Opinie

    • Japke-d. Bouma

Wie wordt de nieuwe bondscoach?

schrijft elke vrijdag over de taal van deze week. Vandaag: voetbalmetaforen.

Het is een enorme puinhoop bij Oranje, maar voor taalliefhebbers is het smullen geblazen. Want de metaforen die analisten, commentatoren en voetbalkenners gebruiken in hun zoektocht naar een nieuwe bondscoach, klotsen al de hele week tegen de plinten.

Het meest komt de bouwput voorbij. Als ik de experts mag geloven moet het Nederlands elftal weer helemaal „vanaf het fundament” worden opgebouwd. Niet alleen op het veld, maar ook bij de KNVB in Zeist. Alsof er een fragmentatiebom is ontploft, er geen stadion meer overeind staat en alleen cementmolens en een ingenieur de vlakte weer kunnen vullen.

Maar hij moet niet alleen kunnen bouwen, hij moet ook kunnen varen, die nieuwe bondscoach, op „het zinkende schip” en hij moet „een people’s manager” zijn, zo hoor ik overal. Ik weet nooit precies wat dat is, een people’s manager. Volgens mij doen alle managers iets met mensen. Maar misschien noemen ze het zo om een onderscheid te maken met managers die met honden werken, met paarden of konijnen.

Hoewel een konijn best handig zou zijn bij het Nederlands elftal. Zo hoorde ik de chef sport van de Telegraaf zeggen dat we nu een bondscoach nodig hebben die „Oranje dichter bij zijn wortels brengt”. Maar hij moet ook weten hoe het gras ruikt, weten hoe de hazen lopen en hij moet de weg weten in de Zeister bossen. Dan zul je zeggen dat je gewoon de borden moet volgen maar daar bedoelen ze iets anders, iets geheimzinnigs mee dat alleen een echte bondscoach weet.

O ja en een vrouw is dus niet de bedoeling. Ik opperde laatst dat ze mijn moeder moesten vragen. Die dreigde er vroeger wel eens mee om mij en mijn zus met de koppen tegen elkaar aan te kletsen als we ons niet gedroegen. Het lijkt mij dat zo’n aanpak heel goed zou werken bij sommige spelers. Maar nee, „ze moeten idolaat van je zijn als trainer”, zei Johan Cruijff al. En dat gaat natuurlijk never nooit lukken met een vrouw, zo hoor ik altijd in de voetbalpraatprogramma’s. Daar zitten sowieso nooit vrouwen en dat zal wel niet voor niets zijn.

In dat opzicht vond ik het dan ook vreemd dat een aantal voetbalkenners ervoor pleit dat de nieuwe bondscoach „een boegbeeld” moet zijn. Dat schreef bijvoorbeeld de hoofdredacteur van Voetbal International. Want ik ken boegbeelden vooral als van die grote, wulpse zeemeerminnen op de voorsteven van een schip. Het lijkt me dat het daar toch niet echt rustig van wordt, in de selectie.

Het lijkt me bovendien dat een boegbeeld wel het laatste is dat je wilt, op zo’n zinkend schip. Zeker als zo’n boegbeeld ook nog eens „een lang cv” en „de nodige bagage” moet meenemen zoals Co Adriaanse deze week uitlegde. Het lijkt mij dat het sloepje al gezonken is voor ze vertrekken met al die ballast. Om over de people’s skills van zo’n boegbeeld nog maar te zwijgen.

Ik vind de suggestie van Henk Krol tot nu toe de beste. Hij zei deze week tegen GeenStijl tv dat Rinus Michels het moet worden. Ik sluit me daar volledig bij aan. Michels heeft ballen, de mannen kijken tegen hem op en hij is een rechtvaardige people’s manager. Het enige nadeel is dat hij al in 2005 overleden is. Maar dan weet je in ieder geval zeker dat hij tegen zijn verlies kan.

Taaltips? Dat kan via @Japked
    • Japke-d. Bouma