Servië handelt met de EU, maar houdt van Rusland

Verkiezingen Servië Servië is pro-Russisch én pro-Europees. Maar hoelang nog? Presidentskandidaat Aleksandar Vucic pronkt met zijn band met Poetin. „Je hoort de geruchten: ‘De EU wil ons niet.’”

Een vrouw staat in Belgrado bij een groot spandoek dat is opgehangen bij een regeringsgebouw en waarop de gezichten zijn afgebeeld van de honderden slachtoffers die vielen bij de NAVO-bombardementen op Joegoslavië in 1999. Foto Pierre Crom

Meneer Vlasenko in het centrum. Foto Roeland Termote

In een magazijn op een bedrijventerrein in Nis, een industriestad in het zuiden van Servië, staan tenten, duikerspakken en reddingssloepen uitgestald voor bezoekende journalisten en lokale studenten. Vjatsjeslav Vlasenko, de Russische co-directeur van dit centrum voor rampenbestrijding, somt de gulle geschenken van zijn regering aan de Servische bevolking op: gloednieuwe brandweerwagens, blusrobots en Lada Niva-terreinwagens. Bij bosbranden komen Russische blusvliegtuigen aanvliegen op de aanpalende luchthaven.

Westerse media speculeren dat het in 2012 opgerichte centrum een dekmantel is voor een Russisch spionnennest. Politiek gemotiveerde onzin, vindt co-directeur Vlasenko. Gelukkig schrijven Servische media vol lof over „de broederlijke gift”. Vlasenko: „Onze reddingswerkers waren de eersten om Servië te helpen bij overstromingen in 2014.”

In de aanloop naar de presidentsverkiezingen van aanstaande zondag staan Servische kranten vol met het nieuwste ophef veroorzakende cadeau uit het Kremlin. Presidentskandidaat en huidig premier Aleksandar Vucic kreeg bij een bezoek aan de Russische president Vladimir Poetin de bevestiging dat Moskou zes MiG-29-jachtvliegtuigen zal overdragen aan haar bondgenoot in de Balkan.

De voormalige ultranationalist Vucic pronkt wat graag met zijn goede betrekkingen met de Russische bondgenoten. Maar ook vooruitgang in de Servische EU-toetredingsonderhandelingen zijn een centraal campagnepunt. Pro-Russisch én pro-Europees: in Servië kan het moeiteloos. De vraag is: hoelang nog?

Slavische broedernatie

Bijna de helft van de Serviërs is voor de toetreding tot de Europese Unie. Slechts 29 procent is tegen. De EU, met haar moderne snelwegen en functionerende welvaartsstaten, is de voornaamste emigratiebestemming voor jonge Serviërs die opgroeiden met Engelstalige televisie en popmuziek. En de EU is de grootste handelspartner van Servië.

Spartak-rode ster affiche. Foto Roeland Termote

De band met de Slavisch-orthodoxe ‘broedernatie’ Rusland is veel meer een gevoelskwestie. Fans van voetbalclub Spartak Moskou, afgereisd naar Belgrado voor een wedstrijd tegen de lokale club Rode Ster, juichten afgelopen week overal waar ze kwamen de inwoners toe. „Russen, Serviërs: broeders voor het leven”, klonk het in gebrekkig Servisch. Het is geen loze slogan: volgens opiniepeilingen piekte het aantal Serviërs met een positieve mening over Rusland de afgelopen jaren tot meer dan 70 procent. Ongeveer dubbel zo veel als zij die uitgesproken gunstig staan tegenover de EU.

Het verschil in sentiment is deels verklaarbaar door de Russische steun voor het Servische standpunt inzake Kosovo. Die voormalige provincie, die in 2008 de onafhankelijkheid uitriep, wordt door Belgrado nog steeds als onderdeel van Servië gezien. De 78 dagen durende NAVO-bombardementen die in 1999 de Kosovo-oorlog beëindigden, leidden bovendien tot diepe Servische wrok jegens het trans-Atlantische bondgenootschap.

