Recensie

Feministische fabel tegen boze witte man

Beauty and the Beast Ooit leerden meisjes via dit sprookje vol freudiaanse elementen berusten in een gearrangeerd huwelijk met een lelijkerd. De versie van Disney is feministisch en anti-populistisch.

Emma Watson als Belle in de live action-versie van Beauty and the Beast.

Meisje, moet je trouwen met een grote harige man? Zo’n enge, met neusharen en een dikke vacht op zijn borst? Schrik niet van zijn dierlijke behoeftes, mettertijd ga je heus van hem houden. Dan blijkt vast dat onder dat schrikwekkende uiterlijk het karakter van een lieve prins schuilt. Dat, in het kort, is de moraal van La Belle et la Bête, beter bekend als Beauty and the Beast.

In de versie althans van Jeanne-Marie Leprince de Beaumont die in 1756 verscheen in het Magasin des Enfants, een opvoedkundig tijdschrift voor jonge meisjes. Zij moesten als aanstaande echtgenotes een voorbeeld nemen aan Belle, die met geduld en zorg haar Beest transformeert tot keurig gesoigneerde huisman. Van woeste jager tot gematigde gade – ziedaar de beschavende kracht van de vrouwelijke deugd.

Vóór 1756 deden al vele versies van het verhaal de ronde. Gouvernante Leprince de Beaumont bewerkte die tot een behapbare versie, met een heldere boodschap aan de doelgroep, die in die tijd nog geregeld werd uitgehuwelijkt. Dit sprookje moest ze verzoenen met hun lot.

Monsterbruidegom

Maar die interpretatie was gelukkig een tijdelijke trend. Het thema van de monsterbruidegom is veel ouder, kent volkse oerversies van Azië tot Afrika, met kikkers, tijgers of apen als gemaal, en heeft zijn wortels in de Griekse mythe over Eros en Psyche.

Al die versies hebben één ding gemeen: ze gaan over seks. Het beest staat voor dierlijkheid, en dierlijkheid betekent seksualiteit, zeker als dat wordt gecontrasteerd met de reinheid van een jong meisje. Zo was het sprookje een vorm van voorlichting en geruststelling. Let op, jonge maagden: seks lijkt misschien eng en primitief, maar kan heus ook leuk zijn.

Het Verlichtingsdenken verschoof de focus naar het contrast tussen onze beschaafde geest en (verwerpelijke) primaire neigingen als agressie en geweld. De Romantiek zag een hoofdrol voor de verheffende kracht van de liefde, die de mens verloste van zijn dierlijkheid. Al blijft in de liefde een beetje dierlijkheid wel gewenst: aan het slot van de nieuwe Beauty and the Beast vraagt Belle haar geliefde na zijn transformatie tot gladde prins of hij niet zijn baard wil laten staan.

Freudiaanse motieven

Een freudiaanse interpretatie van het verhaal is die van de emotionele overdracht: Belle is als jong meisje nogal gehecht aan haar vader. Ze offert zich zelfs voor hem op, door zijn plaats in te nemen als gevangene van het Beest. In die situatie kan haar affectie zich verplaatsen van haar vader naar het Beest. Daarvoor moet ze wel zijn dierlijkheid, dus seksualiteit, aanvaarden. Van dochter wordt ze echtgenote. Zo bezien is het een metafoor voor volwassen worden.

De laatste decennia overheerst een ander belangrijke motief: het is de innerlijke schoonheid die telt. Disney versterkte dit aspect, door in de tekenfilm uit 1991 een nieuw personage toe te voegen. Tegenover het beest, lelijk maar lief, plaatst die film de ijdele Gaston als aanbidder van Belle. Gaston is mooi maar slecht, en Belle heeft dit dondersgoed door; zij kijkt hier al verder dan het uiterlijk. Dus gaat het niet a priori meer om háár groei – dat ze moet leren van een lelijkerd te houden –, maar ook, en misschien wel meer, om die van het Beest.

Na haar komst in zijn kasteel gaat hij op twee poten lopen, in plaats van op vier, verzorgt zichzelf beter en meet zich betere tafelmanieren aan. Om haar liefde te winnen moet hij bovendien leren voorzichtig en teder te zijn. In hun relatie ligt de nadruk meer op gelijkwaardigheid. Ze stoeien en kibbelen als vrienden, als partners. En ze leren en groeien allebei.

Gaat het oorspronkelijke sprookje uit van een nogal schematische man/vrouw-tegenstelling (dierlijkheid versus reinheid), hier zijn de rollen diffuser. De mannelijke hoofdpersoon kan geen draken doden of een andere stoere heldenrol vervullen, maar moet leren om zacht en liefdevol te zijn. En met haar liefde redt zij hém, in plaats van andersom.

Disney-feminisme

Dat elke tijd opnieuw zijn eigen accenten legt, blijkt prachtig uit de spectaculaire nieuwe live action-animation remake, in regie van Bill Condon. Was de Belle uit ’91 al een slim en zelfredzaam type met een voorliefde voor boeken, 25 jaar later doet Disney daar qua feminisme terecht een schepje bovenop. Nu is Belle niet alleen zelf een boekenwurm, ze stimuleert ook andere meisjes zich te ontwikkelen: een verwijzing naar de feministische inzet van actrice Emma Watson. In haar vertolking is Belle uitvinder, zoals haar vader was in de tekenfilm. Haar belangrijkste uitvinding? Een wasmachine.

Maar die eigentijdse emancipatie geldt niet alleen de heldin van het verhaal: de film kent een volkomen vanzelfsprekend multiculturele cast, een veelbesproken homomoment en een innemende travestiescène, waarin een boerenpummel ontdekt dat hij blij wordt van vrouwenkleren en make-up.

Het betoverde kasteel van de prins staat hier voor links, progressief, kunstzinnig en divers Amerika (al speelt het zich natuurlijk veilig af in Frankrijk). Dat blijkt vooral wanneer het door opgehitste dorpelingen wordt bestormd. Dommigheid wordt bestreden met literatuur, kunst en muziek; een piano vuurt als een mitrailleur zijn toetsen af op de woeste meute.

In de irrationele horde herkennen we moeiteloos de boze witte man, bang gemaakt door de nare populist Gaston. Kijk voorbij het vreemde en laat je niet leiden door angst – die belangrijke boodschap blijft helaas actueel.

    • Herien Wensink