‘Marine is niet geweldig, maar ze heeft wel gelijk’

Franse verkiezingen

Châteauroux is het soort provinciestad waar je hard voorbijrijdt, maar waar ook de Franse presidentsverkiezingen kunnen worden beslist. Als een van de weinige kandidaten kwam Marine Le Pen er op bezoek.

Foto's Benjamin Girette

De straat die van het treinstation in Châteauroux naar het centre-ville loopt ademt verval. Veel panden aan de Rue de la Gare staan te koop of te huur, winkelpuien zijn dichtgetimmerd. Bij Hôtel Le Faisan („kamers vanaf 23 euro”) staat op de tafel achter een vies raam een volle asbak met een stapeltje ongeopende rekeningen ernaast. Acteur Gérard Depardieu, de beroemdste zoon van deze provinciestad in het hart van Frankrijk, zou hier als tiener vaste klant zijn geweest. Het hotel is nu al jaren gesloten.

„Châteauroux heeft betere tijden gekend”, glimlacht Christian Valeix (70). Hij woont hier sinds 1981 en werkte ooit mee aan een stripboek over de geschiedenis van de stad. De „gouden tijd”, zegt hij, dat was toen de NAVO hier nog een basis had. Zesduizend Amerikaanse soldaten, hun families en ondersteunend personeel woonden in Châteauroux en consumeerden er. Het is een halve eeuw geleden dat de basis werd gesloten. De lokale krant wijdde er vorige week dagelijks een verhaal aan.

Wie oudere Castelroussins, zoals hij, vraagt wat sindsdien nog meer veranderd is, krijgt als antwoord meestal een lange reeks bedrijfsnamen. Eind jaren negentig sloot de tabaksfabriek waar Gitanes en Gauloises gemaakt werden. Daarna verdween het werk in de textielindustrie. De fabriek voor vloerbedekking sloot de deuren, de firma voor verpakkingsmaterialen en die voor tegels volgden in de laatste paar jaar. „Er zijn wel bedrijven voor in de plaats gekomen,” zegt de voorman van de plaatselijke vakbond CGT, „maar niet genoeg”.

Châteauroux is een ville de passage, een stad waar je hard voorbijrijdt. De stad ligt halverwege Parijs en Toulouse aan de snelweg A20, veel toeristische attracties zijn er niet.

Het is het soort plek waar de Franse verkiezingen van 23 april en 7 mei beslist kunnen gaan worden. „La France périphérique” noemt sociaal-geograaf Christophe Guilluy het vergeten Frankrijk buiten de grote steden waar globalisering gelijk staat aan vertrek van werkgelegenheid en inwoners, waar traditionele waarden nog belangrijk zijn en les petits blancs toenemende zorgen hebben over veiligheid en immigratie. Het zijn plaatsen waar vijftien jaar geleden het Front National vrijwel geen aanhang had. En nu wel.

Verkiezingsaffiches zijn er nauwelijks en de meeste grote kandidaten voor het presidentschap laten het slaperige Châteauroux links liggen. Maar in cafés en restaurantjes, op de markten en in winkels komt een maand voor de verkiezingen ieder gesprek onherroepelijk uit op de politiek. En dan hoor je steeds ongeveer hetzelfde. „Andere jaren wist ik precies wat ik moest stemmen”, zegt de een. „Geen enkele kandidaat bevalt echt”, zegt een ander. „Wie is nog te vertrouwen?”

Moeras aan affaires

Een jaar geleden leken de Franse verkiezingen een gelopen race. Oud-premier Alain Juppé zou de rechtse voorverkiezing winnen en uiteindelijk, tegenover Marine Le Pen, president worden. Niet Juppé, maar François Fillon werd de rechtse kandidaat. De zittende president François Hollande trok zich terug, zijn minister Emmanuel Macron kandideerde zich en Fillon raakte in een moeras aan financiële affaires verzeild die zijn kansen op een plek in de beslissende kiesronde op 7 mei danig verkleinden. Niets is meer zeker. „Ik stem op iemand die te vertrouwen is”, zegt Christian Valeix. „En Fillon is dat niet.”

Valeix – baard, stekeltjes, giletje – werkte ooit voor de Europese Commissie en slijt zijn gepensioneerde dagen met het spelen van saxofoon en het lezen van geschiedenisboeken. Hij lijkt hier iedereen te kennen, gaat groetend door het leven. In de eerste verkiezingsronde, vertelt hij op Place de la République tegenover het modernistische stadhuis dat ’s nachts oplicht in de kleuren van de Franse vlag, stemt hij waarschijnlijk op de uiterst linkse Jean-Luc Mélenchon. Maar de kans dat die de tweede ronde haalt is klein. Wat dan? „Lastig.” Macron vindt hij met zijn 39 jaar eigenlijk „wel heel erg jong”. Het is makkelijker als Fillon de tweede ronde haalt. „Dan wordt het Le Pen”, zegt hij.

