NRC checkt: ‘Een kwart van de Nederlandse bevolking rookt’

Dat meldde NRC in een stuk over de kosten van roken voor de samenleving.

Foto Bart Maat/ANP

De aanleiding

„Bijna een kwart van de Nederlanders rookt”, schreef NRC op 12 februari in een artikel over de kosten van roken voor de samenleving. Het lijkt lezer Marco Fris dat er een stuk minder rokers zijn. „Intuïtief kom ik – roker – misschien op de helft. Wie heeft gelijk?” We zoeken het uit.

Waar is het op gebaseerd?

Het artikel van NRC gaat over een bijdrage van vijf gezondheidseconomen in het vakblad Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde. Die bijdrage begint met de zin: „Een kwart van de Nederlandse bevolking rookt.” Die stelling zullen we controleren.

Desgevraagd zegt gezondheidseconoom Johan Polder, een van de auteurs van het stuk, zich te baseren op cijfers van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). In samenwerking met het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Trimbos-instituut vraagt het RIVM jaarlijks een representatieve groep Nederlanders een vragenlijst in te vullen over hun gezondheid en levensstijl. Deze zogeheten Gezondheidsenquête vraagt deelnemers ook naar hun rookgedrag.

En, klopt het?

Volgens de Gezondheidsenquête over het jaar 2015 rookt 26,3 procent van de Nederlanders van 18 jaar en ouder. Het gaat dus in ieder geval niet om „bijna” een kwart, zoals NRC schrijft, maar om rúím een kwart. Daarnaast hebben de onderzoekers het over „de Nederlandse bevolking”, terwijl het onderzoek gaat over Nederlanders van 18 jaar en ouder. Het cijfer voor alle Nederlanders zal lager liggen doordat kinderen minder roken dan volwassenen.

Bovendien bestempelt de Gezondheidsenquête ook mensen die bijna nooit roken tot rokers. Iedereen die positief antwoordt op de vraag „Rookt u weleens?” wordt tot die groep gerekend. Steekt u drie keer per jaar voor de gezelligheid een sigaretje op? Dan bent u statistisch gezien een roker. Zoals te verwachten vallen de cijfers over dagelijkse rokers lager uit. 19,5 procent van de volwassenen Nederlanders rookt volgens de Gezondheidsenquête elke dag.

Overigens is de Gezondheidsenquête niet het enige grootschalige onderzoek waarin naar rookgedrag wordt gevraagd. Het Trimbos-instituut voert samen met het Maastrichtse Care and Public Health Research Institute jaarlijks het Continu Onderzoek Rookgewoonten (COR) uit, een studie die ook door de gezondheidseconomen wordt genoemd in hun artikel.

De cijfers van dat onderzoek vallen wat lager uit. Volgens het COR rookte in 2015 23 procent van de Nederlandse bevolking vanaf 15 jaar, 17 procent deed dat dagelijks. Het onderzoek neemt niet alleen een bredere bevolkingsgroep mee (vanaf 15 in plaats van vanaf 18), ook de vraagstelling verschilt met die van de Gezondheidsenquête. De Maastrichtse studie vraagt mensen of zij „dagelijks”, dan wel „niet-dagelijks” roken. Vermoedelijk antwoorden daar iets minder mensen positief op dan op de vraag van de Gezondheidsenquête of zij „weleens” roken.

In tegenstelling tot de Gezondheidsenquête meldt het Continu Onderzoek Rookgewoonten wel hoeveel procent van álle Nederlanders (dagelijks of niet-dagelijks) rookt: 19,8 procent. De gezondheidseconomen hadden dus ook kunnen schrijven dat een vijfde van de Nederlanders rookt. Ze beginnen hun artikel met een opmerking over „de Nederlandse bevolking”, zonder daar expliciet een leeftijdsbeperking te noemen.

Polder erkent dat het werkelijke percentage rokers lager ligt dan vermeld in het artikel, omdat zuigelingen en kinderen niet zijn meegenomen. Maar omdat onderzoeken naar rookgedrag altijd een leeftijdsgrens in acht nemen en het gaat om een „publiekssamenvatting” vindt hij de stelling dat een kwart van de bevolking rookt nog steeds verdedigbaar.

Conclusie

Een kwart van de Nederlandse bevolking rookt, schrijven vijf gezondheidseconomen. Hun onderzoek kijkt alleen naar volwassen Nederlanders, en rekent ook mensen die een keer per jaar een sigaretje opsteken tot rokers. Met die kanttekening beoordelen we de stelling als grotendeels waar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt