Recensie

De ideale man zit tussen holbewoner en vrouw in

Een goede man is zachtaardig, dacht theatermaker Lucas De Man. In zijn nieuwe voorstelling komt hij daarvan terug. De ideale man zit ergens tussen holbewoner en vrouw in.

Foto Arjan Benning

Een correcte man duwt bij het zoenen het hoofd van de vrouw niet naar beneden om aan te geven dat hij orale seks wil. Sterker, een echte, goede man laat zich helemaal niet pijpen, dacht Lucas De Man jarenlang. Tot hij een vriendin kreeg die zijn voorkomendheid in bed beu werd. Ze stelde het wel op prijs, maar de seks mocht ook wel eens wat ruwer, spontaner, wilder.

Dat is wat seksuologen de mannenparadox noemen, vertelt de Vlaamse theatermaker (35), een fenomeen dat ze de laatste tien jaar steeds meer tegenkomen in hun praktijk. De man wordt geacht zacht voor de vrouw te zijn, maar in bed zijn oerdriften te botvieren. Die contradictie verwart mannen. Lucas De Man schoot als oermens zo tekort dat zijn vriendin hem „een levende vibrator” noemde.

Dat zette hem aan het denken. De feminisering van de man is doorgeslagen, stelt hij. De man moet het beest in zichzelf weer terugvinden. Het wordt tijd dat hij emancipeert.

Over de vleugellamme man maakt hij de vrolijke, multimediale voorstelling De Man Is Lam, waarin hij tracht mannelijkheid opnieuw te definiëren. De Man vertelt geestig-pijnlijke persoonlijke verhalen in combinatie met foto’s en films van Ahmet Polat (in 2015 Fotograaf des Vaderlands) en podcasts van audio-kunstenaar Rashif El Kaoui. De podcasts bevatten delen van de 128 interviews met mannen die De Man en El Kaoui hielden over de vraag hoe het is om man te zijn.

„In glossy’s wordt de man vaak teruggebracht tot een paar stereotypen”, zegt De Man, „maar de verscheidenheid onder mannen is juist enorm. Wij vieren de complexiteit van de man.” Is dat nodig? Ja, dat is nodig, zegt hij. „Wat mannen nu horen is dat macho fout is, dat testosteron fout is. Emancipatie wil zeggen: durf jezelf te zijn. Dat roepen we over minderheden en over vrouwen, en terecht. Maar waarom zeggen mannen dat niet over zichzelf? Als reactie op de roep om zachtheid zie je dat mannen zich gaan overschreeuwen en bijvoorbeeld insinueren dat vrouwen overmeesterd willen worden, alsof ze verkracht willen worden. Dat is ook belachelijk.”

Beeldvorming, zoals in reclames, speelt een belangrijke rol. De Man: „Reclame bevestigt clichés. Ons onderzoek wijst uit dat er de afgelopen zeven jaar drie keer zoveel reclames waren waarin man en vrouw als stereotype worden neergezet als twintig jaar geleden. Terwijl de emancipatiegolf doordendert, wil reclame ons terugbrengen naar de oude verhoudingen.”

Gezichtscrème

En dat betekent dat er een reëel probleem is: „Reclamemakers weten – jammer genoeg beter dan kunstenaars – wat er leeft onder de mensen. Dan krijg je dus een reclame voor gezichtscrème voor mannen, waarin een man hout hakt in het bos, tot zijn hipsterbaard vol schilfers zit. Pas dan, als hij heeft laten zien een überman te zijn, ontstaat er ruimte om crème op te doen. Pas dan is crème smeren gepast. Dat is bullshit.”

Het gaat De Man erom dat de man zowel zijn zachte als zijn stoere kant als mannelijk durft te zien. Ze moeten hun emoties tonen op een mannelijke manier en emoties niet vrouwelijk noemen. De Man: „Ik ben niet pro gendergelijkheid. Ik pleit ook niet voor de caveman die zich afzet tegen de vrouw. De ideale man zit daar tussenin. Tussen man en vrouw bestaan biologische en culturele verschillen.”