Niet dat hij Marine Le Pen geweldig vindt – vooral haar plan om Frankrijk uit de Europese Unie terug te trekken lijkt hem onverstandig. Maar een stem op haar is „ook een manier om de Franse media te vertellen dat ze hun ideeën niet langer kunnen opdringen”, vindt hij. „Het zou goed zijn als Le Pen vijf jaar president wordt, zodat we kunnen zien of ze in staat is te regeren. Lukt het niet, dan zijn we voor altijd van haar af.” Een riskante strategie? „Ach,” zegt hij, „we hebben ook vijf jaar Hollande overleefd.”

Le Pen was laatst wél in Châteauroux. Ze sprak in een evenementenhal naast het oude NAVO-vliegveld waar nu nog vooral transportvluchten plaatshebben en beginnende piloten leren landen met grote Boeings. Châteauroux, oreerde ze, is slachtoffer van „de steriele globalisering”. Het „Frankrijk van Balzac, Maupassant en Proust” dreigt te verdwijnen „als boekhandels, kruideniers en slagers sluiten”. De „desertification”, de verwoestijning, moet stoppen.

Le Pens toespraak in Châteauroux:

Het is waar: sinds de jaren zeventig raakte Châteauroux zo’n 10 procent van zijn inwoners kwijt. Er wonen nu nog krap 45.000 mensen, meer ouderen dan jongeren. Le Pen sprak ook over de Europese Unie en „intelligent protectionisme”. En natuurlijk over immigratie, dat ze „een dogma van het systeem” noemde. Er waren schuchtere oudere echtparen, boeren en jongeren – totaal 2.500 man. Ze scandeerden massaal „Marine présidente” aan het eind van haar toespraak.

De Chinezen

Natuurlijk stemt niet iedereen hier FN. „Dit was altijd een linkse stad”, zegt journalist Bruno Mascle van regiokrant La Nouvelle République enkele dagen na Le Pens meeting. „Europa en globalisering zijn verkeerd uitgelegd”, meent de dynamische leraar Pascal Maître, die in het departement een afdeling heeft opgezet van de pro-Europese beweging En Marche van Macron.

„We moeten niet in onze schulp kruipen, zoals de Amerikanen hebben gedaan met Trump.”

Om op lokaal niveau het tij te keren heeft de burgemeester ambitieuze projecten opgezet. Gil Avérous, die in het campagneteam van Fillon zit, maakte vorig jaar een promotiefilmpje om autofabrikant Tesla te verleiden in ‘Châteauroux Metropole’ een fabriek te openen.

Daarnaast kocht de gemeente sinds 2014 440 hectare landbouwland naast het vliegveld op in de hoop dat Chinese bedrijven zich daar zouden vestigen. Vooralsnog bestaat de „hub sino-européen” nog slechts uit enkele rotondes in een weiland, maar de burgemeester is vol goede hoop dat de Chinezen daar op een dag hun bedrijven bouwen. Op middelbare scholen in Châteauroux wordt inmiddels Chinees onderwezen.

„Als je werk brengt, kun je publieke diensten in stand houden. Dat is de enige manier om het populisme een halt toe te roepen”, zegt Avérous. Maar veel Castelroussins hebben er een hard hoofd in. „De Chinezen komen vermoedelijk te voet”, schampert journalist Mascle.

Wat opvalt is dat ook veel mensen die bezweren nooit op Le Pen te zullen stemmen, gevraagd naar haar de stand-van-het-land-analyses afrollen die zo uit haar toespraken lijken te komen. Ze spreken afwisselend over economie en over immigratie. In háár woorden.

„Duitse auto’s, die worden in Duitsland gemaakt. Maar Franse? In Marokko of Oost-Europa”, zegt ondernemer Emmanuel Pothevin (46), die drie boutiques met luxe kleding exploiteert. „Onze politici hebben dat allemaal laten lopen.” Nee, Le Pen vindt hij niets. Hij stemt blanco.

„Maar ze heeft natuurlijk wel gelijk. De mensen moeten zich aan de regels leren houden. Als ik naar Tunesië met vakantie ga, dan pas ik me toch ook aan?”

