Beroepsbestuurder met een gekreukt verleden

Pauline Krikke Burgemeester Den Haag

In eerdere functies kreeg Pauline Krikke, die nu begint als burgemeester van Den Haag, kritiek te verduren én lof toegezwaaid. Ze was benaderbaar en netwerker pur sang, maar vertrok na hevige ruzie bij het Scheepvaartmuseum. Nu zien vrijwel alle Haagse raadsfracties uit naar haar komst.

Foto Bas Czerwinski/ANP

Toen op de late maandagavond van 6 februari duidelijk werd dat Pauline Krikke burgemeester van Den Haag zou worden, wisten de medewerkers van het Scheepvaartmuseum in Amsterdam niet hoe ze het hadden. Hoe kon uitgerekend hun oud-directrice, met wie het voltallige managementteam eind 2015 schreeuwende ruzie had gekregen, de eerste vrouw van de residentie worden?

Vooral de toelichting van de Haagse gemeenteraad, die VVD-prominent Krikke „een sterke verbinder” noemde, leidde tot verbazing. „Bizar”, „stomverbaasd” en „flabbergasted” was het museumpersoneel, zegt een betrokkene die het gevecht tussen Krikke en museum van dichtbij meemaakte.

Deze donderdag, 30 maart, is Krikkes officiële eerste werkdag in Den Haag. Interviews geeft ze voorlopig niet. Wel heeft ze de afgelopen weken haar ambities uitgebreid doorgesproken met het omvangrijke team dat haar moet bijstaan bij het burgemeesterschap. Zo krijgt zij twee woordvoerders, waar haar voorganger Jozias van Aartsen met één toe kon. Klimaat wordt een van haar speerpunten, net als tegengaan van huiselijk geweld – al is nog niet duidelijk hoe ze deze onderwerpen precies gaat aanpakken.

Over het waarom van de keuze van Krikke wordt in Den Haag vooral gezwegen: de vertrouwenscommissie die haar heeft aangedragen, houdt elk detail van het proces strikt geheim. Wel was vooraf duidelijk dat de voorkeur lag bij een vrouw: in de profielschets werd nadrukkelijk gesproken over een ‘zij’ in plaats van een ‘hij’. Uiteindelijk solliciteerden twee vrouwen naar de functie en negen mannen.

De van origine Friese beroepspolitica Pauline Krikke kreeg in haar lange bestuurlijke carrière niet alleen bij het Scheepvaartmuseum kritiek te verduren. Zo vroegen oppositiepartijen in Arnhem, waar zij tussen 2001 en 2013 burgemeester was, diverse malen om haar aftreden, onder meer omdat zij hun stad niet goed zou vertegenwoordigen. Zonder succes overigens: zij wist altijd de steun van de gevestigde partijen in de raad te behouden.

Bestuurlijke kwaliteiten

Het fiasco bij het Scheepsvaartmuseum is Krikke evenmin zwaar aangerekend, getuige het feit dat zij ruim een jaar na haar vertrek een zo belangrijke – en lastige – burgemeesterspost in de wacht sleept. Het tekent de carrière van Krikke, die grossiert in lidmaatschappen van raden van toezicht en advies, en wordt geroemd om haar bestuurlijke kwaliteiten en brede netwerk – vooral in VVD-kring.

In Arnhem zijn de herinneringen aan haar ambtstermijn gemengd. Krikke was een warme, toegankelijke vrouw, klinkt het. „Ze had veel contact met de bewoners, liep voorop in stille tochten, knipte lintjes waar nodig”, vertelt VVD-raadslid Roeland van der Zee. Krikke was een benaderbare burgemeester, die mensen op straat aansprak. Ze ging niet in een chique buurt wonen, maar in het Spijkerkwartier – Arnhems enige hoerenbuurt. Ook was Krikke een goede voorzitter van de raadsvergaderingen: koel en zakelijk, zonder duidelijke voorkeur voor haar eigen VVD. „Ze kon daarbij wat killer overkomen dan ze daadwerkelijk was”, zegt Van der Zee. „Maar als het op burgerzaken aankwam, was ze altijd hartelijk en stond ze voor iedereen klaar.”