Wat is mannelijk zacht? „Zacht is openlijk twijfelen. Zeggen: ‘Schat, ik weet het niet. Ik heb gefaald. Ik kan het even niet. Hou even je mond, want ik wil je niet slaan, maar ik kan dit gesprek niet aan, want ik ben niet zo goed met woorden en jij wel.’ Dat is superstoer.”

Bij een ruzie kan een vrouw een man verbaal corneren, zegt hij. „Taal is het wapen van de vrouw – ik veralgemeniseer. Veel mannen kunnen dat niet aan. Dan is het beter om een time-out te nemen.”

Aan de andere kant moet de man durven toegeven aan zijn oerkrachten. „Veel mannen schamen zich voor hun agressie. Omdat agressie alleen bovenkomt als ze zichzelf niet onder controle hebben. Dat is ook niet goed. Als mannen vaker het beest in zichzelf aankijken, leren ze ermee omgaan. Ik heb een beest in mij. Ik creëer daar mee, ik vrij daar mee, dans daar mee. Dat is aantrekkelijk.”

De man moet zijn agressie kunnen sturen en tonen. De Man: „Agressie is een deel van wie hij is. Het gaat erom hoe je je agressie vormgeeft. Kracht is fantastisch. Maar je moet kracht niet inzetten om onmacht te compenseren.”

De moderne man maakt zijn mannelijke eigenschappen bespreekbaar. En niet door een cursus ‘emoties delen’, zoals De Man ook zelf volgde. „Dat heeft de voorstelling niet gehaald, want die cursus was te erg. Te plat. Daar zitten mannen die door hun vrouw zijn gestuurd en een vrouw vertelt ze hoe ze moeten communiceren. Dan was er zo’n workshopleidster die zei: ‘Als mannen meer als vrouwen zouden worden dan gaan we naar een mooiere wereld.”

Vrouwen praten niet beter

Er wordt gezegd dat vrouwen beter over hun emoties kunnen praten. „Dat is niet zo. Ze kunnen vooral méér over hun emoties praten.”

Tijdens de interviews zag De Man vele vormen van mannelijke kwetsbaarheid. Zijn favoriet is een autosloper, „een beer van een vent”, die een kind met het syndroom van Down kreeg. „Hij was er eerst kapot van dat het kind niet gezond was. Maar nu neemt hij het mee naar zijn werk. Ik was bij die mannen en al mijn vooroordelen konden de prullenbak in. Sommige clichés zijn waar: ze maken stomme grappen over seks en ze wassen hun handen met zuivere olie. Maar tegelijk zijn ze superlief en zorgzaam. Er werkten ook twee mannen die niet het IQ hadden om mee te komen, maar die mochten daar zijn en werden geholpen. Hun gevoel voor solidariteit was groot; sterker dan ik zie onder mijn eigen vrienden: blanke, hoogopgeleide jongens.”

Staat openlijk huilen symbool voor die nieuwe man? Dat is immers waar veel mannen de grens trekken: boys don’t cry. De Man: „Fysiologisch gezien huilt de een sneller dan de ander, dus tranen doen er op zich niet toe. Maar huilen is wel een uiting van kwetsbaarheid. Dat bespraken we onder meer op een kickboksschool in Tilburg: tien jonge jongens zeiden dat ze niet huilden. Waarop drie trainers riepen: hoezo niet? Dat werd een übermannelijk gesprek met elkaar duwen en stevige taal. Die mannen zeiden: je kunt wel denken dat het stoer is om iemand op zijn bek te slaan, maar als je straks een kind krijgt en kan huilen, dan is dat veel stoerder. Ze leerden die jongens dat het niet mannelijk is om emoties binnen te houden.”

Dat gesprek liet ook zien hoe mannen kunnen emanciperen, zegt De Man: door het voorbeeld en gezag van rolmodellen. Het maken van de voorstelling heeft hem zelf ook veranderd, zegt hij. „Ik ben niet alleen zachter geworden, maar ook stoerder. Ik denk dat ik nu eerder een vrouw tegen de muur zal durven te drukken om haar te zoenen. Wat ik prettig vind. Mijn toenmalige vriendin had dat zeker fijn gevonden.”