De rechters zijn klaar, maar de verdachte van verkrachting is er wéér niet

Foto Koen Suyk / ANP

De eerste keer dat zijn zaak behandeld zou worden, was hij er niet. Geen geld voor een treinkaartje, liet de 22-jarige verdachte toen via zijn advocaat weten.

Donderdagochtend moest de man, die ervan wordt verdacht in mei 2015 een destijds twaalfjarig meisje te hebben verkracht, opnieuw voorkomen in Zwolle. Maar na aanvang van de zaak, in een afgeladen rechtszaal, bleek dat de verdachte er wéér niet was. En dat terwijl de rechters, die de man „in de ogen willen kijken en vragen willen stellen”, zoals de rechtbankvoorzitter zei, een bevel tot medebrenging hadden uitgevaardigd. De politie haalt dan een verdachte op en dwingt die naar de zitting te komen.

„Ik was in de overtuiging dat hij hier gewoon was”, zei een verbouwereerde officier. Nadat de officier de politie in Utrecht had gebeld (de verdachte woont in die regio) verklaarde ze dat het bevel daar „niet goed was doorgekomen”. Dat was extra pijnlijk omdat het meisje, dat zegt door de verdachte een trein in te zijn gesleurd en daarna onder bedreiging van een mes in een trein-wc te zijn verkracht, voor de tweede keer naar de zitting was gekomen, met haar ouders.

Dat de verdachte er weer niet was, was ook opmerkelijk omdat hij tot dinsdag nog had vastgezeten voor een ander vergrijp. Als er een bevel tot medebrenging ligt, wordt een verdachte meestal nog even vastgehouden.

De voorzitter van de rechtbank hield vast aan de wens de zaak in het bijzijn van de verdachte te behandelen. Daarom werd de politie alsnog op pad gestuurd. „Als het nodig is, cancellen we andere zaken vandaag. Deze zaak heeft prioriteit.” Maar de verdachte bleef onvindbaar en de zaak moest, opnieuw, worden aangehouden. De rechtbankvoorzitter beloofde het meisje zo snel mogelijk de zaak te zullen behandelen. Maar dan moet eerst de verdachte worden gevonden. Overigens ontkent die dat hij het meisje heeft verkracht, zegt zijn advocaat. (NRC)

    • Merel Thie