Column

Plat tegen de kasseien

Wat als. Wat als Peter Sagan tijdens de laatste passage over de Oude Kwaremont niet over dat dwarspootje van een dranghek was gestruikeld. Zou Philippe Gilbert zijn hachelijk lange solo dan ook bekroond hebben met een zege in de Ronde van Vlaanderen?

Het was een iconisch moment. Sagan gooide de remmen los. De acrobaat zocht de twee decimeter as op aan de linkerkant om nog meer snelheid te maken. In het oog van de acrobaat zat kennelijk een zandkorrel, hij raakte het pootje en daar ging hij, plat tegen de kasseien. Van Avermaet en Naesen over hem heen. Alleen de fiets van Van Avermaet bleef heel.

Dylan van Baarle zag het gebeuren. Op een paar meter volgde hij aan de rechterkant op een zandpaadje van ongeveer tweeënhalve decimeter breed. Even zag je hem inhouden. Lieten de stuiterende lichamen en fietsen genoeg ruimte om te passeren? Net genoeg.

Wat als. Zou Dylan van Baarle ook zonder de zandkorrel in het oog van Sagan zijn zesde plek in de Ronde van vorig jaar hebben kunnen inruilen voor een vierde?

Vierde, zesde, achtste, of tiende, het doet er niet zo veel toe. Feit is dat Van Baarle aanwezig is op de momenten die er toe doen. Sluipend sluit hij zich aan bij de kasseienelite.

Over de Ronde van Vlaanderen van vorig jaar zei hij: „De Eerste finale boven de 250 kilometer. Een heel andere dimensie. Je moet echt door een muur heen.”

De een sterft boven die afstand, de ander houdt een draadje leven over. Hij is pas 24 en zegt dat hij eigenlijk niet van kasseien houdt. Van een normaal leven met een vaste baan en een vaste relatie houdt hij ook al niet. Hij droomt ervan „overschot” te hebben in een woeste wielerklassieker als de Ronde van Vlaanderen of Parijs-Roubaix.

Vorig jaar reed Dylan van Baarle schalks en onwetend een potente Parijs-Roubaix. Het moment waarop hij toch van de kasseien gaat houden lijkt nabij.

Peter Winnen is oud-profwielrenner en schrijver.