Opinie

‘Poetin maakt de drempel naar een nucleaire oorlog lager’

Voor Poetins Rusland is de nucleaire optie niet langer de ultieme afschrikking, schrijft politicoloog . Onder een assertieve Trump dreigt een nieuwe wapenwedloop.

Kernwapens zijn een van Ruslands belangrijkste statussymbolen en internationale machtsinstrumenten. Met het permanent lidmaatschap van de Veiligheidsraad van de VN geven zij het land een basis onder de claim een grootmacht te zijn die op gelijke voet met de VS staat.

Er zijn in de wereld naar schatting zo’n 14.900 kernwapens, 93 procent daarvan is in het bezit van de Verenigde Staten en Rusland. De verdeling is ongeveer gelijk: 6.800 van de VS en 7.000 van Rusland. Het restant is in handen van zeven andere landen.

Net als haar Sovjet-voorgangers is de hedendaagse machtselite in Moskou geobsedeerd door handhaving van feitelijke of vermeende ‘strategische pariteit’ met de VS. Rusland reageerde met nauwverholen irritatie op opmerkingen van president Obama dat Rusland slechts „een regionale macht” is. Maar sinds de Koude Oorlog heeft het Kremlin zijn terminologie gewijzigd. Wereldpolitiek wordt niet meer als bipolair maar als multipolair voorgesteld. Rusland spreekt niet meer van „pariteit met de VS”, maar spreekt van een „wereldwijd strategisch evenwicht” of „wereldwijde strategische stabiliteit”, alsof het tevens rekening houdt met andere kernmachten.

Objectief gesproken is Donald Trump een bedreiging voor de Russische opvatting van stabiliteit. Hij wil Amerika weer ‘great’ maken. Net als zijn Russische tegenspeler definieert hij dat in de eerste plaats in termen van militaire hard power. Hoe vaag en tegenstrijdig zijn uitspraken ook zijn, Trump heeft voortdurend gezegd dat de regering-Obama Amerika’s militaire macht heeft verzwakt en dat daardoor de invloed van de VS in de wereld is afgenomen. Niemand neemt Amerika nog serieus. Dit moet veranderen.

Het programma van de Republikeinse Partij verplicht zich „de militaire macht van de VS weer tot de sterkste ter wereld te maken”. Trump wil dat de VS het „kernwapenarsenaal flink versterken en uitbreiden zolang de wereld niet bij zinnen is gekomen aangaande nucleaire wapens. [...] Zolang landen nukes hebben, moeten wij de aanvoerder van de troep zijn.”

Op één punt heeft Trump gelijk: Poetins Rusland heeft veel meer aandacht geschonken aan kernwapens. Het heeft zich bijzonder ingespannen om zijn strategische lanceerinstallaties ter land en ter zee te moderniseren om honderden kernkoppen te kunnen inzetten tegen de VS. Het belangrijkste afschrikwekkende middel blijven de intercontinentale ballistische raketten (ICBM’s).

Lees ook: Een kernoorlog is zo uitgebroken

In 2016 testte Rusland weer een nieuwe raket, de RS-28 Sarmat, een reus van honderd ton met minimaal tien kernkoppen die van Amerika’s Minuteman III (39 ton) een dwerg maakt. De Sarmat kan een kernkop in een vrijwel volledige baan om de aarde brengen – en zo elke plek op de aardbol raken. Ook het maritieme onderdeel van Ruslands kernmacht wordt snel gemoderniseerd. De onderzeeboten van de nieuwste Borei-klasse herbergen 16 tot 20 ICBM’s en kruisraketten met een maximumbereik van 8.000 km. Vóór 2020 moeten 8 Boreis operationeel zijn.

De strategische luchtmacht van Rusland is nu slechts een fractie van die in de Sovjet-tijd en verre van indrukwekkend. Maar een moderne toevoeging zijn kruisraketten met groot bereik, waarvan één type (met conventionele lading) in 2015 door Rusland in Syrië werd ingezet. Rusland houdt ook vast aan een groot aantal zogeheten tactische kernwapens, voor de korte afstand, als slagveldwapen.

Dit alles voedt het vermoeden dat Moskou de drempel voor het gebruik van nucleaire wapens verlaagt en nieuwe kernkoppen met beperkte capaciteit ontwikkelt. Anders dan de Sovjet-Unie, die het zogeheten no first use-beleid onderschreef, heeft de Russische Federatie die belofte al in haar militaire doctrine van 1993 expliciet verworpen.

