‘Crimineel komt weg met bedreiging’

Bedreiging van ambtenaren

Crimineel Jan B. wordt niet vervolgd voor bedreiging van ambtenaren omdat hij veroordeeld is in een andere zaak. „Dit is belachelijk.”

Politie patrouilleert in Hulten, woonplaats van Jan B., na de bedreiging van de burgemeester van Gilze en Rijen, waar Hulten deel van uitmaakt. Foto Joyce van Belkom / HH

Verbaasd. Zo reageert burgemeester Jan Boelhouwer van de Brabantse gemeente Gilze en Rijen op de beslissing van het Openbaar Ministerie in Breda om crimineel Jan B. niet te vervolgen voor bedreiging van de burgemeester, een politieagent en een gemeenteambtenaar. Waarom wordt Jan B. niet vervolgd voor die bedreiging en is dat terecht? Vier vragen over de samenloop van strafbare feiten.

  1. Wat is er gebeurd?
    De bedreiging van Boelhouwer en de twee ambtenaren in functie vond plaats in 2015. Jan B. was toen boos over een controle die werd uitgevoerd bij zijn woning vanwege het vermoeden dat er een hennepplantage was gevestigd. Woedend riep Jan B. dat hij met een kalasjnikov naar het gemeentehuis zou komen om daar burgemeester Boelhouwer „overhoop te schieten”. Boelhouwer deed aangifte maar daar bleef het niet bij. De bedreiging werd indertijd zo serieus genomen dat er ingrijpende maatregelen werden getroffen voor de bescherming van Boelhouwer.
  2. Hoe ging het verder?
    Na de aangifte van Boelhouwer dook de naam van Jan B. ook op in twee andere onderzoeken. De eerste zaak ging om de verdwijning van Freddy Janssen, een lid van motorclub No Surrender. Delen van zijn in stukken gesneden lichaam werden in het voorjaar van 2015 teruggevonden en Jan B. kwam tijdens het onderzoek in beeld als verdachte van de moord op Janssen. In juni van dat jaar stuitte de politie op een grote hoeveelheid wapens en munitie bij een inval in een loods van Jan B. in het Brabantse gehucht Den Hout. Jan B. is dan ook al een tijd in beeld bij de Amsterdamse politie als een leverancier van wapens aan een groep criminelen uit Amsterdam die banden onderhoudt met de zogenoemde mocromaffia.

    Bij de inval werd Jan B. aangehouden op verdenking van moord en wapenhandel. Omdat de twee zaken losstonden van elkaar, zijn ze apart behandeld. In de zaak rond Freddy Janssen is Jan B. begin dit jaar door de rechtbank in Breda veroordeeld tot 2 jaar en 5 maanden voor het wegmaken van een lijk en verboden wapenbezit. Bewijs dat Jan B. Janssen zou hebben vermoord is er niet. In maart is Jan B. door de rechtbank in Amsterdam veroordeeld tot 5 jaar en 7 maanden cel voor handel in wapens en lidmaatschap van een criminele organisatie. De bedreiging van Jan Boelhouwer en de twee ambtenaren is bij de behandeling van beide strafzaken niet ter sprake gekomen en stond ook niet op de tenlastelegging.

  3. Had dat wat uitgemaakt?
    In de artikelen 58 en 63 van het Wetboek van Strafrecht is, simpel gezegd, geregeld dat maximale straffen voor afzonderlijke maar in dezelfde tijd gepleegde misdrijven niet bij elkaar mogen worden opgeteld. Wat wel kan is dat de straf voor het zwaarste vergrijp met eenderde kan worden verhoogd. In dat geval is het feit dat er meerdere strafbare feiten zijn gepleegd in dezelfde periode een strafverzwarende omstandigheid. Deze regel geldt ook voor strafzaken die door afzonderlijke rechters worden afgedaan.
  4. In het geval van Jan B. is in het vonnis van de rechtbank in Amsterdam voor de wapenhandel rekening gehouden met het feit dat Jan B. voor een ander vergrijp in dezelfde periode al is gestraft. De hoogste straf – 6 jaar cel voor het lidmaatschap van een criminele organisatie – is met eenderde opgehoogd naar 8 jaar. De eerdere straffen voor het wegmaken van het lijk van Janssen (2 jaar en 3 maanden) en verboden wapenbezit (2 maanden) zijn van het strafmaximum afgetrokken. Zo kwam de rechtbank in Amsterdam uit op 5 jaar en 7 maanden. In de toelichting stelde de Amsterdamse rechtbank dat Jan B. gezien de ernst van de feiten een hogere straf had verdiend maar dat het wettelijk niet mogelijk was om die op te leggen.

  5. Wat wil Boelhouwer nu?
    De burgemeester was onaangenaam verrast dat de behandeling van de bedreiging niet is meegenomen in een van de strafzaken tegen Jan B. Boelhouwer vindt dat Jan B. zo ongestraft wegkomt met bedreiging.„Bedreiging van ambtenaren is kennelijk ondergeschikt aan andere zaken”, vertelt Boelhouwer tegen het Brabants Dagblad. „Dit is een vrijbrief voor criminelen. Het is echt belachelijk.”
  6. Boelhouwer, zo bevestigt zijn woordvoerder, gaat de zaak voorleggen aan de Tweede Kamer. „De burgemeester vindt dat de maximale straffen voor afzonderlijke zaken gewoon bij elkaar opgeteld moeten kunnen worden”, stelt de woordvoerder. „Hij wil dus dat de wet op dit punt wordt aangepast.”

    • Jan Meeus