Architect van succesvolle Chicago Bulls

Jerry Krause (1939-2017) Basketbalmanager

Michael Jordan was de ster, Phil Jackson de succescoach. Maar het fundament onder de zes titels van de Chicago Bulls legde manager Jerry Krause.

General manager Jerry Krause (rechts) naast voorzitter Jerry Reinsdorf bij het behalen van de vijfde NBA-titel door de Chicago Bulls in 1997, na winst in de finale tegen Utah Jazz. Foto John Biever/Getty

De Nederlandse sportwereld zal niet geschokt reageren op de dood van Jerry Krause. De Amerikaanse des te meer. Krause, die dinsdag op 77-jarige leeftijd overleed, staat namelijk bekend als de architect van het basketbalteam van de Chicago Bulls dat in de jaren negentig zes maal de titel veroverde. Hij was de general manager die een glorieus team bouwde rond Michael Jordan, een van de beste basketballers aller tijden.

Krause, die van 1985 tot 2003 werkzaam was voor de Bulls, had oog voor talent en voelde goed aan hoe je een team samenstelt. Zijn motto was: met alleen spelers en coaches win je geen titel, wel met een organisatie.

Hij haalde niet alleen in 1984 de talentvolle Jordan naar Chicago, maar vervolgens ook Bill Cartwright, Steve Kerr, Scottie Pippen, Horace Grant, Charles Oakley, later Dennis Rodman en Toni Kukoc en stelde de nog onervaren en onconventionele Phil Jackson aan als coach. Jackson zou zich dankzij Krause ontwikkelen tot de invloedrijkste coach in de sportwereld. Naast zes titels met de Chicago Bulls veroverde Jackson met de LA Lakers nog eens vijf NBA-titels.

Controverse

Krause wist zich altijd gesteund door Jerry Reinsdorf, de eigenaar van zowel de Chicago Bulls als het honkbalteam de Chicago White Sox. Reinsdorf zag hoe Krause als scout bij de honkballers werkte en besloot hem voor zijn basketbalteam in te zetten. Zelf speelde Krause honkbal noch basketbal. Hij was een kleine, gezette man die als manager geen controverse uit de weg ging.

Met zowel Michael Jordan als Phil Jackson vocht hij menig meningsverschil uit. Vrienden met spelers en coaches wilde hij niet worden. Het ging hem om de club, de prestaties van het team van de man die hem betaalde. „Je mag je ziel nooit aan een speler verkopen”, zei Krause over kritiek die Michael Jordan in Amerikaanse media over hem spuide. „Ik deed wat goed voor hem was en wat Reinsdorf van mij verwachtte.”

Ook coach Phil Jackson was het vaak niet met hem eens. Sterker nog: er heerste een gewapende vrede tussen de twee. Dat leidde na een handvol titels in 1998 tot een breuk. Toen Jacksons assistent Tex Winter ( jarenlang een vriend van Krause) zijn ‘baas’ naar de Lakers volgde, weigerde Krause nog elke vorm van contact met de succescoach Jackson.

De vijandigheid met zowel Jordan als Jackson leidde er zelfs toe dat Krause in 2009 niet inging op de uitnodiging aanwezig te zijn bij de ceremonie ter gelegenheid van de opname van Michael Jordan in The Hall of Fame. Jordan noemde Krause, een kleine man die meer dan honderd kilo woog, ‘crumbs’, omdat het jasje van de manager altijd onder de kruimels zat.

Slechte relatie met de pers

Ook met de pers had Krause een slechte relatie. De fans namen het altijd op voor hun held Jordan. Later kreeg Krause pas waardering voor zijn werk voor de Bulls. Oud-speler John Paxson, die Krause opvolgde als manager, gaf toe: „Het was niet fair zoals Jerry werd bejegend. De Bulls hebben alle successen aan hem te danken.”

Jackson en Jordan reageerden in de Amerikaanse media met gepaste waardering op het overlijden van de man met wie ze zowel in collegialiteit als in onmin leefden. Jordan: „Jerry was een sleutelfiguur in de Bulls-dynastie en heeft veel betekend voor de Bulls, de White Sox en de stad Chicago.”

En Jackson: „Jerry moest en zou een winnend team bouwen in zijn geboortestad. Dat is hem gelukt. Hij was bekend als een spion met de beste bewaarde geheimen. Daar hebben we allemaal van geprofiteerd.”

    • Guus van Holland