Geen braindrain uit Nederland

Wetenschap

De komst van buitenlandse of terugkerende wetenschappers compenseert de uitstroom van wetenschappelijke kennis uit Nederland.

Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

Er is per saldo geen sprake van een uitstroom van Nederlandse wetenschappelijke kennis naar het buitenland. Het aandeel wetenschappers dat vertrekt wordt gecompenseerd door buitenlandse wetenschappers die naar Nederlandse universiteiten komen. Er is wel iets meer uitstroom dan instroom, maar de instromende hoogleraren – buitenlanders of terugkerende Nederlanders – zijn net iets beter dan de wetenschappers die uit Nederland vertrekken. Dat blijkt uit onderzoek naar de internationale mobiliteit van wetenschappers door het Rathenau Instituut in Den Haag.

Het aandeel buitenlands wetenschappelijk personeel aan Nederlandse universiteiten steeg van 20 procent in 2005 naar 33 procent in 2015. Zij kunnen steeds gemakkelijker hier werken, omdat het aantal Engelstalige bachelor- en masteropleidingen groeit. Volgens het internationaal vergelijkende onderzoek U-Multirank ontstaat er ook steeds grotere diversiteit tussen Nederlandse universiteiten en hogescholen met veel of weinig Engelstalige opleidingen. Nederlandse wetenschappers horen samen met Britse en Canadese tot de mobielste ter wereld, blijkt uit een studie van Elsevier.

Zorgen over vertrek

Er zijn veel zorgen over het vertrek van prominente geleerden uit Nederland. Een spectaculair geval was de jonge hoogleraar en chemisch scheidingstechnologe Maaike Kroon die een week nadat ze was uitgeroepen tot Wetenschapstalent van 2015 aankondigde dat ze zou vertrekken naar een universiteit in Abu Dhabi. Daar kon ze een eigen onderzoeksinstituut met laboratorium opzetten.

Volgens het Rathenau Instituut is er sprake van een wereldwijde strijd tussen landen om toponderzoekers binnen te halen. In Nederland wordt er niet zo hard aan grote talenten getrokken. De prominente hoogleraren die door het Rathenau Instituut waren ondervraagd, zeiden dat ze gewoon hadden gesolliciteerd: er was geen sprake van een gevecht om hun diensten.

Onderzoeksinstellingen willen meer ruimte om te onderhandelen over salaris, arbeidsvoorwaarden, carrièremogelijkheden en een onderzoekspakket om topwetenschappers aan te trekken. Hoogleraren verdienen in Nederland, internationaal gezien, een gemiddeld salaris, maar in de VS en in het Verenigd Koninkrijk kan het anderhalf tot twee keer zo hoog zijn. De overheid en de onderzoeksinstellingen zouden volgens het Rathenau Instituut meer moeite moeten doen om Nederlandse wetenschappers terug uit het buitenland te halen, omdat zij meestal beter dan gemiddeld zijn.

Binding van jongeren

Het aantrekken van jonge onderzoekers uit het buitenland is geen probleem, maar het is moeilijk om de beste wetenschappers te binden aan Nederland. Er is geen vervolgselectie op de jongeren en het ontbreekt hun aan een toekomstperspectief. De NWO-subsidies bieden weinig steun, omdat ze een te laag slagingspercentage hebben. De onderzoeksinstellingen zouden buitenlandse onderzoekers ook beter kunnen ondersteunen bij hun integratie in de Nederlandse samenleving. Daar staat tegenover dat volgens het Rathenau korte sabbaticals van drie maanden voor inkomende en vertrekkende wetenschappers meer deling van kennis opleveren dan permanente vestiging.

    • Maarten Huygen