Omdat zijn conventionele strijdkrachten in de economische meltdown van de jaren negentig verzwakten, omarmde Rusland het standpunt dat het land, bij een nederlaag van zijn conventionele leger, zijn toevlucht zou nemen tot kernwapens. Ook de nieuwste militaire doctrine, uit 2014, stelt dat Rusland kernwapens zal gebruiken in situaties „die het voortbestaan van de staat bedreigen”.

In augustus 2007 kondigde Poetin aan dat de Russische luchtmacht zijn reguliere langeafstandspatrouillevluchten met nucleaire bommenwerpers boven de wereldzeeën zou hervatten, na een stop van vijftien jaar. De conclusie was dat voor Rusland de militair-politieke confrontatie met de VS en de NAVO nooit was gestopt of weer was geopend.

Een ander voorbeeld vormen de Iskander-raketten, die ook kunnen worden uitgerust met kernkoppen. Moskou beweert dat dit wapen een tegenwicht is voor een raketschild in de Oost-Europese NAVO-landen, en heeft in 2014 en 2015 Iskanders – in elk geval tijdelijk – gestationeerd in zijn exclave Kaliningrad. De Iskander, met een actieradius van 400 à 500 kilometer (genoeg om Berlijn te bereiken), is niet in strijd met het INF-verdrag uit 1987, dat raketten met een bereik van meer dan 500 kilometer verbiedt.

Lees ook: Poetin wil meer kernwapens - en de VS ook, twittert Trump

Iets soortgelijks doet Moskou op de Krim. „De Krim valt nu onder een regering die [kernwapens] heeft”, zei minister van Buitenlandse Zaken Lavrov in december 2014, „en de Russische regering heeft, overeenkomstig het internationaal recht, het volste recht om zijn nucleaire arsenaal te plaatsen waar het zijn belangen dient.”

Zo heeft Rusland opzettelijk de gedachte ingang doen vinden dat een kernoorlog in Europa denkbaar is. Militaire oefeningen tonen dat de Russische strijdkrachten in staat zijn tot verschillende soorten nucleaire operaties. NAVO-secretaris-generaal Stoltenberg zei in zijn jaarrapport van 2015 dat de Russische luchtmacht twee jaar eerder de facto „een simulatie van een kernaanval” op Zweden had uitgevoerd.

De Oekraïne-crisis ging gepaard met een aantal nucleaire signalen zonder precedent. Russische politici uitten im- en expliciete nucleaire dreigementen tegen de NAVO. Zo waarschuwde Poetin de NAVO in augustus 2014 „niet te rotzooien met kernwapenmacht Rusland” en in maart 2015 zei hij dat hij tijdens de annexatie van de Krim bereid was geweest de kernmacht in staat van paraatheid te brengen.

Er is intussen geen enkele indicatie dat de twee kernwapengrootmachten streven naar beperking van hun arsenalen. Het laatste wapenbeheersingsakkoord tussen de VS en Rusland, het nieuwe START-akkoord uit 2010, staat beide landen 1.550 kernkoppen toe. Maar het verdrag stelt geen beperking aan niet-strategische kernwapens of modernisering van arsenalen. Beide landen werken aan substantiële moderniseringsprogramma’s.

Poetins Rusland nam het voortouw. Het land wil weer een grootmacht worden, en daarbij denkt men vooral in militaire termen. De machtselite in Moskou blijft gericht op de Verenigde Staten. Het land streeft naar integratie van conventionele en nucleaire wapens. Het draagt daarmee het idee uit dat kernwapens aan twee kanten niet langer de ultieme garantie zijn tegen een allesverwoestende oorlog, maar gewoon een uitbreiding van een conventionele oorlog is. Dergelijke gevaarlijke misvattingen worden nog versterkt door Poetins gebruik van nucleaire wapens als dreigmiddel in de buitenlandse politiek. Een nieuwe kernwapenwedloop ligt op de loer.

In een eerdere versie van dit artikel staat dat de Russische Iskander-raket een geschat bereik heeft van 700 kilometer. Dit moet zijn: 400 à 500 kilometer. Daarmee zou dit wapen, anders dan vermeld, geen schending van het INF-verdrag vormen. Dat is aangepast.