Waarom niemand grip krijgt op Airbnb-verhuur

Toerisme

Buurtbewoners horen de rolkoffers door de straten ratelen, maar kunnen nergens heen met klachten over overlast. De gemeente heeft weinig zicht op wie wat mag verhuren. En verhuurders weten zich onder de regels uit te werken.

Negen plezierjachten in een haven bij de Nieuwe Meer in Amsterdam waren te huur via Airbnb. Foto Roger Cremers/ANP

Bewoners

Twee jaar geleden begon het Nico van Gog op te vallen – al die toeristen met rolkoffers onder zijn raam aan de Lijnbaansgracht in Amsterdam. Hotels waren er niet bijgekomen in zijn directe omgeving, dus er moest iets anders aan de hand zijn.

Inmiddels kan Nico vanachter zijn bureau dertien woonboten en woningen aanwijzen die volgens hem permanent aan toeristen worden verhuurd. Foto’s als bewijsmateriaal heeft hij in overvloed. Van steeds andere toeristen en poetsvrouwen op de stoep achter zijn huis. „Pure woningonttrekking”, zegt hij wijzend naar de witte gordijnen in een pand aan de overkant van de gracht. „Volstrekt illegaal.”

Zijn raam is niet zijn enige informatiebron. Van Gog, data-analist van beroep, heeft inmiddels een halve dagtaak aan het bestuderen en analyseren van vakantieverhuursites als Airbnb en Booking.com. „Ik doe dit uit bezorgdheid”, zegt hij. „Het laat het me maar niet los. Ik denk dat er zo’n vijfduizend illegale logeeradressen in Amsterdam zijn.”

Zijn vondsten deelt hij op Twitter, liefst met een sneer erbij naar de gemeente. Bij een schermafbeelding van een Airbnb-advertentie voor een woonboot bij het stadhuis: „Hahahandhaving, een dikkere fuck you is niet mogelijk: een illegale hotelboot met uitzicht op de Stopera!”

Bekijk de animatie over hoe Amsterdam met Airbnb worstelt

Bij een foto, door zijn raam genomen: „Zeven nieuwe kussens en werkster voor illegaal hotel bij mij aan de overkant, is verleden jaar gemeld en niemand doet wat!”

Er zijn meer bezorgde bewoners die zich als een soort privédetectives op de explosief toegenomen vakantieverhuur in de hoofdstad hebben gestort. Met een man of vijftien, allemaal even gedreven, vullen ze Pretpark Amsterdam – een geheimzinnig, maar invloedrijk socialmediaprofiel dat op Twitter en Facebook ageert tegen de drukte in de stad.

Pretpark wil met zijn dagelijkse stroom berichten over overtredingen aandacht vragen voor de „commerciële uitbuiting van de stad”. Maar dat willen ze alleen op basis van anonimiteit, zegt een van de drie mensen achter het initiatief. Na een contactverzoek van NRC belt een onbekend nummer. „Het gaat om de inhoud en niet om onze personen”, zegt een vrouwenstem. „De gemeente is traag en ze kennen hun eigen regels niet. Daarom doen we dit.”

Pretpark Amsterdam is succesvol, al is het maar omdat handhavers, topambtenaren en politici de berichten volgen. Soms volgen sancties of krantenartikelen op overtredingen die door Pretpark zijn geconstateerd. Of de berichten altijd juist zijn, is moeilijk vast te stellen. Verhuuradressen zijn een goed bewaard bedrijfsgeheim van sites als Airbnb. En verhuurders hebben er geen belang bij open kaart te spelen, waardoor vaak een welles-nietesdiscussie ontstaat. Wat ook niet helpt: de regels en registers van de stad zijn een rommeltje.

Van Gog ontdekte dat toen hij de gemeente via de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) vroeg om een overzicht van alle soorten vakantieverhuuradressen in de stad. Met gemeentelijke lijsten van hotelappartementen, bed-and-breakfast- en shortstayadressen zou hij kunnen vaststellen of verhuur op een bepaald adres was toegestaan – dacht hij.

