Geef Erdogan geen munitie

Woensdag kunnen Turken hier stemmen voor Erdogans omstreden referendum. De nee-campagne is onderdrukt, schrijft (geen familie). Maar Nederland mag zich daar niet in mengen.

De Turkse preisdent Erdogan spreekt zijn aanhangers toe in de aanloop naar het omstreden referendum van komende woensdag. Foto Kayhan Ozer/Presidential Press Service/AP

Europa wil een democratisch Turkije zien. Hetzelfde Europa helpt president Recep Tayyip Erdogan bij het aankomende referendum over een ondemocratische grondwetwijziging door zijn spel mee te spelen.

De Turkse autoriteiten zoeken immers doelbewust en met veel kabaal de confrontatie met Europese landen als campagnetactiek voor het referendum over het introduceren van een presidentieel systeem in Turkije dat Erdogan almachtig gaat maken. Op die manier willen ze de Turken in Turkije en Europa mobiliseren om ‘ja’ te stemmen bij het referendum.

De boodschap is duidelijk: zorg dat je niet bij het ‘nee’-kamp hoort en stem ‘ja’.

Wat het presidentieel stelsel betreft heeft Erdogan een probleem in Turkije. Traditioneel staan de Turken sceptisch tegenover een presidentieel systeem. De regerende AK-partij van Erdogan heeft weinig positieve argumenten om Turken hiervan te overtuigen, gezien de dictatoriale tendens van het voorgestelde systeem. Ondanks de langdurige voorbereidingen behoort een significante minderheid binnen de AK-partij nog steeds tot de twijfelende kiezers. Het vermoeden bestaat dat een aanzienlijk deel van deze groep behoort tot het nee-kamp, maar zich uit vrees niet durft uit te spreken.

Vandaar de reactie van de AK-partij, die door het voeren van een ‘smerige’ campagne mensen onder druk zet. In de context van oorlog in Syrië, terroristische aanslagen en de noodtoestand wordt ‘nee’ gelijkgesteld aan instabiliteit, terreur en landverraad. De Turkse regering en president Erdogan laten de buitensporige propagandamachine van de AK-partij (met mediacontrole) continu herhalen dat de PKK, IS, FETÖ (Gülenbeweging) ‘nee’ tegen het presidentieel systeem zeggen.

„Onze vijanden zeggen ‘nee’. Wie ‘nee’ zegt, steunt die terreurorganisaties. Kijk naar wie ‘nee’ zegt en maak dan een eigen keuze.” De boodschap is duidelijk: zorg dat je niet bij het ‘nee’-kamp hoort en stem ‘ja’.

Het voeren van een ‘nee’-campagne wordt op allerlei manieren onderdrukt. Het ‘nee’-kamp krijgt nauwelijks zendtijd op publieke tv-zenders. Autoriteiten weigeren om aan hen zalen te verhuren voor campagnebijeenkomsten. Reclame-uitingen op straat worden verwijderd; campagnevoerders worden aangevallen.

President Erdogan heeft de stemmen van de Turkse migranten in Europa nodig, gezien de nek-aan-nekrace in de peilingen. Om de steun van de kiezers te winnen, appelleren de Turkse regering en Erdogan aan de gevoelens van eer en trots van Turken tegenover het boze buitenland. Wat dat betreft is Erdogans campagne gebaseerd op anti-Europese retoriek. Wanneer het de AK-partij niet toegestaan wordt in Europese landen campagne te voeren, luidt het argument dat andere staten Turkije proberen tegen te werken.

Opereer tactvol; laat je niet provoceren.

Dit levert president Erdogan extra stemmen op. „Zie je wel, ook andere landen zijn tegen ons. Sterker nog: Europa is tegen ons”, zo luidt vaak de verontwaardigde reactie, met een duidelijke verwijzing naar het Turkse zelfbewustzijn. De boodschap is voor de Turken: ‘ja’ is goed voor Turkije, laten we opkomen voor ons land.

Het ‘ja’-kamp is twee punten in de peilingen gestegen nadat Nederland Turkse ministers had geweigerd om hier campagne te voeren en het land had uitgezet. De uitspraak van het hoofd van de Duitse geheime dienst dat Gülen niet achter de militaire couppoging zit – naar mijn mening onjuist – is ook breed uitgemeten in Erdogans media als ‘bewijs’ dat Europa de vijanden van Turkije beschermt.

De intentie is om te laten zien dat Europese landen de terreurorganisaties en het ‘nee’-kamp steunen. Met als doel de kiezers afstand te laten nemen van het ‘nee’-kamp.

Als de grondwetswijziging doorgaat wordt Turkije waarschijnlijk een constitutionele dictatuur. Europa moet hier niet aan meewerken. Daarom moet Erdogans spel niet worden meegespeeld.

Opereer tactvol; laat je niet provoceren. Maak geen ruzie met Erdogan via de media. Het beste is een mediastilte tot na het referendum op 16 april. Reageer zelfs niet eens op Erdogans grove uitlatingen zoals hij (ook) de Duitsers voor nazi’ s uitschold. Zorg dat – als het aan de orde is – campagnebijeenkomsten op rustige plaatsen worden gehouden.

Neem voldoende veiligheidsmaatregelen en wees alert op eventuele provocaties. Dit ter voorkoming van vechtpartijen bij stemlokalen, zoals laatst bij de Turkse ambassade in Brussel waar aanhangers en tegenstanders van Erdogan met elkaar op de vuist gingen.

De EU-landen, waaronder Nederland, moeten zich ervoor hoeden partij te kiezen in de zaak van het Turkse referendum. Het zou helpen als ze ‘hun’ Turkse bevolking duidelijk maken dat het referendum een interne Turkse aangelegenheid is. Geef president Erdogan geen munitie om te schieten.