische regime, onder grote diplomatieke druk van de Verenigde Staten en Rusland, akkoord met de vernieting van haar chemische wapenarsenaal. Maar dit betrof alleen voorraden die door het Syrische regime zelf waren gemeld.

VN-Veiligheidsraad bijeen over chemische aanval

Veel politieke leiders spreken hun afschuw uit over de chemische aanval en houden het bewind in Syrië verantwoordelijk. Volgens de Britse minister van Buitenlandse Zaken Boris Johnson duidt “al het bewijsmateriaal” op betrokkenheid van het regime van Assad. Hij kan zich niet voorstellen “hoe een overheid die dit soort barbaarse aanvallen uitvoert op haar eigen bevolking enige vorm van legitiem bestuur kan uitoefenen”.

De Australische premier Malcom Turnbull laat in een verklaring weten:

“Alle feiten moeten nog worden bepaald, maar indien het regime van Assad verantwoordelijk is voor deze aanval moeten degenen die de inzet van de wapens hebben goedgekeurd en geïmplementeerd ter verantwoording worden geroepen”.

Op verzoek van Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk komt de VN-Veiligheidsraad op woensdag bijeen om te praten over de chemische aanval. Volgens Liu Jieyi, de Chinese ambassadeur bij de VN, is het een belangrijk onderwerp en moet goed onderzocht worden wat er precies heeft plaatsgevonden. China en Rusland blokkeerden eind februari nog een resolutie tegen het Syrische regime voor het aanhoudend gebruik van chemische wapens. Zij zijn bang dat sancties het vredesproces bedreigen.