Poolonderzoek

Het ijs op de Noordpool wordt zo dun dat algenbloei onder ijsplaten normaal wordt

Algen van de soort Chaetoceros. Foto Peter Bryant/UCI

Sinds ongeveer 2010 groeien steeds vaker algen onder drijvend ijs rond de Noordpool. De algen profiteren van het dunner wordende ijs, waaronder meer zonlicht doordringt.

In een woensdag gepubliceerd artikel in het wetenschappelijke tijdschrift Science Advances is berekend dat in de zomers van 2006 tot 2015 onder 21 procent van het ijsoppervlak van de Noordpool algengroei mogelijk is. Twintig jaar eerder was dat nog maar 3 procent.

De berekeningen van een Amerikaans/Brits-team komen overeen met observaties van poolonderzoekers. Als zij zeewater van onder het Noordpool-ijs opschepten, bleken daar de afgelopen jaren soms op grote schaal algen in te groeien. De veranderingen zijn belangrijk, omdat algenbloeien de basis zijn van de voedselketen van de poolzee.

Het poolijs wordt dunner: het is vaker 0,5 tot 2 meter dik, in plaats van 2 tot 4 meter. Ook liggen er waterplasjes op, die meer zonlicht absorberen dan wit ijs. Beide verschijnselen dragen bij aan de algengroei, maar dunner ijs is cruciaal.

In juli 2011 is een algenbloei onder het ijs voor het eerst duidelijk waargenomen, in de Chukchi Zee bij Alaska. Sindsdien zijn er vaker zulke waarnemingen gedaan, zoals in mei 2015 ten noorden van Spitsbergen. Onderzoekers die afgelopen januari over die algenbloei publiceerden, denken dat de (van bovenaf onzichtbare) algengroei onder het Noordpool-ijs massaal kan zijn. Satellietmetingen zouden de ‘plantengroei’ in de Noordelijke IJszee daardoor met wel een factor tien kunnen onderschatten.

    • Hester van Santen