Opinie

Brexit komt er toch, beperk de schade

Een bloedige scheiding met het Verenigd Koninkrijk heeft ook voor de EU rampzalige gevolgen, schrijft . „Het VK moet als zwakste partij concessies doen.”

Foto Andy Rain/EPA

De Britse opzegging van het EU-lidmaatschap is een belangrijk moment in een tragedie; niet alleen voor het Verenigd Koninkrijk, maar ook voor Europa. Het is een afschuwelijke manier om de 60ste verjaardag van de EU te vieren.

Ook als de onderhandelingen goed verlopen, zal het vertrek grote gevolgen hebben voor het Verenigd Koninkrijk. Economisch gezien verliest het de voordelige toegang tot verreweg zijn grootste markt. Politiek gezien ontstaan er grote spanningen binnen het Verenigd Koninkrijk en Ierland. Strategisch gezien verspeelt het zijn rol in de raden van de EU. Het wordt armer, verdeelder en krijgt minder invloed.

De Brexiteers ontkennen dit alles. Ze vergissen zich. In het hedendaagse handelsverkeer is afstand cruciaal. De productieketens die fysieke goederen en diensten met elkaar verbinden, werken het beste over korte afstanden. De modellen waar de Brexiteers van uitgaan ontkennen deze realiteit. Om de interne markt mogelijk te maken moesten regels vergaand worden geharmoniseerd. Alleen zo kon de grensoverschrijdende handel relatief soepel verlopen.

Ook zullen de Brexiteers ontdekken dat elke handelsovereenkomst beperkingen aan de nationale autonomie oplegt en dat die strenger zijn naarmate zo’n overeenkomst de markt verder openstelt.

De Brexiteers zullen ook merken dat geografische ligging een politiek lot is. Het Verenigd Koninkrijk zal nooit een niet-Europees land kunnen worden. Het blijft altijd innig verbonden met de ontwikkelingen op het vasteland. Maar juist nu, ten overstaan van een dreigend Rusland, een onverschillige VS, een chaotisch Midden-Oosten, een opkomend China en de werelddreiging van de klimaatverandering, wil het niet meer meepraten in het organisatiesysteem van zijn continent. Het leeft niet langer in de negentiende eeuw, maar in de 21ste. Het isolement zal geen ‘splendid isolation’ zijn, maar gewoon isolement.

Het stelsel van nationale staten heeft herhaaldelijk bewezen instabiel te zijn.

Tragedie

Brexit is ook een tragedie voor Europa. Het Verenigd Koninkrijk was lang de vaandeldrager van de liberale economie en democratische politiek. Het is een van de twee sterkste militaire machten van het continent. Het heeft nauwe banden met de Engels-sprekende landen. Het heeft een breed wereldbeeld. Het is pragmatisch – tot nu toe, tenminste. Het had de juiste kijk op voordelen van de EU (de interne markt en de uitbreiding) en de nadelen (de gemeenschappelijke munt).

Alleen iemand zonder historisch besef kan menen dat Europa welvarender, stabieler, invloedrijker, democratischer en liberaler zal worden als de EU in 28 nationale stukjes uiteenvalt. Het stelsel van nationale staten heeft herhaaldelijk bewezen instabiel te zijn. Nu de VS zich terugtrekken, zou de ineenstorting van de EU wel eens kunnen leiden tot een strijd om de hegemonie tussen Duitsland en Rusland, of erger nog, tot een pact tussen deze twee ten koste van zwakkere buurlanden. Blijft de EU wel voortbestaan, zoals ik hoop, dan zal Duitsland domineren. De Duitsers zelf willen dit niet. Waarom de Britten dan wel?

Maar de Brexit zal er komen, dankzij de onnozele instemming met het referendum door David Cameron, de verprutste onderhandelingen en het knoeiwerk bij de voorwaarden van het referendum zelf. Er is geen grondwettelijke noodzaak om Brexit door te zetten – het referendum is niet bindend. Maar er is wel een politieke noodzaak: zonder Brexit zou de Conservatieve Partij uit elkaar vallen.

Maar de sfeer van de onderhandelingen en de uitkomst ervan moeten nog worden bepaald. We weten dat ze complex en moeilijk zullen worden. We weten dat het terugtrekkingsproces en de besluiten over de details van een nieuwe relatie niet in twee jaar afgerond zullen zijn. Maar we weten niet hoe men deze onderhandelingen ingaat. Aan de EU-kant zijn de prioriteiten wel duidelijk, maar niet aan de Britse kant.

Een akkoord is noodzakelijk. Allereerst om economische redenen: het is belachelijk als de Britten nieuwe handelsakkoorden met relatief onbelangrijke landen proberen af te sluiten terwijl ze zich tegelijkertijd afwenden van hun belangrijkste markt: de EU.

Het Verenigd Koninkrijk heeft verplichtingen die voortvloeien uit meer dan veertig jaar lidmaatschap.

Vergiftigde betrekkingen

Als er geen akkoord komt over geld, de behandeling van Britten in Europa en EU-burgers op Brits gebied, over de gemeenschappelijke instellingen en toekomstige handelsafspraken, zullen de betrekkingen vergiftigd raken. De grootste verliezer is dan de Britse Unie: Schotland zou weleens kunnen afsplitsen. Al zou ook voor de EU een vechtscheiding grote gevolgen hebben.

Om dat te voorkomen zal het Verenigd Koninkrijk als zwakste partij concessies moeten doen, allereerst wat de verschuldigde gelden betreft. Het land heeft verplichtingen die voortvloeien uit meer dan veertig jaar lidmaatschap. Als beschaafd en betrouwbaar land moet het deze nakomen.

Dit wil dus zeggen dat de premier bereid moet zijn om in te gaan tegen degenen in haar land die helemaal geen akkoord willen. Het onderhandelingsstandpunt van de EU is redelijk. Het Verenigd Koninkrijk moet ook redelijk zijn. Het moet concessies doen om in de toekomst een harmonische en welwillende relatie te bewerkstelligen.

Theresa May heeft gezegd: „Ik wil duidelijk stellen dat geen akkoord beter is dan een slecht akkoord”. Laten we hopen dat ze dit niet gelooft. Geen akkoord is slecht voor iedereen. May heeft geen mandaat voor het dreigement dat ze heeft geuit om van het Verenigd Koninkrijk een land met lage belastingen en minimale regelgeving te maken, een ‘Singapore aan de Noordzee’. Zo’n strategie zou een interne verdeeldheid opwekken waarbij de gevechten over het referendum verbleken tot kindergekibbel.

Ik heb de hoop opgegeven dat Brexit nog is te vermijden. Dat wil niet zeggen dat we er blij mee moeten zijn. Maar het wil al helemaal niet zeggen dat het niks uitmaakt hoe de Brexit eruit komt te zien. De premier moet een overeenkomst sluiten waarin zoveel mogelijk van de economische, politieke en strategische relaties van het Verenigd Koninkrijk met de EU behouden blijven. De geschiedenis zal haar beoordelen op de mate waarin ze hierin slaagt.