Een celstraf opleggen? De rechter vertikt het

Wie: N.D. (39) en S.M. (54)

Waar: politierechter Amsterdam

De kwestie: diefstal tijdens taakstraf

Ze geven samen voorlichting aan jongeren over hun verslaving. Hij (man, 54) gebruikte cocaïne maar is nu naar eigen zeggen tweeënhalf jaar clean. Zij (vrouw, 39) is verslaafd aan alcohol. Ze is naar een afkickkliniek in Schotland geweest, maar of ze langdurig clean is, wordt tijdens de zitting bij de politierechter niet duidelijk. Ze zijn beiden in het zwart gekleed, haar gezicht is wit bepoederd.

De jongeren aan wie ze voorlichting geven zijn 15 of 16 jaar. „Een moeilijke doelgroep”, zegt zij, maar het geeft „veel voldoening”. Ook omdat ze er haar „verhaal kwijt kan”. „En wie weet”, zegt ze „hou je er iemand mee op het rechte pad.” 

Dat is ze zelf nog niet helemaal. Zij en haar vriend zitten bij de politierechter in Amsterdam vanwege diefstal in de zomer van 2016. Samen hebben ze shampoo en twee doosjes tampons gestolen uit de Albert Heijn. De vrouw heeft daarnaast – nota bene tijdens het uitvoeren van een taakstraf die ze voor diefstal had gekregen – geld gestolen. Toen dat ter plekke dreigde uit te komen, verstopte ze het in de wc. „Ik viel terug in oud gedrag”, legt ze uit aan de rechter. „Verandering is een proces en daar zit ik nog in.”

Rechter M.F. Ferdinandusse vindt het „nogal cru”, zegt hij: „Je krijgt een taakstraf voor diefstal en vervolgens besteel je de andere taakgestraften. Kunt u uitleggen wat er door uw hoofd ging?” Ze denkt dat ze „een rush zocht” omdat ze de kick van alcohol miste. Ze is sinds 2013 vier keer veroordeeld voor diefstal.

De zaak lijkt uitermate simpel. De ene diefstal is bekend door de vrouw en van de andere diefstal in de supermarkt zijn camerabeelden en er waren getuigen.

Toch trekt politierechter Ferdinandusse zich terug om even na te denken. De officier heeft gevangenisstraf geëist tegen de vrouw, vier weken, waarvan twee voorwaardelijk. Pittig voor diefstal. De officier kon niet anders, want een taakstraf alleen mag hij niet meer eisen. Sinds de Wet beperking taakstraffen is ingevoerd moet er onvoorwaardelijke celstraf bij als de verdachte de afgelopen vijf jaar al eens een taakstraf heeft uitgevoerd.

De rechter ziet zich voor dezelfde vraag gesteld, legt hij de vrouw uit. „Het bewijs in deze zaak is niet lastig, maar welke straf ik opleg wel.” Toen hij het dossier voorafgaand aan de zitting had gelezen, had hij gedacht: ik leg twee weken celstraf op. Hij somt op: twee keer diefstal, waarvan één keer nota bene tijdens de uitvoering van een taakstraf. Eerdere veroordelingen voor hetzelfde feit. Maar nu hij de vrouw tijdens de zitting heeft gesproken, „gelooft hij haar” als ze zegt dat het beter met haar gaat. Hij vindt het „sympathiek” dat ze voorlichting geeft. Gevangenisstraf vindt hij alles afwegend „niet passend”. Maar een taakstraf opleggen mag niet meer.

En toch, gevangenisstraf opleggen voor zoiets, dat vertikt de rechter. Hij zegt: „Als de wetgever het zo hard stelt, dan kan hij het krijgen.” Hij legt de vrouw wel twee weken gevangenisstraf op, maar geheel voorwaardelijk. Ze ondervindt, als ze in de komende twee jaar geen nieuwe strafbare feiten begaat, dus geen consequentie van de twee diefstallen die ze heeft gepleegd en die de rechter bewezen acht. De rechter zegt het nog maar duidelijk: „U komt hiermee behoorlijk goed weg.”

Dat laatste geldt ook voor haar vriend die één diefstal pleegde. Tegen hem was 24 uur taakstraf geëist. Maar, zegt de rechter, het zou gek zijn als u wel moet werken, terwijl de vrouw die zwaarder bestraft zou moeten worden dat niet hoeft. Daarom maakt hij de straf voor de man ook geheel voorwaardelijk, 24 uur dienstverlening. „Wat betekent dat?”, vraagt de man. De man en de vrouw kijken wat ongelovig als de rechter het uitlegt.

Wat de wetgever beoogde; vaker celstraf in plaats van opeenvolgende werkstraffen, resulteert hier door rechterlijke ongehoorzaamheid in geheel voorwaardelijke straffen. Nadat ze met hun advocaat hebben gepraat laten de man en de vrouw snel weten dat ze niet in beroep gaan.

    • Merel Thie