Wat kunnen burgers doen als justitie het onderzoek sluit?

Artikel-12-procedure

Justitie sloot het onderzoek, maar Sharleynes vader wil weten hóé zijn dochter omkwam. Donderdag beslist het hof over heropening. Burgers zetten het OM steeds vaker onder druk.

Foto Sake Elzinga

Een ongeval. Een misdrijf. Zelfmoord. Welke van de drie? Dat was de vraag toen de 8-jarige Sharleyne op 8 juni 2015 even voor half twee ’s nachts levenloos onderaan een flat in Hoogeveen werd gevonden. Daar woonde ze op tiende verdieping, samen met haar moeder.

Rechercheurs onderzochten het slaapkamerraam. Dat stond open. Ze bekeken vensterbank, balustrade, reling: geen klimsporen. Ze ondervroegen flatbewoners. Niets gemerkt. Een patholoog onderzocht het lichaam. Bloeduitstortingen uit- en inwendig in de hals, puntvormig in het rechteroog. Het sectierapport: „Verwurging kan niet worden uitgesloten.”

Lees ook: de recontructie die we eerder maakten van deze zaak: De val van Sharleyne

Agenten hielden de moeder aan op verdenking van betrokkenheid. Ze zat drie dagen vast en beriep zich op haar zwijgrecht. Na drie maanden sloot het Openbaar Ministerie (OM) het onderzoek. Concrete aanwijzingen voor een misdrijf zouden ontbreken. De betrokkenheid van derden bij het overlijden „kan forensisch niet worden aangetoond dan wel ontkracht”.

De Staat heeft het monopolie op vervolgen. Het OM beslist wie zich bij de strafrechter moet verantwoorden en hoeveel tijd het aan een onderzoek besteedt. In Duitsland en Engeland kunnen privépersonen in bepaalde gevallen zelf vervolging instellen. In Nederland niet. Wie het niet eens is met de beslissing van het OM niet te vervolgen, rest één mogelijkheid: de artikel-12-procedure.

Steeds meer ontevreden burgers beginnen zo’n procedure. In tien jaar nam het aantal klaagschriften toe van 2.252 tot 2.880 in 2016. In hun beschikkingen oordeelden de vier gerechtshoven vorig jaar dat één op de acht klachten gegrond was. Het OM kreeg opdracht de zaak alsnog aan de rechter voor te leggen.

De stijging is deels te verklaren door de groeiende rol die slachtoffers de afgelopen decennia in het strafproces toebedeeld kregen. Ook de bureaucratisering van het OM en de beperkte opsporingscapaciteit spelen mee, zegt strafrechtonderzoeker Leonie van Lent van de Universiteit Utrecht, die vorig jaar over de artikel-12-procedure publiceerde. „Veel zaken worden versneld en min of meer automatisch afgedaan, en dan valt de menselijke kant soms weg. Het OM legt slachtoffers vaak onvoldoende uit waarom het niet vervolgt.”

De toegenomen mondigheid van burgers speelt ook een rol, denkt Van Lent. „Ze verwachten een persoonlijke benadering, willen erkend worden. En onwelgevallige beslissingen worden minder snel geaccepteerd, zeker als uitleg ontbreekt.”

Lees ook een interview met burgemeester Loohuis van Hoogeveen: ‘We moeten bereid zijn elkaar aan te spreken’

Onvolledig politie-onderzoek

Donderdag hoort de vader van Sharleyne, Victor Remouchamps, of het onderzoek naar de dood van zijn dochter wordt heropend. Hij spande bij het gerechtshof in Leeuwarden een artikel-12-procedure aan. Na de sepotbrief en een gesprek met de hoofdofficier van justitie bleef hij met allerlei vragen zitten. Het politieonderzoek naar de doodsoorzaak is naar zijn idee „onvolledig en niet professioneel”. Hij las het dossier met zijn advocaat Liesbeth Poortman en vroeg zich af waarom van twee veegsporen, gevonden op de balustrade, het DNA niet is nagetrokken. Waarom is de kleding van Sharleyne niet onderzocht en waarom zijn de onopgehelderde bloedingen in haar hals en oog niet nader bestudeerd?

Woordvoerder Melanie Kompier van het OM wil in aanloop naar de uitspraak donderdag niet veel kwijt. „We hebben onvoldoende aanknopingspunten dat het hier om een misdrijf gaat”, zegt ze. „Het is verdrietig, maar concreet bewijs ontbreekt. Dan houdt het voor ons op. En als je wel bewijs zou hebben, is het nog maar de vraag of je een verdachte kunt vinden.”

