Van haar lichaam maakte Yves Klein kunst

Anthropometries Elena Palumbo-Mosca maakte jarenlang met beeldend kunstenaar Yves Klein ‘anthropometries’, afdrukken van haar lichaam in verf. In Bozar, Brussel is nu een tentoonstelling over Klein.

Elena Palumba-Mosca stort zich in de woonkamer van Yves Klein op het doek, rechts Klein zelf, 1961 Foto RENE BURRI/MAGNUM PHOTOS/Hollandse Hoogte

Wie is ze? Als haar gezicht in het museum zou hangen, zou ik haar waarschijnlijk wel herkennen, ook al is het nu 57 jaar geleden dat ze werd vastgelegd. Maar alleen haar borsten, buik en dijen zijn in het Brusselse Bozar te zien, en dat zijn nu eenmaal lichaamsdelen die minder makkelijk te herkennen zijn dan ogen, neus en mond, al komt dat waarschijnlijk vooral omdat ze meestal onder stof verstopt zijn; borsten verschillen onderling immers meer van vorm dan ogen. Kijk alleen al naar het verschil in grootte: bij ogen gaat het om millimeters verschil, bij borsten om centimeters. Van AA naar FF. Voor bh’s bestaan meer maten dan voor brillen. Elena Palumbo-Mosca herkent de hare evenwel meteen. Dit zijn ze, zegt ze, nee dit is zij, want ze herkent ook haar buik en haar dijen. En dus sta ik twee keer voor dezelfde vrouw: in 2017 en uit 1960; 82 en 25; eenmaal in levende lijve, klein en onopvallend gekleed in bruin en grijs, en eenmaal op papier, blauw, bloot en hoofdloos, alsof van het individuele geval Elena Palumbo-Mosca alleen de vrouwelijkheid is overgebleven. Want ook al verschillen vrouwen nogal van vorm, die van haar nadert het midden genoeg om van een vrouw de vrouw te maken, zoals zij al eeuwen musea bevolkt; een anonieme Aphrodite of Eva, een Maria, een Marianne. Cup C.

En toch is haar band met het kunstwerk intiemer dan zelfs bij de meeste portretten het geval is. Het is niet alsof Oopjen Coppit opeens naast haar portret door Rembrandt staat, of Beatrix naast de Beatrix van Luc Tuymans. Elena’s portret is geen afbeelding maar een afdruk. Ze smeerde op een avond in 1960 in de woonkamer van Yves Klein haar lichaam in met blauwe verf en drukte het tegen het papier. Klein pochte dat hij dankzij deze ‘anthropométries’ zijn handen niet meer vuil hoefde te maken om een schilderij te maken. Het was ook een van de manieren waarop Klein eind jaren vijftig uit de ‘gevangenis van het schilderij’ wist te ontsnappen en een van de spannendste kunstenaars van de twintigste eeuw werd, een conceptuele mysticus die zichzelf als merk in de markt zette. Een andere vluchtroute vormden zijn roze, gouden en blauwe monochromen, die hij soms ook door zijn ‘levende penselen’ liet maken. En de leegte – Klein was de eerste die een lege galerie tentoonstelde. Met de anthropométries was hij ook een van de pioniers van de performancekunst.

Zo ging Klein te werken.

De Italiaanse Elena Palumbo-Mosca (Turijn, 1935) leerde Yves Klein kennen toen ze in de jaren vijftig au pair was bij het gezin van de met Klein bevriende kunstenaar Arman in Nice. Omdat ze naar de filmacademie wilde, ging ze met Klein mee naar Parijs. In een Brussels café vraag ik haar daar weer heen te gaan, naar de rue Campagne-Première, waar ze een tijdje bij Klein inwoonde.

„Het was een leuke, grappige tijd, een tijd van vrienden en feesten. Eenmaal in Parijs bleek de filmacademie te duur te zijn. Toen schreef ik me in voor de opleiding tolk/vertaler. Overdag ging ik naar de universiteit en ’s avonds danste ik om geld te verdienen in nachtclubs.”

Waarom vroeg Yves Klein u voor de anthropométries?