Maar de gevoelskloof is ook een gevolg van het discours dat Servische politici en de overwegend regeringsgezinde media voeren over Rusland en Europa. De voordelen van de EU krijgen bescheiden aandacht in vergelijking met de steun uit Moskou. De oprichting van een Servische afdeling van het Russische staatspersbureau Spoetnik, dat gratis nieuwsbulletins levert aan radiostations door het land, deed de balans nog een beetje verder overhellen.

Een concreet gevolg: hoewel de EU sinds 2000 3 miljard euro uittrok voor steun aan Servië, denkt een kwart van de bevolking onterecht dat Rusland de grootste donateur is.

Lees ook: Treinrel zet relatie Kosovo en Servië onder druk

Kwaad daglicht

Ook de zelfverklaarde pro-Europeaan Vucic schroomt ondertussen niet om politiek garen te spinnen uit aanvallen op EU-vertegenwoordigers. In 2015 beschuldigde hij het hoofd van de EU-delegatie in Belgrado ervan media om te kopen om controversiële contracten die zijn regering afgesloten had in een kwaad daglicht te stellen. Journalisten waarschuwden vervolgens dat Europese en Amerikaanse ambassadeurs revolutie wilden ontketenen tegen Vucic.

Een gerucht dat blijft hangen. „Ik zie het als mijn burgerplicht om tegen pro-westerse partijen te stemmen,” zegt Uros, een 24-jarige rechtenstudent aan de Universiteit van Belgrado die zijn hond uitlaat op een promenade bij de Donau. „Zij werken voor andere westerse overheden, niet voor ons.” Zijn wantrouwen lijkt ook de media te gelden: hij wil niet met familienaam in deze Nederlandse krant.

Uros stemt niet op premier Vucic, die alomtegenwoordig is in krantenkiosken, op reclamepanelen en in televisieprogramma’s. Wel overweegt hij een stem voor Vojislav Seselj. Die voormalige mentor van premier Vucic rekruteerde in de jaren negentig leden voor milities die vochten in naam van een etnisch homogeen ‘Groot-Servië’. Nu is hij voorstander van het samensmelten van de Russische en Servische legers. Met onophoudelijke ‘Servië, Rusland, we hebben de EU niet nodig’-gezangen overschreeuwden de parlementariërs van zijn Servische Radicale Partij onlangs een toespraak van EU-buitenlandchef Federica Mogherini in het Servische parlement.

Duister oorlogsverleden

Jelena Milic. Foto Roeland Termote

Dit soort stemmingmakerij doet vragen rijzen over de vraag hoe oprecht Belgrado is met haar Europese ambities. Europese druk om wijdverbreide corruptie op geloofwaardige wijze aan te pakken of om eindelijk een nieuwe aanklager voor oorlogsmisdaden te benoemen, lijkt de lokale elite niet te bevallen. „De movers en shakers rondom Vucic willen vooral geen moeilijke Europese aanbestedingsprocedures,” zegt Jelena Milic, directeur van de pro-NAVO denktank Centrum voor Euro-Atlantische Studies en prominent critica van de premier. „En binnen de veiligheidsdiensten vind je machtige mensen met een duister oorlogsverleden”.

Milic krijgt bedreigingen wegens haar pro-westerse standpunten en stond onder politiebescherming. Op haar bureau ligt een exemplaar van de krant Srpski Telegraf, waarin Seselj over haar zegt: „Hoe ik haar zou doen zwijgen, is niet geschikt om over de telefoon te vertellen .”

Zo lijken de EU en Servië uit elkaar te groeien. „De regering zegt dat ze bij de EU wil, maar dat moet ze ook tonen,” zegt een diplomaat uit een Europees land. „Dat wil zeggen: niet langer weigeren om mee te doen met Europese sancties tegen Rusland.”

Vucic zelf waarschuwt dat juist Europese uitbreidingsmoeheid de stabiliteit op de Balkan bedreigt. „Je hoort de geruchten: ‘de EU wil ons niet.’ En dan zoeken mensen wat anders”, zei hij tegen persbureau Reuters.

„Mensen worden meer nationalistisch, en maand na maand zie je een kleine daling in de populariteit van de EU en een kleine stijging in de populariteit van Rusland.”

    • Roeland Termote