Dichter des Vaderlands dicht over Boekenweek

Dichter de Vaderlands Ester Naomi Perquin schreef een gedicht over het Boekenweekthema ‘Verboden vruchten’.

Onze geschiedenis

Je kunt je de dagen niet voorstellen, in zo’n hof. De dagen.

De gang van trage kuddedieren, de leeuw altijd kalm

naast het lam. Dof getok, schor gekakel.

Geritsel dat maar voort bleef duren, als het stromen

van een volkomen droge rivier. Steeds die gapende,

eindeloze uren. Het verlangen naar elders

beving ons, nam zienderogen toe.

Latere mensen spraken graag over God, zijn hof

als snijvlak van ruimte en onbegrensde tijd.

Maar voor ons was hij vooral begrenzing,

gebodsbord, overheid.

Wij staarden almaar voor ons uit, wij hadden geen verhaal.

Voor welke zonde was dat onze straf? Wij vroegen beleefd

om verlichting, verbeelding. Gedichten desnoods;

we oogstten gelach.

Er moest een uitgang zijn. Wij lagen wakker ’s nachts en

streepten opties weg. Een gat in de grond, een muur,

een hek. Maar uit wat volkomen lijkt

kom je niet meer weg.

Uiteindelijk begrepen we het allebei: het antwoord was

ons óók door God gewezen. We klommen omhoog,

betaalden de slang. Een vooraf vastgestelde prijs.

En eenmaal boven plukten we gretig, braken de ruggen

en sloegen toen open: ieder woord dat we lazen

was valluik, uittocht, paradijs.

Dit gedicht droeg Ester Naomi Perquin, Dichter des Vaderlands, voor in de uitzending van VPRO Boeken van zondag 26 maart 2017. Ze schreef het in opdracht van de VPRO.

    • Ester Naomi Perquin