Laat hun tijd niet verloren gaan

Schrijvers doen deze Boekenweek elke dag een boek cadeau. Afl. 1: Van Tommy Wieringa voor Mark Rutte: Hoe ik talent voor het leven kreeg van Rodaan Al Galidi.

Illustratie Marike Knaapen

Geachte heer Rutte,

Bij een boek voor u dacht ik natuurlijk eerst aan Over vrijheid van John Stuart Mill; die compromisloze en enthousiaste verdediging van de individuele vrijheid. „Overal”, schrijft Mill, „waar niet iemands eigen karakter, maar de tradities en gewoonten van anderen het gedrag bepalen, ontbreekt een van de voornaamste bestanddelen van het menselijk geluk.”

Hartstochtelijk is daarop zijn pleidooi om niet te buigen voor het gangbare. „Juist omdat de tirannie van de publieke opinie van excentriciteit een verwijt maakt, is het nodig dat mensen excentriek zijn, om deze tirannie te doorbreken.”

Niks normaal doen. Nee, weg met de „despotie van de gewoonte”, leve juist de verscheidenheid, de afwijking, het uitzonderlijke.

Maar u hebt dat boek natuurlijk al lang in de kast staan, al leek u dat vergeten toen u dat malle ‘Normaal. Doen’ bepleitte.

Om doublures te voorkomen bied ik u Hoe ik talent voor het leven kreeg van Rodaan Al Galidi aan. Zeven jaar zwierf hij over de wereld zonder paspoort. Toen kwam hij aan in Nederland. Daar begon het wachten. Hij leerde zichzelf de taal omdat hij geen taallessen mocht volgen. Als het asielzoekerscentrum een gevangenis is, dacht hij, dan is de Nederlandse taal de sleutel. Het wachten duurde en duurde. Hij noemt het azc een graf waarin de tijd van honderden mensen begraven ligt.

Al Galidi’s boek is gestolde tijd. „Het zwaarste in het azc waren de dagen.” schrijft hij, wat een verpletterende zin is.

Negen jaar zou hij wachten, voordat een generaal pardon hem bevrijdde en hij weer aan zijn leven kon beginnen.

Maar wat ik zeggen wil.

In uw verkiezingsprogramma lezen we dat de termijn voor naturalisatie moet worden verlengd naar tien jaar. Een verdubbeling van de wachttijd. Uw partij werpt telkens hogere barrières op voor nieuwkomers. Sinds niemand meer enige hulp krijgt bij taal- en inburgeringscursussen, dalen de slagingspercentages. Verloren tijd. Statushouders mogen pas na anderhalf jaar aan een taalcursus beginnen. Wachttijd. Al die tienduizenden verloren jaren. Al dat onbenutte menselijke kapitaal. U vraagt hun betrokkenheid bij onze samenleving, maar bedrijft een politiek van actieve ontmoediging.

Hoe ik talent voor het leven kreeg leert u wat wachten betekent. Het wachten dat een langzaam sterven is. Ik hoop op uw begrip.

U vriendelijk groetend, dit was Tommy Wieringa

    • Tommy Wieringa