Noord-Ierland

Ruzie Unionisten en Sinn Féin bedreigt het bestel

Noord-Ierland is maandag in een diepe politieke crisis gestort, nu Sinn Féin en de Democratic Unionist Party niet tot overeenstemming zijn gekomen over een coalitieregering. Als gevolg wankelt het politiek bestel, opgezet door het Goede Vrijdagakkoord van 1998. Dat schrijft voor dat de macht in Noord-Ierland wordt gedeeld door nationalisten, die een verenigd Ierland voorstaan, en unionisten, die onderdeel van het Verenigd Koninkrijk willen blijven. Nationalisten zijn overwegend katholiek en unionisten protestant. Als gevolg van de impasse moet de Britse minister James Brokenshire (Noord-Ierse Zaken) vanuit Londen een keuze maken: of hij schrijft nieuwe verkiezingen uit of hij schort het Noord-Ierse zelfbestuur op. Noord-Ierland zou dan vanuit Londen bestuurd gaan worden. Politiek ligt dat, gezien de gewelddadigheden in het verleden, uiterst gevoelig. Sinn Féin, de grootste nationalistische partij, zegt geen vertrouwen te hebben in verdere samenwerking met de DUP. DUP-leider Arlene Foster zegt dat Sinn Féin „niet de juiste houding” heeft.

    • Melle Garschagen