Als Trump uitspraken doet die niet waar zijn, is dat omdat ze waar zullen wórden

„Ik heb meestal gelijk. Ik reageer instinctief. Ik ben iemand die weet hoe het leven in elkaar zit.”

Donald Trump heeft aan Time Magazine een kort interview gegeven over het onderwerp dat zijn nog jonge presidentschap definieert: zijn losse relatie met de waarheid. In het korte gesprek, een ware goudmijn voor factcheckers, wijkt Trump geen millimeter als hij wordt geconfronteerd met zijn onjuiste en onbewezen beweringen, tegenstrijdigheden en onwaarheden. Time kondigt het stuk op de cover aan met de kop: „Is de waarheid dood?”

Trump herhaalt in het interview een aantal eerder door hem geuite onwaarheden en neemt zijn toevlucht tot nieuwe, uit de lucht gegrepen beweringen om oude uitspraken te rechtvaardigen. Als dingen die hij zegt nu nog niet waar zijn, zegt Trump onder meer, zullen ze waar wórden. Hij heeft immers in het verleden veel dingen correct voorspeld, zoals dat hij de verkiezingen zou winnen.

Ontbreekt het bewijs dat drie miljoen mensen stemfraude pleegden? „Dat zullen we zien als de commissie (die Trump instelde, red.) onderzoek heeft gedaan”, zegt hij. „Ik zie mensen die zeggen dat het er meer waren.”

Ook voor de opzienbarendste ongegronde bewering tot nu toe, dat Obama hem liet afluisteren in Trump Tower, zullen er nog bewijzen opduiken, verwacht Trump. „Ik weet niet waar die taps vandaan kwamen. Ze kwamen ergens vandaan. Dat moeten ze nu juist onderzoeken.”

Trump maakt zich geen zorgen over zijn geloofwaardigheid. „Het land gelooft mij”, zegt hij, waarna hij begint over de rally die hij onlangs in Kentucky hield, voor „een afgeladen zaal”.

Uiteindelijk lijkt voor de president het verschil tussen waarheid en leugen minder van belang dan zijn vermogen zijn gelijk af te dwingen. „Kijk, ondertussen, volgens mij, kan ik het zo slecht niet doen. Ik ben de president, en jij niet. Weet je. Doe iedereen de groeten, oké?"

    • Maartje Somers