„Door mijn ervaring als danseres was ik gewend om mijn lichaam op een esthetische manier te gebruiken. Ook had ik als kind aan schoonspringen gedaan, ik was zelfs jeugdkampioen van Italië geweest. Ik kon Yves’ instructies daarom heel precies opvolgen. De andere vrouwen die hij vroeg waren ook danseressen of schildersmodellen. Zijn vrouw Rotraut heeft ook wel meegedaan, maar alleen privé, niet in het openbaar.”

Waarom niet?

„Ze was zijn echtgenote, dat was niet gepast geweest.”

Hoe vond u het om naakt te zijn voor een publiek dat ook in de kunstwereld voornamelijk uit mannen bestond?

„Ik ben heel bijziend, dus als ik mijn bril niet ophad, zag ik ze niet. En hoe dan ook: showbusiness is showbusiness, of je nou een gedicht voordraagt of je kleren uitdoet, je staat op het toneel en je doet wat je moet doen.

„Eigenlijk hebben we maar één keer voor publiek opgetreden, in de Galerie Internationale in de rue Saint Honoré in 1960. En er was ook publiek toen we de water en vuur-werken maakten, al was dat niet de bedoeling. Dat was in het laboratorium van een gasfabriek, in een heel grote ruimte. Het was ijskoud en we werden ook nog besproeid met koud water. Samen met nog een meisje moesten we onze natte lijven tegen een stuk karton drukken, dat daarna door Yves met een grote gasvlam werd bewerkt. Boven hadden zich een paar arbeiders verstopt en die genoten ook van het schouwspel, maar niet vanuit een artistiek oogpunt…”

„Meestal maakten we de anthropométries gewoon bij Yves thuis. De verf liet zich na afloop makkelijk weghalen, het was verf op waterbasis, die ging er gewoon met afwasmiddel af. En daar waren wel vaak vrienden bij, zoals Pierre Restany en de Amerikaanse kunstenaar Alex Kosta, die verkleed als brandweerman ook in de sessie in de Gaz de France aanwezig was.”

Gebruikte Klein nooit mannen als levende penselen?

„Niet waar ik bij was. Ik heb daar in die tijd ook nooit bij stil gestaan. Die uitdrukking ‘levende penselen’ is overigens niet bedacht door Yves, maar door Pierre Restany, de filosoof van de nouveau realistes.”

Elena Palumba-Mosca bij haar anthropometrie

Waarom maakte hij geen anthropometrie met bijvoorbeeld Pierre Restany?

„Dat was geen mooie jonge man. Misschien wilde Klein met de anthropométries juist wel zeggen dat de toekomst vrouwelijk was, net als het verleden. Ze denken nu dat de kunst uit de prehistorie, waar Yves erg in geïnteresseerd was en die ook wel verwantschap vertoont met de anthropométries, door vrouwen is gemaakt. Yves had juist veel respect voor vrouwen. Zijn moeder was een kunstenaar, en zijn vrouw ook.”

Waarom hebben de anthropométries nooit gezichten?

„Het was Yves te doen om het overbrengen van energie. In Japanhad hij geleerd dat de meeste energie in het midden van het lichaam zit, in de hara, vlak onder de navel .”

Yves Klein stierf een paar maanden na de sessie bij Gaz de France. Is u wel eens gevraagd door te gaan met de anthropométries?

„Dat is me wel een paar keer gesuggereerd. Maar Klein was de auteur, zonder hem doorgaan zou incorrect zijn geweest. De anthropométries waren het resultaat van samenwerking. Yves was het brein, maar wij waren meer dan modellen. Ik zou zeggen: we waren geen levende maar denkende penselen.”

Bent u wel doorgegaan met dansen?

„Daar ben ik mee gestopt toen ik een baan kreeg bij de Europese Commissie. Of nee, ik heb nog een keer opgetreden voor de Amerikaanse troepen in Parijs omdat ik dat al had afgesproken.”

Wat deed u voor nummers?

„Ik danste de charleston. En ik had een act waarbij ik een man uit het publiek op het podium vroeg. Die mocht mij dan uitkleden. Maar ik kleedde ook hem uit. Als we helemaal naakt waren, ging ik naar de kleedkamer en liet hem op het podium achter. Na mij kwam een zangeres en dan stond die man daar nog, zonder te weten wat hij moest doen, een beetje ontredderd. Dat was een mooi nummer.”

Yves Klein: Theater van de leegte. Bozar, Brussel. T/m 20 augustus. Inl. bozar.be

Een interview met Elena Palumbo-Mosca in Tate.