‘Het lijkt wel vete’ tussen Arib en ambtelijke top van Kamer

Tweede Kamervoorzitter De herkozen Kamervoorzitter Khadija Arib doet bijna al haar taken goed. Maar het leiden van haar ambtelijke organisatie gaat minder.

Foto Phil Nijhuis/HH

Zonder tegenstrevers en met lof alom werd Khadija Arib (PvdA) vorige week herkozen als voorzitter van de Tweede Kamer. Ze wordt geprezen omdat ze het aanzien van de Kamer heeft hersteld. Debatten verlopen soepel en ze representeert het parlement uitstekend, in tegenstelling tot haar voorgangster Anouchka van Miltenburg (VVD). De verhoudingen met de Eerste Kamer zijn verbeterd en er wordt niet meer gelekt uit het presidium, het dagelijks bestuur van de Kamer.

Maar wat betreft de derde taak van de voorzitter – het leiden van de ambtelijke organisatie van zo’n zeshonderd mensen – was Aribs herverkiezingsdebat iets minder positief.

Kamerleden vroegen naar de reorganisatie die na een kritisch rapport uit 2014 in gang werd gezet. Wat heeft Arib daar aan gedaan het afgelopen jaar? Onder de titel Meer verzakelijking en verdere professionalisering was destijds geadviseerd zowel de ambtelijke leiding als de rest van de organisatie drastisch anders in te richten. Dat eerste gebeurde, er werd onder Van Miltenburg een driekoppig managementteam van nieuwe mensen samengesteld. Voorheen was de griffier, als hoogste ambtenaar, voor bijna alles verantwoordelijk, nu wordt deze geflankeerd door een directeur constitutionele zaken en een voor de bedrijfsvoering. In de lagen daaronder verloopt de reorganisatie minder daadkrachtig. „Ik vind ook niet altijd dat het snel genoeg gaat”, zei Arib daarover, zonder haar eigen rol te specificeren.

De voorzitter zegde in haar openbare functioneringsgesprek niet toe vaart te maken met de herstructurering, maar bood – tot ieders verrassing – wel aan om het managementteam te evalueren. „Na één jaar samenwerken met hen denk ik dat het goed is om ook te bekijken of deze structuur beantwoordt aan de verwachtingen.” Een evaluatie waar niemand om gevraagd had, was daarmee een feit.

Die zelfbedachte doorlichting van Arib verbaasde zowel Kamerleden als medewerkers, vertellen zij achteraf. Waar kwam dit opeens vandaan? Op de ambtelijke top was de Kamer niet specifiek kritisch geweest. Maar mensen die dichtbij de leiding staan, zeggen dat Arib zo het probleem hoopt op te lossen dat ze met twee van de drie leden van het managementteam niet overweg kan. Die lijken na de gemakkelijke herverkiezing van Arib beiden niet veel langer bij de Tweede Kamer te zullen blijven werken. Een evaluatie kan een nette manier zijn om afscheid van hen te nemen.

Gesprekken met dertien Kamerleden, medewerkers en ex-medewerkers leren dat het vanaf haar aantreden als voorzitter niet botert tussen Arib en de griffier, Renata Voss, en het hoofd constitutioneel proces, Harke Heida. Arib ontdeed zich eerder van personeel dat zij van Van Miltenburg geërfd had, maar bij de sollicitaties en selectie van het managementteam was zij zelf betrokken toen ze nog ondervoorzitter was. Ze heeft beiden dus mede aangenomen. „Het lijkt een soort vete waarvan niemand de oorzaak kent”, zegt een medewerker die met alle drie direct contact heeft. „Het conflict is eerder persoonlijk dan zakelijk. Heel onprofessioneel.” De organisatie lijdt onder gebrek aan onderling vertrouwen tussen de dagelijkse leiding en het politieke bestuur van de Kamer, zegt een andere ambtenaar.

Omwille van hun eigen baan of functie wil geen van de geïnterviewden on the record iets zeggen over de verziekte verhoudingen.

Arib is een ‘straatvechter’

Opvallend is dat de meesten geen kant in het conflict kiezen. Arib wordt door het lagere personeel gezien als een verademing na Van Miltenburg, omdat ze toegankelijk is en beslissingen durft te nemen. Maar ook voor Heida („een goede vent met droge humor”) en Voss („heeft voortvarend problemen die al lang leven in de organisatie opgepakt”) zijn er complimenten. Voor zover betrokkenen iets denken te weten over het ontstaan van het conflict wordt gewezen naar het karakter van Arib, die als „straatvechter” (dixit een Kamerlid) ook al de reputatie had dat ze bij de PvdA-fractie „notoir slecht” (dixit een oud-medewerker) met het personeel omging. Bovendien begon zij vorig jaar aan haar klus als Kamervoorzitter zonder enige bestuurlijke ervaring.

Arib zelf wil niet reageren op „interne aangelegenheden” en „op dit moment” ook andere vragen over haar organisatie niet beantwoorden.

De situatie is dusdanig geëscaleerd dat voor Harke Heida al een nieuwe baan zou zijn gevonden op Binnenlandse Zaken, waar hij eerder werkte. Hij wil dit niet bevestigen, maar ontkent het ook niet. Renata Voss zou binnenskamers tegen verschillende mensen gezegd hebben dat zij door de herverkiezing van Arib „gezien” is, maar zou geen ontslag nemen voor ze iets anders heeft en hoopt de reorganisatie verder in goede banen te leiden. Voss was dinsdag niet bereikbaar.

Deze woensdag komt het presidium van de nieuwe Kamer voor het eerst bijeen en moet ook de door Arib plots aangekondigde evaluatie worden besproken. De vraag is of de structuur van het managementteam opnieuw inhoudelijk gereorganiseerd moet worden, of dat het binnenkort slechts uit andere personen bestaat.