Le Pen heeft gelijk. Dat zegt ook de deftige Josiane Vérité (57), die in een van de betere wijken van Châteauroux met een baguette onder de arm naar huis loopt. „Er zijn te veel immigranten”, vindt ze. „Marine wil Fransen voorrang geven. Zo gek is dat toch niet?”

Persoonlijk houdt ze nogal van Fillon, ze heeft altijd centrum-rechts gestemd. „Zijn programma is het best, hij is de enige die de economie op gang kan brengen.” Dat hij door justitie wordt onderzocht omdat hij zijn vrouw en kinderen ‘spookbanen’ toegeschoven zou hebben noemt ze „allemaal blabla”. Maar dat zijn kansen door de affaires verminderd zijn, ziet ze ook. „De media hebben hem kapotgemaakt, misschien dat hij de tweede ronde nu wel niet haalt”, zegt ze. Wat dan? Ze aarzelt niet. Le Pen dus.

Aanslag op Orly

Mevrouw Vérité woont hier sinds zeven jaar. Ze volgde haar man, die voor een bank werkt. Zelf werkt ze niet „omdat de belastingdienst het geld toch zou afpakken”. De stad bevalt haar goed, alles is op loopafstand en er zijn mooie parken. Maar gevraagd naar de stand van het land, zucht ze. Ze schuift haar grote zonnebril iets omhoog. „La France va mal.” Ze is bang voor terreur en het verdwijnen van de Franse cultuur. „Er was een aanslag op vliegveld Orly. Dat is hier maar een paar uur vandaan”, zegt ze. „Je denkt hier veilig te zijn, maar ook hier broeit het.”

Bij die laatste zin gebaart ze naar het andere eind van de stad. Daar liggen de drie zogenoemde Zones Urbaines Sensibles van Châteauroux, door de staat aangemerkte probleemwijken. Het zijn lang verwaarloosde flatwijken met veel sociale woningbouw, zoals in de Parijse banlieue. De werkloosheid ligt er nog hoger dan in de rest van de stad, er is drugshandel en er wonen overwegend mensen met een immigratieachtergrond. Een op de vijf mensen leeft er onder de armoedegrens.

Valeix, die van het stripboek, woont in Saint-Jean, een van die wijken, „in een gebouw met bijna alleen mensen uit Noord-Afrika”. Dat gaat eigenlijk wel goed, zegt hij. „Maar dertig jaar geleden zag je hier geen hoofddoeken”, voegt hij er aan toe. Er is drugshandel, er zijn soms problemen met brandende auto’s.

De wijk, analyseert Brahim El Amrani (66) die al 45 jaar in Saint-Jean woont en de Marokkaanse moskee beheert, is voor zijn gevoel steeds verder van het centrum van de stad af komen te liggen. „Vroeger was er geen racisme. Nu is er een kloof, die door liegende politici steeds groter wordt gemaakt.” En doordat er zo weinig werk is, zegt hij, hangen zoveel jongeren in de straten rond. „Dan krijgen ze verkeerde vrienden.”

Zo zagen inwoners van Châteauroux vorig jaar tot hun verbazing dat Saint-Jean centraal stond in een onderzoeksprogramma op de landelijke televisiezender Canal+. Châteauroux is nooit op televisie. Maar een journalist was geïnfiltreerd in een jihadistencel die onder leiding bleek te staan van een 20-jarige Castelroussin die zich Abou Oussama noemde. De zoon van een Turkse vader en een Bretonse moeder was in zes maanden moslim geworden en geradicaliseerd. Toen hij gearresteerd werd, stond hij op het punt een kalasjnikov te ontvangen om „zoveel mogelijk doden” te maken „bij een militaire basis”.

Lees ook: Le Pen stapt op als Fransen geen ‘Frexit’ willen

„Onze eigen jihadist, het klinkt als een grap”, lacht de 26-jarige Xavier Morin, die om elf uur ’s ochtends een biertje drinkt en een lot krast in een bar-tabac aan de westkant van de stad. Nee, werkloos is hij niet. Maar die baan bij de supermarkt is niet waar hij voor opgeleid is. Hij heeft overwogen om Châteauroux te verlaten voor werk, maar hij wilde zijn familie niet achterlaten. Nu zit hij een beetje vast. Politiek interesseert hem niet, zegt hij.

Maar: „We doen te veel voor andere landen, we doen te veel voor immigranten. Het lijkt me een goed idee om de grenzen dicht te doen om onze eigen markt en onze eigen banen te beschermen. Frankrijk heeft geen belang bij Europa.” Morin, kijkt even door het raam naar buiten voor hij aan een nieuw kraslot begint. En dan zegt ook hij: „Marine heeft natuurlijk wel gelijk.”

    • Peter Vermaas