Recensie

Een Nederlandse ‘Little Miss Sunshine’

De Nederlandse Little Miss Sunshine, is het eerste wat je denkt. Een quirky film zoals we ze hier veel te weinig zien. Maar ook een tekentafelfilm.

De zevenjarige Monk (Teun Stokkel) is een hypochondertje.

In de familie van Monk is iedereen ongelukkig. Vader heeft zich omwille van een mix van artist’s block en kunstproject opgesloten in de bezemkast, en weeft plastic spinnenwebben. Moeder staakt. Puberzus Joni is eigenlijk nog het meest normaal: woedend en gemeen, zoals puberzussen nu eenmaal zijn. En bij de dertienjarige Monk slaan zoveel tegenstrijdige emoties naar binnen: om de andere dag zit hij bij de dokter uit angst dat hij aids, de ziekte van Lyme, prostaatkanker of een onrustige moedervlek heeft. Een hypochondertje.

De Nederlandse Little Miss Sunshine, is het eerste wat je denkt. Een quirky film zoals we ze hier veel te weinig zien. Maar ook een tekentafelfilm. Een maffe familie in een mooi huis. Anekdotische scènetjes. Verzorgde art direction. Mooifilmerij. Een lust voor het oog.

Het komt allemaal goed als de familie een road trip naar Spanje onderneemt. Dan wordt ook het scenario minder gekunsteld, en krijgt het talent van debuterend regisseur Ties Schenk de ruimte om te doen waar het goed in is: de blik van aarzelende verstandhouding tussen vader en zoon vangen; Monks obsessie met zijn zus een functie geven omdat hij bezorgd is dat ze zwanger is. Schenk is een regisseur van blikken en gebaren. Van tactiele cinema die het leven tussen de plotpoints weet aan te raken.