De club die alles overleefde is jarig

Rotown

Het enige poppodium in het centrum van Rotterdam dat de tand des tijds doorstond bestaat dertig jaar. Vanaf zaterdag 1 april wordt dat gevierd.

Concert in het Rotown aan de Nieuwe Binnenweg. Foto Ruben Hamelink

Op een zonnige lentemiddag zit het terras van Rotown vrijwel direct na opening al vol. Een verzameling van Rotterdammers van alle leeftijden, bekende gezichten en toeristen vullen het iconische straatbeeld van dit stukje Nieuwe Binnenweg. Ook Dick Pakkert, die 24 jaar lang eigenaar was van Rotown, is er regelmatig te vinden. „Twee jaar geleden heb ik de zaak verkocht, maar ik kom hier nog een paar keer per week. Natuurlijk zie ik meteen vijf dingen die beter zouden kunnen maar dat glijdt meteen van me af. Ik heb er niks meer over te zeggen en dat is heerlijk rustig.”

De zaak is nu van Jessica Hogerhuis, die sinds 1999 in Rotown werkt. Het is kenmerkend voor het podium: mensen blijven hier lang hangen, ontwikkelen zich en groeien door. Zo begon programmeur Stephan Maaskant achter de bar, werkt oud-programmeur Gideon Karting nu bij Mojo en groeide Mirjam Koudijzer uit van barmedewerker tot bedrijfsleider en voormalig mede-eigenaar.

Pakkert: „Het scheelt misschien dat in Rotown iedereen elkaar kent, de lijnen zijn daardoor kort. En we hebben hier geen overbodige managementlagen.” Zijn opmerking wordt geïllustreerd door Jessica Hogerhuis, die op dat moment bijspringt achter de bar. Wel is de organisatie behoorlijk gegroeid sinds de start in 1987. „Ik heb thuis foto’s hangen van de eerste en laatste personeelsuitjes, op de eerste staan zeven mensen, op de laatste zijn het er dertig.”

Stuk braver

Het is niet het enige wat veranderde. Pakkert: „Eind jaren tachtig waren echt nog rock & roll, wij waren een van de weinige zaken in de stad én alternatief, wat toen een veel grotere doelgroep was. Mensen kraakten nog huizen, gingen de straat op. Het is een stuk braver geworden, net zoals Rotown zelf.” Erg is dat volgens hem niet. „Aan terugkijken heeft niemand iets, en elk jaar zijn hier nieuwe hoogtepunten. Overigens met minimale financiële hulp van de gemeente Rotterdam. De subsidie is niet te vergelijken met die voor andere podia in Nederland.”

Toch overleefde Rotown de culturele kaalslag in Rotterdam en de crisis. Pakkert: „Je doet dit vanuit hartstocht en met goede wil, niet om heel rijk van te worden.” De inkomsten moeten vooral uit dansavonden komen. „Aan een band verdien je, mits deze is uitverkocht, een heel klein beetje.” Volgens Jessica Hogerhuis is het succes van Rotown te danken aan de veelzijdigheid van het aanbod. „Voor een popzaal is het redelijk uniek dat we zeven dagen per week open zijn. We zijn heel veel zaken in één, je kunt hier bands kijken, eten, dansen of gewoon koffie drinken.” Ook worden er speciale ‘dertig plus-avonden’ georganiseerd. „Zo’n feest begint dan al om 21 uur ‘s avonds en een uur later staat het hier helemaal vol met dansende mensen.”

Hoogdravende toekomstplannen heeft ze niet. „Ik ben niet zo iemand die meteen een horecamagnaat wil worden. Dat is ook wel de kracht van Rotown, dat de eigenaar zich voornamelijk focust op één zaak.” Maar als er toch gedroomd mag worden zou ze wel graag de naastgelegen Paradijskerk willen toevoegen als zaal. „Of een backstagehotel openen voor de artiesten.”

30 april bestaat Rotown 30 jaar. Dat wordt gevierd met 30 dagen programmering vanaf 1 april. Elke avond wordt gehost door iemand die een bijzondere band met het podium en/of de stad heeft. Dat artiesten al snel zo’n bijzondere band met de zaal krijgen bewijst de komst van de Britse singer-songwriter Fink met Koningsdag. „Hij is ons eigenlijk ontgroeid, maar toen hij hoorde dat we jarig zouden zijn wilde hij meteen komen spelen.” Het concert is geheel uitverkocht. In de afgelopen dertig jaar groeide ook het publiek met Rotown mee. Hogerhuis: ,,Mensen die hier vroeger elke zaterdag losgingen zitten nu op zondagmiddag met hun kinderen koffie te drinken.”

    • Tara Lewis