De onopvallende, onafhankelijke geest bij Feyenoord

Jan Wouters assistent-coach bij Feyenoord

Jan Wouters is het klankbord van Giovanni van Bronckhorst. Een tactisch brein en gevoelsmens. „Hij is de meest sociale trainer van Nederland.”

De man die zelden op de voorgrond treedt, en altijd verscholen in de dug-out zit, klimt opeens uit zijn stoel. Het is zondagmiddag, Feyenoord kraakt in zijn fundament op bezoek bij Heerenveen. Een tackle op de bal van verdediger Miquel Nelom wordt bestraft met geel, onterecht.

Feyenoord boos. De man die opveert, is Jan Wouters. De armen gaan de lucht in, hij roept wat naar de arbitrage en neemt weer plaats. Mokkend. Een glimp van zijn diepste ziel.

Hij is het mysterie van het trainersgilde, Jan Wouters (56). Grote naam als speler, nooit doorgebroken als (top)coach. Feyenoord trok hem in 2015 aan als klankbord en mentor van de, toen nog, onervaren coach Giovanni van Bronckhorst. Hij is assistent op de achtergrond. „Dat is de rol die hij wil, die hem past”, zegt Gio.

Jan Wouters als voetballer

Uit de spotlights, weg van de media. Als Van Bronckhorst zijn persconferentie geeft in de Kuip, rookt Wouters soms een sigaret op de tribune. Toen Van Bronckhorst vorige maand tegen ADO Den Haag geen mediaoptreden deed vanwege een sterfgeval in zijn familie, werd andere assistent Jean-Paul van Gastel naar voren geschoven. Niet Wouters.

Op de trainingen is Wouters „rustig” en een „beetje emotieloos”, zegt Ron van website Feyenoordtraining.nl, zijn achternaam wil hij niet in de krant. „Je hoort hem bijna nooit roepen.” Met zijn Sony A65-camera – „met sportlens” – bezoekt Ron veel trainingen op Varkenoord.

Van Bronckhorst en Van Gastel leiden de trainingen. Wouters is op de achtergrond een belangrijke schakel, zegt Ron. „Hij praat met spelers, slaat een arm om ze heen, het lijkt soms of hij ze geruststelt.” Reservespelers als Bilal Basacikoglu en Marko Vejinovic, die het moeilijk hebben, „probeert hij te motiveren”. In zijn rol als trainer van het tweede is hij meer betrokken bij de reserves.

Wouters heeft het predicaat eeuwige assistent, hoewel hij als coach bij FC Utrecht goed presteerde. Hij is de onafhankelijke geest in een door Feyenoorders gedomineerde technische staf, zo klinkt het. Van Bronckhorst en Van Gastel hebben een verleden als speler bij de club. Wouters niet, waardoor hij met meer afstand kan kijken naar de club: meer zakelijk, minder emotioneel. Een ja-knikker is hij niet, nooit geweest ook.

Een titel met Feyenoord, de club die hem qua mentaliteit zo past, zou in zekere zin eerherstel betekenen – zoals het voor velen bij Feyenoord een vorm van rehabilitatie zou zijn. Ruim een jaar geleden klonk kritiek op hem. Van Bronckhorst was in de recordreeks van zeven nederlagen zoekende. Hij wisselde constant van spelers en tactiek. Adviseur Dick Advocaat kwam. Het werd als een teken van onvermogen gezien van ‘senior coach’ Wouters. „Jan had daar misschien beter op moeten anticiperen door Van Bronckhorst beter te begeleiden”, zegt coach Ton du Chatinier, die hem bij FC Utrecht in verschillende rollen meemaakte. „Jan had als trainer iets meer moeten hebben van wat hij in het veld had. Iets meer gif.”

Van Bronckhorst vindt de kritiek van destijds onterecht. Het invliegen van Advocaat „was op dat moment de juiste keuze”, zegt hij. „Dat deed niks af aan de kwaliteiten van Jan.” Wouters contract werd onlangs verlengd tot medio 2018.