Vooral dat laatste steekt de vader en zijn advocaat. Poortman: „Verdachte of niet, je wilt eerst weten of het meisje zelf is gesprongen, gevallen of gegooid. Dát moet het OM nader onderzoeken.” De huidige beslissing is voor geen enkele nabestaande te accepteren, denkt ze. „Dus dan ga je zelf strijden voor rechtvaardigheid, je wordt een soort rechercheur.”

En zo trokken vader Victor en zijn advocaat alle registers open. Media sprongen erop en er meldden zich twee oud-rechercheurs, Harrie Timmerman en Dick Gosewehr. Ze analyseerden het politiedossier en concludeerden in mei vorig jaar dat Sharleyne slachtoffer van een misdrijf is geworden. Hun hypothese: „Het meisje is door haar moeder, die in staat van dronkenschap verkeerde, door middel van verwurging in staat van onmacht gebracht”. Het rapport ging regelrecht naar het gerechtshof in Leeuwarden.

Ook volgde een reconstructie om te achterhalen wat de val over de toedracht zeggen kon. Antropoloog Tristan Knap van het AC Kenniscentrum en forensisch patholoog Frank van de Goot maten de afstand tussen het lichaam van Sharleyne en de gevel en lieten meermalen een pop uit hoogbouw vallen. Conclusie volgens Van de Goot: „Je kunt niet met zekerheid uitsluiten dat Sharleyne door derden over de reling is heengesodemieterd.” Omroep WNL zond er in januari een tv-programma over uit, nadat het hof kennis had genomen van de bevindingen.

Om meer inzicht te krijgen in de overwegingen van het OM, zette de vader nóg een troef in. Met advocaat Sébas Diekstra eiste hij vorige maand via de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) alle, ook vertrouwelijke, correspondentie op over de zaak: mails, brieven, beleidsstukken en faxen, gewisseld tussen arrondissementsparket, parket-generaal en justitietop in Den Haag.

Je kunt niet met zekerheid uitsluiten dat Sharleyne door derden over de reling is heengesodemieterd.

Forensisch patholoog

Foto ANP

Zoveel mogelijk fronten

Advocaat Diekstra zet wel vaker voor nabestaanden het OM onder druk. „Ik ben van de brede aanpak”, zegt hij, „ik vecht het liefst op zoveel mogelijk fronten tegelijk.” Zes opties telt hij daarvoor. Belanghebbenden beginnen een klachtenprocedure. Ze dienen een WOB-verzoek in. Kunnen aangifte doen tegen politie. Spannen een artikel-12-procedure aan om strafrechtelijk onderzoek te (her)openen. Stellen via een letselschadeprocedure derden aansprakelijk. De laatste troef: media laten meekijken. „In veel zaken is dat een hefboom.”

Maatschappelijk belang is één van de argumenten die een hof kan laten meewegen om in een artikel-12-procedure vervolging te bevelen. „Veel media-aandacht kan dat belang ondersteunen”, zegt Van Lent. Ook ‘haalbaarheid’ speelt voor het hof een rol: hoe kansrijk is vervolging en zijn er nog redelijke mogelijkheden voor nader onderzoek?

En ‘opportuniteit’: het idee dat opsporing en vervolging van álle verdachten vanwege de beperkte middelen nu eenmaal niet haalbaar is. Dit is een lastig punt, zegt Van Lent, want normaal oordeelt alleen het OM hierover. „Rechters vragen zich hardop af: moeten wij het OM nu vertellen waar het zijn capaciteit voor inzet?”

Over het antwoord denken hoven heel verschillend, merkte Van Lent in haar onderzoek. De artikel-12-procedure kent weinig regels, dus hebben rechters veel interpretatievrijheid. „De één toetst min of meer marginaal, de ander zit zowat op de stoel van de strafrechter.”

De artikel-12-procedure viel vader Victor zwaar, zegt zijn advocaat. „Hij heeft al die tijd het gevoel gehad te moeten strijden tegen een machtige monopolist die hem tegenwerkte, geen vervolging wílde.”

Mocht het hof donderdag tot dezelfde conclusie komen als het OM, dan rest alleen nog het civiel recht: schadevergoeding. Advocaat Liesbeth Poortman heeft de gemeente aansprakelijk gesteld voor de „falende” hulpverlening. Deze zaak, vindt ze, mag niet eindigen met alleen een monumentje op een graf.

    • Freek Schravesande
    • Wubby Luyendijk