Veel gedeelde kritiek intussen: Krikke zette Arnhem onvoldoende op de kaart. „Andere burgemeesters hoorde je over van alles en nog wat, maar Krikke hield haar mond over landelijke zaken”, zegt Cris Lenting, tot 2016 fractievoorzitter van de Arnhemse Socialistische Partij (SP). „Dan ging een andere gemeente er weer met het nieuws vandoor.”

Echt een soloactie

De grootste gemiste kans om Arnhem landelijk te profileren was met het Nationaal Historisch Museum: een plan van voormalig SP-leider Jan Marijnissen om de hele Nederlandse geschiedenis tentoon te stellen in een nieuw rijksmuseum. Tot vreugde van de Arnhemmers en tot verbazing van veel anderen besloot toenmalig cultuurminister Ronald Plasterk (PvdA) in de zomer van 2007 dat het museum in Krikkes gemeente moest komen. Daarmee passeerde hij museumsteden als Den Haag en Amsterdam, die ook hadden gehengeld naar het nieuwe prestigeproject – met beoogde bouwkosten van 50 miljoen euro en een geraamd bezoekerstal van 250.000 per jaar.

Als locatie voor dit landmark had het Arnhemse stadsbestuur een plek in het bos tussen het Openluchtmuseum en Burgers’ Zoo voorgesteld. Maar de vers aangestelde directeuren van het Nationaal Historisch Museum, Erik Schilp en Valentijn Byvanck, zagen dat niet zitten: ze vonden die plek te afgelegen. Zij wilden liever naar het centrum van Arnhem, aan de Rijn.

En in plaats van vast te houden aan het plan van haar gemeenteraad, begon Krikke, samen met Schilp en Byvanck, campagne te voeren voor de locatie in het centrum. „Echt een soloactie,” zegt Lenting. Gevolg was dat er onenigheid ontstond over het museum, zowel in Arnhem als in de Tweede Kamer. Uiteindelijk werd het plan – mede door bezuinigingen die het volgende kabinet-Rutte doorvoerde op kunst en cultuur – afgeblazen.

Die starheid is typerend voor Krikkes houding als het aankomt op beslissingen, zegt het Arnhemse VVD-raadslid Van der Zee. „Ze heeft dan een plan in haar hoofd, en wil dat per se uitvoeren zoals zij het bedacht heeft.”

Tussen oppositie en Krikke bleven de verhoudingen afstandelijk. „Voor ons als gemeenteraadsleden was ze niet zo zichtbaar”, zegt Lea Manders, fractievoorzitter van Arnhem Centraal en het langst zittende raadslid in Arnhem. „Ze had haar eigen toko en haar eigen wereld. We wisten niet precies wat ze voor Arnhem deed, terwijl wij expliciet een burgemeester zochten die onze stad op de kaart zou zetten.”

Kortstondig hield Krikke op verzoek van de raad een logboek bij, waarin ze liet zien wat ze allemaal ondernam voor de stad. „Maar dat verwaterde snel,” zegt Manders.

Zo onzichtbaar als Krikke was voor de Arnhemse gemeenteraad, zo aanwezig kon ze met haar bulderende lach zijn aan de toog bij VVD-bijeenkomsten in Amsterdam. Vooral na haar burgemeesterschap was ze gangmaker op de bier-en-bitterballenavonden van de VVD, maar ook tijdens haar ambtstermijn liet ze zich daar geregeld zien. Omdat ze dat leuk vindt, „maar ook omdat ze het belang ervan inziet,” zegt de Amsterdamse wethouder Eric van der Burg (VVD). „Hoewel ze in Arnhem woont, is Pauline bijna altijd op de Amsterdamse VVD-borrels.”

