Column

In Isfahan

Beste Jean Paul Decossaux,

Kent u het gedicht ‘De tuinman en de dood’? Ik moest eraan denken toen ik een foto zag waarop u bondscoach / treurwilg Danny Blind aansprak, zondagochtend op het vliegveld van de Bulgaarse hoofdstad Sofia. Wat zei u tegen hem? U glimlachte, maar Danny zag lijkbleek. Dat de finale ontmoeting met de Dood onvermijdelijk is, wist Danny ook wel, en toch vluchtte hij in allerijl naar het Hilton Hotel in Amsterdam.

Maar daar zat u, commercieel directeur van de KNVB, hem op te wachten. Bij afwezigheid van anderen was u aangewezen om de persconferentie te leiden die het slothoofdstuk vormde van de klucht van ons nationale voetbalelftal, ooit onze voornaamste bron van trots, thans van schaamte. Een nieuw dieptepunt was de kansloze nederlaag tegen Bulgarije geweest, dat op de FIFA-wereldranglijst vlak boven St. Kitts and Nevis staat, het eilandenpaar met als pronkstuk de bruine pelikaan.

Het was een merkwaardig slothoofdstuk, met een hoofdrol voor u, een volslagen onbekende die iedereen over een week weer vergeten is. En u houdt niet eens echt van voetbal! U bent een zeilfanaat. Dat is aan u af te zien. Een bruine teint, een sportief voorkomen, een gezonde portie zelfvertrouwen, en wat een lekker glimmend jasje. Ik zou er niet van opkijken als u onder tafel gewoon een korte broek en bootschoentjes droeg, want waarom ook niet?! Het is u vergeven, want u bent goed in uw werk. Het Financieel Dagblad schreef dat u de KNVB ‘heeft veranderd in een geldmachine’.

Een geldmachine, in plaats van een voetbalmachine.

U moet begrijpen hoe belangrijk voetbal voor ons is. Voetbal is het enige domein waarin men nog nationalistisch en chauvinistisch kan zijn zonder dat iemand met een vergelijking met het fascisme komt aanzetten. Ooit, in de jaren zeventig, heeft het Nederlands Elftal het voetbal voor altijd veranderd. We hebben ons steentje bijgedragen, overal ter wereld kent men het Nederlands Elftal. Onze koning kennen ze niet, Willem van Oranje evenmin. Maar Johan Cruijff! Ruud Gullit! Arjen Robben!

Langzaam begint dit te veranderen. Over een paar jaar zal ons slechts nostalgie en herinneringen resten. Wie herinnert zich nog de gloriedagen van het voetbalelftal van Hongarije, grootmacht in de jaren vijftig?

Dat staat er op het spel. Daarom waren de verzamelde media, van Hart van Nederland tot FC Afkicken op de persconferentie afgekomen, daarom reageerde men lauwtjes toen u met truïsmen als ‘elke optie is een optie’ kwam aanzetten. Verder zei u een ‘ongelooflijk goede band’ te hebben met de zojuist door u ontslagen Danny Blind. Laat ik u uit de droom helpen: Danny Blind haat u. Vermoedelijk prijkt uw portret op Danny’s dartbord, en vergezelt u hem in zijn dromen. Hij heeft alles gedaan om u te ontlopen.

Toen u Danny later die avond in het Hilton trof, toonde hij zich ongetwijfeld verbaasd, hij had u net nog gezien in Sofia! Maar u, bankier in hart en nieren, antwoordde kalmpjes: ‘Ik was verrast, toen ’s morgens in Sofia de terminal binnenkwam, die ’k ’s avonds halen moest in Amsterdam.’

Met vriendelijke groet,

Cabaretier Jan Jaap van der Wal en schrijver Daan Heerma van Voss schrijven beurtelings een brief naar iemand die in het nieuws is. Suggestie? betrokkenburgers@nrc.nl