Column

Kraamhulp

Marcel

Aan de kraamhulp die we kregen toegewezen na de geboorte van dochter 1 ergerde ik me hardop. Het kwam omdat ze al onze koffiemelk opdronk, maar vooral vanwege het pakje Drum dat ik de hele tijd in de kontzak van haar spijkerbroek zag zitten terwijl ik ook toen gestopt was met roken. Een vriend met het hart nadrukkelijk aan de linkerkant zei toen dat hij kritiek op kraamhulpen niet vond kunnen. In gedachten zie ik hem nog venijnig met de oogjes rollen terwijl hij me uitdaagde om vijf landen te noemen waar het ook zo goed geregeld is als in Nederland. Een door de overheid betaalde gratis hulp bij de verzorging van moeder en kind, kom daar in Afrika eens om!

Ik was de reprimande niet vergeten.

Dus toen na de geboorte van dochter 2 de deurbel ging liep ik naar beneden met het voornemen om dit gegeven paard nou eens niet kritisch in de bek te gaan kijken.

Ze heette Irma en ze zorgde een week voor ons.

„Wat kan ik doen?” vroeg ze toen ik opendeed.

„Nou, ze liggen boven”, antwoordde ik.

Ze vloog de trap op.

„Ik ga lekker brood smeren”, zei ze toen ze terug was.

En daar is ze een week mee doorgegaan.

Elke keer als ik haar zag was het: „Heb jij zin in een boterham?”

Nou, en dan ging ze smeren.

Eentje met zoet en eentje met hartig.

Ze sneed het brood in kleine stukjes die ze dusdanig op een bord mozaïekte dat het eruitzag als kunst.

Op haar laatste dag had ze de boterhammetjes met chocoladepasta en kaas voor mij en dochter 1 in de vorm van een hart op een bord gelegd. Ik dacht het was omdat ik uit Arnhem kom en ze over de mensen daar zeggen dat ze een ‘geel/swert hert’ (geel/zwart hart) hebben omdat de plaatselijke voetbalclub in die kleuren speelt, maar toen ik daarover begon keek ze me met verbaasde ogen aan.

Wat ze ook weleens deed: ineens achter me gaan staan en dan zeggen: „Zeg maar als ik iets moet doen…”

Ik wist dan vaak niets te verzinnen.

Als ik haar complimenteerde haalde ze de schouders op.

„Ach”, zei ze dan bescheiden, „ik doe dit werk pas acht jaar”.

Het hoogtepunt van onze samenwerking kwam toen ik samen met haar en dochter 1 naar de lammetjes in een weiland bij Diemen ging kijken.

„Wat wilt u eten?” vroeg ze.

En toen ik dat niet meteen wist: „Lamskoteletjes?”

Twee dagen geleden vertrok ze, we missen haar enorm.