Krikke is een „netwerker pur sang”, zegt Van der Burg, „een echte VVD-tijger”. Zo was zij tijdens haar burgemeesterschap voorzitter van de landelijke VVD-scoutingscommissie, die permanent op zoek is naar nieuw liberaal talent. „Dat deed ze voor de partij, maar ook voor haar eigen netwerk.” Zo moest iedereen die naam wilde maken in de partij eerst langs Krikke, „en daardoor kent ze nu alle toekomstige bewindspersonen”.

Het was dan ook geen toeval dat Krikke na haar Arnhemse burgemeesterschap door haar vrienden Van der Burg en diens collega-wethouder Pieter Litjens (ook VVD, politiek assistent van Krikke tussen 1999 en 2002) werd gevraagd voor een klus in het Amsterdamse: ze werd voorzitter van een adviescommissie die zich bezighield met verbeteringen van de verbindingen rond het IJ.

Van der Burg noemt Krikke bijzonder geschikt voor deze taak. „Als voormalig Amsterdams wethouder kent ze de politieke processen in de stad, en als aanstaand directeur van het Scheepvaartmuseum was ze zelf ook een medespeler geworden in het proces.”

Op 1 oktober 2014 begon Krikke als directeur bij het Scheepvaartmuseum, dat een inspirerende en sterke directeur had gezocht. Het werd een fiasco, voor Krikke en voor het museummanagement. De spanningen tussen medewerkers en de directrice bereikten een hoogtepunt op 24 november 2015, toen het voltallige managementteam een brandbrief naar de raad van toezicht stuurde, waarin stond dat Krikke „kennis, ervaring en vaardigheden” miste om het museum te leiden.

Ze zou te weinig – soms maar twee dagen per week – in het museum zijn, vergaderingen niet voorbereiden, stukken niet lezen en intimiderend en onvoorspelbaar optreden jegens medewerkers. Ook vond het personeel dat Krikke veel kostbare tijd en energie stopte in het onderhoud van haar eigen netwerk. Lang niet alle verwijten in de brief sneden hout, maar feit was dat Krikke er – net als in Arnhem – niet in was geslaagd het personeel duidelijk te maken dat zij volledig voor de baan ging.

Bom gebarsten

Onder alle commotie bij het Scheepvaartmuseum bleef Krikke aan haar netwerk denken. Nadat ’s ochtends de bom was gebarsten en duidelijk was geworden dat haar positie als directeur onhoudbaar was, verscheen ze ’s avonds gewoon als gastvrouw bij een relatie-evenement. Daar proostte ze, voor het laatst als museumdirecteur, met belangrijke contacten als VVD-prominent en vastgoedtycoon Cor van Zadelhoff en Randstad-oprichter Frits Goldschmeding.

In Den Haag zijn ze intussen niet ontevreden over Krikke als nieuwe burgemeester. Vrijwel elke partij in de raad, van PvdA tot PVV, heeft zich positief uitgelaten over haar benoeming. Robert van Asten, leider van de Haagse D66-fractie, zegt „tevreden” te zijn over de keuze voor Krikke, „al hebben we tot nu toe nog weinig contact gehad”. Op Peter Bos, fractieleider van de Haagse Stadspartij, is Krikke alvast overgekomen als een „open type” dat „makkelijk op mensen af stapt”. De eerste vergadering zat ze volgens beide fractievoorzitters goed voor. „Soepel en met een kwinkslag”, zegt Van Asten.

En die kritiek in Arnhem en bij het Scheepvaartmuseum? „Daar heb ik me niet zo in verdiept”, zegt Van Asten. „Ik neem aan dat de vertrouwenscommissie haar cv goed bekeken heeft. Ik ga me verder niet bezighouden met dingen die in het verleden zijn voorgevallen.”

En ach, zegt Bos, „er bestaat geen bestuurder met een carrière van twintig jaar die nooit kritiek heeft gekregen.”

    • Merijn Rengers
    • Doortje Smithuijsen