Opinie

Vraag je ouders of leraren om je mobieltje te beheren

Een gebrekkige impulscontrole is tieners eigen. Het almaar piepende mobieltje is daarom onweerstaanbaar. Dusdanig dat scholieren nu zelf om een strakker regime vragen, ervaart orthopedagoog .

Foto ANP / Robert Vos

Hulde voor het onderzoek van de GGD (NRC, 12 maart) dat de desastreuze gevolgen van slaaptekort bij tieners aan het licht brengt. Hulde ook voor Julian van den Bos uit 4 VWO (NRC, 18 maart) die onlangs zélf besloot om vroeger naar bed te gaan en zijn smartphone weg te leggen waardoor hij sindsdien beter presteert op school. Nu de ouders nog!

Het onderzoek van de GGD onthult dat gemiddeld 33 procent van de Amsterdamse leerlingen tussen 15 en 16 jaar te weinig nachtrust heeft. Bij 15 procent van hen dalen de cijfers dramatisch, omdat zij van vermoeidheid in de lessen zitten te suffen en kampen met concentratieproblemen. Als scholen daarover met ouders praten, raken zij het er al snel over eens: het kind kan veel beter dan het laat zien en moet komende tijd veel meer ‘de eigen verantwoordelijkheid’ nemen door zich beter te gaan inzetten. Het kind knikt schuldbewust en belooft plechtig dat het vanaf nu echt beter zal gaan. Betrokkenen gaan hoopvol uiteen maar zullen zich na niet lange tijd opnieuw over precies hetzelfde probleem buigen.

Want anders dan Julian, lukt het de meeste andere tieners niet om uit zichzelf vroeger naar bed te gaan en/of hun mobieltje tijdig weg te leggen. Die gaan gebukt onder een gebrekkig vermogen tot impulscontrole. Deze tieners zullen binnen de kortste keren bezwijken voor de verleidingen die verbonden zijn aan internet en mobiel. Want alles is leuker dan slapen. Maar wat nu als deze tieners falen? Is dat dan wel hun eigen schuld? Of ligt er in deze ook of zelfs bovenal een verantwoordelijkheid bij de ouders?

Een opmerkelijk voorval kan enig licht werpen op deze vraag. Het betreft een eindexamenkandidaat uit 6 VWO die teveel haar eigen gang mocht gaan. Voor een examen ‘luistertoets Frans’ heeft zij een 4,6 gehaald. Ik probeer haar te troosten en moed in te spreken voor het eerstkomende examens Frans, maar ze wuift het weg: nee, het was echt gewoon haar eigen schuld, vertelt ze, want normaal gesproken haalde ze voor dit onderdeel tot nu toe altijd een hoog cijfer, maar ditmaal was ze dom bezig geweest, ze had vlak tevoren geblowd, vandaar. Nee dat zou zeker niet nog eens gebeuren, want ze had haar ouders gevraagd om haar vanaf nu te verbieden om tijdens examentijd te blowen.

Drie verstandige afspraken

Je ouders vragen om iets te verbieden? Helpt dat dan? Ja, volgens veel leerlingen die door hun eigen suffe gedrag vorig jaar zijn blijven zitten, wel degelijk: ouders kunnen ‘mijn telefoon afpakken als ik moet leren of naar bed moet’ geven meerdere leerlingen aan, of ‘kunnen mij verbieden naar feestjes te gaan als mijn schoolwerk nog niet af is’. Vooral als tieners hun eigen schoolcarrière schade (dreigen te) berokkenen, is het mijns inziens de verantwoordelijkheid van opvoeders om hen daarvoor – ook óngevraagd – te behoeden; ouders zouden dan het voortouw moeten nemen door met hun kind verstandige afspraken te maken, onder meer over:

1) Bedtijden (bijvoorbeeld door de week om 22.00 uur zodat het kind uiterlijk 22.30 uur slaapt)

2) Wanneer, hoe lang en tot hoe laat het kind op internet of mobieltje mag (bijvoorbeeld pas nadat het schoolwerk klaar is, maximaal anderhalf uur per schooldag en tot uiterlijk 20.00 uur)

3) Wanneer er niet en eventueel wel geblowd of gedronken mag worden (bijvoorbeeld pas vanaf 18 jaar en dan niet op schooldagen). Men kan bij dit laatste eventueel een beloning in het vooruitzicht stellen.

Door regelmatig op naleving van deze afspraken toe te zien kunnen ouders hun tienerzoon of -dochter helpen onnodige problemen op school te voorkomen. Cruciaal is het om met het vaststellen van regels over het gebruik van mobieltje en internet al in het Primair Onderwijs te beginnen.

Tot slot: Julian pleit voor voorlichting aan leerlingen over de gevolgen van onvoldoende nachtrust. Laten we die voorlichting uitbreiden naar hun ouders door op ouderavonden concrete handreikingen te doen om er samen met hun kind grip op te krijgen.