Maar de lijsten bleken er niet te zijn. „Wel is een dergelijk overzicht in ontwikkeling”, schreef de gemeente hem. Slim zoeken in de krochten van het internet leverde Van Gog wel een aantal gedateerde lijsten met vergunningen op. Daarmee ontdekte hij dat sommige verhuurders van de gemeente bouwvergunningen hadden gekregen om een deel van hun huis tot apart toeristenverblijf te verbouwen, met eigen opgang en keuken. Terwijl dit soort gecreëerde vakantieappartementen volgens de bed-and-breakfastregels van diezelfde gemeente helemaal niet verhuurd mogen worden.

Lees ook: Amsterdam heeft geen overzicht van woningverhuur aan toeristen

„Het is één grote bende”, zegt Van Gog. „Toen ik de ambtenaar aan de telefoon vertelde dat ik wél een lijst had gevonden, vroeg ze mij of ik die naar haar wilde opsturen. Daar hadden ze wel wat aan. Ik zei: dan moeten jullie maar een WOB-verzoek bij mij indienen!”

Gemeente

Bezorgde bewoners en rechtgeaarde socialisten hebben ruwweg dezelfde belangen, zegt verantwoordelijk wethouder Laurens Ivens (Wonen, SP) op zijn werkkamer in het Amsterdamse stadhuis. „We hebben gezamenlijk één grote vijand: de pandjesbazen die illegale hotels uitbaten.”

Het grote probleem voor Ivens is de bewijslast. Hij wil niets liever dan toeristenwoningen „teruggeven aan de Amsterdammers”, maar een stevige wet die hem daarbij kan helpen is er niet. Daarom sluit de gemeente nu illegaal verhuurde woningen omdat de wasmachineaansluiting niet goed gezekerd is, of omdat er geen brandmelders zijn. Vorig jaar gebeurde dat 284 keer, een toename van 70 procent ten opzichte van het jaar ervoor. Maar het is een onbevredigende manier om het grotere probleem te tackelen, beseft de wethouder.

„Activisten en verontruste stadsbewoners kunnen hun ongenoegen spuien door een bericht op internet te plaatsen. Maar als wij in actie komen tegen een verhuurder, eindigen we vaak bij de rechter. Dan moeten we juridisch bewijs hebben. Het is een enorm ingewikkelde puzzel om dat rond te krijgen”, zegt wethouder Ivens. „We moeten daarvoor uit wel vier verschillende wetten shoppen.”

Lees ook: Airbnb weet dat het moet meebuigen

Wat niet helpt, is dat het huisvestingsbeleid van Amsterdam een lappendeken is – het resultaat van veertig jaar steeds wijzigende woonpolitiek in de hoofdstad. De brij aan wetten en regels werkt in de hand dat de gemeente geen goed overzicht heeft van de vakantiewoningen in de stad, zegt Ivens. Ook zijn sommige bestanden met gegevens over vakantieverhuur die de Amsterdamse stadsdelen over de jaren hebben aangelegd nog niet aan elkaar gekoppeld.

En dus hoopt Ivens op hulp uit Den Haag. Een Wet op toeristische verhuur, met daarin een meldplicht voor verhuurders, zou de handhavingsproblemen volgens Ivens in één klap oplossen. „Het zijn prachtige tijden voor een SP-wethouder”, zegt hij. „De markt faalt en het besef dringt door dat we het zonder sterke overheid niet afkunnen.”

Verhuurders

Hoewel er alleen al in Amsterdam 17.000 woningen op Airbnb worden aangeboden, is het verre van eenvoudig om verhuurders te spreken te krijgen. Zij verstoppen zich achter vage profielfoto’s en geven nauwelijks persoonlijke informatie – behalve platitudes als dat zij „dol zijn op reizen” en het leuk vinden om gelijkgestemden te ontmoeten.

Slechts een enkeling staat wel met naam en toenaam als verhuurder op de site. Zoals Frits Huffnagel, citymarketingspecialist en oud-wethouder van Amsterdam en Den Haag voor de VVD. Huffnagel („Hallo, ik ben Frits!”) woont in Amsterdam, vlakbij de RAI – een populaire locatie voor internationale congressen en conferenties. In het centrum van Den Haag heeft hij een pied-à-terre.

Toeristen kunnen bij Frits zijn ‘Amsterdam Big Apartment near Centre’ huren (250 euro per nacht; voor een klein beetje extra regelt hij ook een scooter) of zijn ‘Apartment in centre of The Hague’ (70 euro per nacht, er is volgens zijn advertentie „geen beter adres om te verblijven”). Heeft hij de een in de verhuur, zegt hij, dan slaapt hij in de ander.