De ideale veldbezetting, de looplijnen – daar ligt Wouters’ kracht.

Tactisch komt hij „vaak met andere oplossingen”, zegt Van Bronckhorst. „Jan is tactisch meesterlijk”, zegt Rob Alflen, vriend, oud-teamgenoot en zijn assistent bij FC Utrecht. „Het is bijna een attractie als hij voor een magneetbord staat, met het geschuif van de poppetjes. Het ene systeem tegen het andere wegzetten, de valkuilen, waar kunnen we de tegenstander pijn doen, waar ligt hun kracht. Dat gaat heel diep.”

Hij was coach van Ajax toen Feyenoord zijn laatste titel won in 1999. Wouters kwam beschadigd uit die periode.

Ajax-trainer Jan Wouters werpt een blik op het scorebord, 1999. Foto Cor Mulder/Toussaint Kluiters/ANP

Ervaring had hij amper, hij stroomde als trainer van het tweede door, in 1998. Hij was 38. „Dat was gewoon een verkeerde weg”, zei hij later.

Het werd een mislukking. Het honderdjarig jubileum van Ajax in 2000 – met diverse festiviteiten – was een opeenstapeling van dramatische resultaten en crisismomenten. Directeur spelersbeleid Danny Blind stapte na negen maanden op. „Die hield het niet langer toen het slecht ging”, zegt Frank Kales, destijds algemeen directeur van Ajax. „Dat was moeilijk voor Jan, hij miste steun.”

De druk, de selectie met zo’n 55 spelers, de neergang – het was niet te managen voor de beginnende trainer. Wouters had moeite met de persoonlijke contacten, in de media, met bestuurders. Kales: „Hij is geen buitengewoon communicatief figuur. Hij doet zijn ding, werkt, kent zijn plicht.”

In de documentaire Daar hoorden zij engelen zingen wordt Wouters’ lijdensweg van dichtbij gevolgd – in de kleedkamer, op kantoor, in de bestuurskamer. Direct na het verlies in het jubileumduel, in retroshirts, thuis tegen FC Twente, snelt hij naar zijn werkkamer. Eenzaam, hoofd gebogen. Hij steekt een sigaret op en loopt naar de deur, „ik doe hem even dicht”. Hij wordt ontslagen, na vijftien maanden.

Willem van Hanegem

Van de film heeft Wouters nog lang last gehad, zegt Alflen. „Je zit niet op een camera te wachten als het niet loopt, en Jan al helemaal niet.” Een loopbaan met assistentschappen en interimfuncties volgt – bij Glasgow, Oranje, PSV, Utrecht.

Fernando Ricksen (l) met assistent-coach Jan Wouters tijdens een training van Glasgow Rangers. Foto Olaf Kraak/ANP

Meerdere mensen die hem kennen zeggen: Wouters is net als de coach Willem van Hanegem. „Die moet je ook niet in de schijnwerpers zetten, dan kan hij zijn ei niet kwijt”, zegt Rob Adelaar, materiaalman bij FC Utrecht die met beiden werkte. „Op het veld ligt hun kracht.”

Wouters, genadeloos als speler, meer gevoelsmens als coach. Alflen belt ’s ochtends om half zeven regelmatig vanuit de auto met Wouters. „Het is misschien wat raar om dit over een man te zeggen, maar hij is een lieve man.” In een interview in NRC in 1993 zei Wouters, zelfbenoemd moederskindje en jongste van zes zussen en drie broers, dat hij kan huilen als er op tv een hond wordt afgetuigd. „Zegt mijn vrouw: ‘Heb je Jan weer. Het watje’.”

Adelaar had een sterke band met Wouters in zijn tijd als Utrecht-coach. In hun gesprekken ging het over van alles, „behalve over voetbal”. Hij informeerde naar de thuissituatie bij de wasvrouw, de schoonmaker en bij hem, de materiaalman. Adelaar noemt hem een „anti-macho” in een „machowereld”. Adelaar: „Jan is de meest sociale trainer van Nederland.”