College voor de rechten van de mens

Meer meldingen van discriminatie op basis van afkomst

Steeds meer mensen doen in Nederland melding van discriminatie op basis van afkomst. Dat blijkt uit de Monitor Discriminatiezaken die het College voor de Rechten van de Mens deze dinsdag publiceert. Het college ontving vorig jaar bijna zeshonderd klachten over discriminatie op ras of afkomst, dubbel zoveel als een jaar eerder. In een kleine honderd van die gevallen werd het college om een oordeel gevraagd.

In totaal kreeg het College afgelopen jaar 3.143 meldingen van discriminatie binnen, bijna 1.000 meer dan in 2015. Naast meldingen over discriminatie op basis van afkomst, gingen de meeste meldingen over discriminatie op basis van geslacht en handicap.

Het college werd in totaal 463 keer verzocht om een uitspraak over een melding te doen. De meeste verzoeken betroffen kwesties over handicap of chronische ziekte (20 procent), gevolgd door ras/afkomst (19 procent) en geslacht (17 procent). In 151 zaken werd zo’n uitspraak ook gedaan; het aantal volgens het college „kennelijk ongegronde zaken” nam toe.

Van de bedrijven die in 2016 op de vingers werden getikt wegens discriminatie, heeft 73 procent volgens het college maatregelen genomen. Soms werd excuses of schadevergoeding aangeboden, vaker ging het om structurele maatregelen die discriminatie in de toekomst zouden moeten voorkomen.

Of de toename van het aantal meldingen ook betekent dat er in Nederland meer wordt gediscrimineerd dan eerder, is niet aan te tonen, zegt een woordvoerder van het college. De stijging zou bijvoorbeeld ook te maken kunnen hebben met een groeiende naamsbekendheid van de instelling, of een grotere bereidheid van mensen om discriminatie te melden.

Volgens Adriana van Dooijeweert, voorzitter van het College voor de Rechten van de Mens, is discriminatie vaak onbewust. „Wij Nederlanders zien onszelf als modern en tolerant volk”, zegt Van Dooijeweert. „Een fout grapje moet ook kunnen, humor kleurt het leven. Discriminatie en racisme zijn beladen termen die daarmee in schril contrast staan.”

    • Mira Sys