„In Den Haag is Airbnb geen enkel probleem”, zegt Huffnagel. „Ze zien die extra toeristen graag komen. In Amsterdam houd ik me netjes aan de zestigdagenregel. Ik let op wie ik in huis haal. Vier jonge jongens uit Parijs laat ik er niet in. Ik verhuur mijn Amsterdamse huis vooral in weekeinden aan congresgangers. Ideale gasten zijn dat.”

Huffnagel, ooit geestelijk vader van de succesvolle campagne IAmsterdam – bedoeld om meer en welvarender toeristen naar de hoofdstad te lokken – vindt de ophef over Airbnb overdreven. „Als bewoner moet je je aanpassen aan de stad. De stad zal dat nooit aan jou doen. Regels moeten we handhaven, maar het wordt nou eenmaal steeds voller. De grachtengordel is Unesco werelderfgoed. Natuurlijk wil iedereen die zien. En wat dacht je van China? De groeiende middenklasse daar wil ook naar Amsterdam.”

Lees ook: Keurige kamers, louche praktijk

Bij die extra vraag hoort extra aanbod. Zo is het ‘Penthouse with a view’ (235 euro per nacht) van Leonora Nieuwenhuizen in de Jordaan een aantrekkelijk logeeradres, net als de twee andere appartementen die Nieuwenhuizen via Airbnb verhuurt.

De onderneemster kocht de appartementen toen haar zoon en dochter in Amsterdam gingen studeren, vertelt ze. Ze is oprichter van het meisjeskledingmerk Mim-Pi dat wereldwijd te koop is. Nooit had ze gedacht dat ze nog eens een paar Amsterdamse pandjes zou bezitten, maar toen de rente op haar vermogen de nul naderde, ging ze overstag. Inmiddels heeft ze veel plezier van haar pensioenbelegging: „Ik heb nog een derde huis in de Jordaan gekocht en rouleer met mijn kinderen. Vaak slapen we er zelf, soms zijn ze verhuurd via Airbnb, en soms heb ik er vrienden in zitten, of een agent die voor Mim-Pi in Amsterdam moet zijn.”

Het zijn nieuwe tijden, zegt Nieuwenhuizen, die zelf in een riant huis aan de rand van de duinen in het Noord-Hollandse Bergen woont. „Als je het te druk vindt worden in Amsterdam, kun je beter verhuizen. Zelf vind ik het heerlijk, al die mensen door elkaar heen. Een fijne mix van toeristen, expats en Jordanezen. Ik hoor die rolkoffers allang niet meer.”

Het was bewoner Nico van Gog die namen en rugnummers van deze verhuurders achterhaalde. Hij ontdekte ook een steiger in de Nieuwe Meer, een plas aan de rand van Amsterdam, die in zijn geheel via Airbnb werd verhuurd. Negen oude plezierjachten, met namen als ‘Beach1400’ en ‘Sirene’, liggen daar dicht tegen elkaar aan in een rommelig stukje jachthaven. Maar de advertenties beloofden een ‘traditional houseboat experience’, voor 160 tot 270 euro per nacht, afhankelijk van de staat van de boot en het aantal slaapplaatsen.

De boten blijken eigendom van Dirk Oerlemans, de broer van tv-producent Reinout Oerlemans. Hij biedt ze niet langer aan via Airbnb, vertelt hij vanuit Den Haag, waar hij een vastgoedbedrijf runt. „We verhuren ze nu via onze eigen site Rentmyboats.nl. We wilden weg van de negativiteit rondom Airbnb. Wij verhuren immers pleziervaartuigen, geen hotelkamers of huizen.”

Dat het Oerlemans menens is, blijkt een week nadat NRC navraag deed naar de bootjes. De site is dan „met oog op het nieuwe seizoen geactualiseerd”. De naam en het bankrekeningnummer van zijn vader („eigenaar van enkele bootjes”) is van de site verdwenen. Ook ligt de nadruk niet meer op het bezoeken van Amsterdam, maar op de mogelijkheden om een „unieke Hollandse vaarvakantie” te realiseren.

Reageren: onderzoek@nrc.nl

    • Merijn Rengers
    • Mirjam Remie