Brexit tot nu toe: duurdere Macbooks en minder studenten

Brexit Nog voordat volgende week echt een begin wordt gemaakt met de Brexit, heeft die al voor veel veranderingen gezorgd voor de Britten. Het pond is in waarde gedaald en er dreigt een tekort aan arbeidskrachten.

Foto Andy Rain/EPA

Eindelijk is het zover: na tweehonderdachtenzeventig dagen zal Theresa May volgende week woensdag een begin maken met de Brexit. Op 23 juni adviseerden 17 miljoen Britten hun regering om uit de Europese Unie te stappen.

Sinds die referendumnacht, die bij velen een fysieke reactie teweeg bracht (asgrauwe en stotterende presentatoren, vreugdetranen bij Brexiteers, een kokhalzende hoge adviseur van David Cameron) is duidelijk geworden dat de Brexit een traag, ingewikkeld en kostbaar proces zal zijn. De onderhandelingen over de scheidingsakte zullen minimaal achttien maanden duren. Het definitief ontwarren van alle vormen van integratie kan volgens sommigen een decennium duren. De Britten krijgen mogelijk een eindrekening van 60 miljard euro gepresenteerd. Dat moet nog allemaal komen. Toch is het Verenigd Koninkrijk sinds het referendum al tastbaar veranderd.

Economische schok

De meest zichtbare schok is een economische. Sinds eind juni is de koers van het pond sterling met ruim 15 procent gedaald ten opzichte van de Amerikaanse dollar. Dat is goed voor de Britse export, maar slecht voor Britse koopkracht, gezien de afhankelijkheid van de Britse consument van importproducten. Multinationals gooiden de prijzen omhoog om te compenseren voor het dalende pond. Marmite van Unilever, Macbooks van Apple, chocoladeballetjes van Mars: allemaal zijn de duurder geworden voor de Brit.

Gevolg van de koersval van het pond is ook dat Britse bedrijven goedkoper zijn geworden. Het Amerikaanse Kraft Heinz berekende dat het minder dollars nodig heeft dan een jaar eerder in de gesneefde poging het Brits-Nederlandse Unilever over te nemen.

De bewogen maanden lijken eveneens een eerste effect op de immigratie te hebben gehad. Uit de meest recente cijfers blijkt dat nettomigratie (instroom minus uitstroom) vorig jaar daalde met 49.000 mensen tot 273.000. Dat is nog steeds veel hoger dan het doel van de regering van May. Zij wil dat er jaarlijks netto minder dan honderdduizend migranten bijkomen uit zowel de EU als de rest van de wereld.

Minder Europeanen

Opvallend: voor het eerst in bijna een decennium willen minder Europeanen aan Britse universiteiten studeren. Vorig jaar daalde het aantal aanmeldingen uit de EU met 7 procent tot 42.070. Het aantal aanmeldingen van buitenlanders uit de rest van de wereld bleef wel gelijk. Universiteiten waarschuwen voor de gedaalde instroom. Puur verlies, oordelen universiteiten. Meer dan dertig rectors van de colleges van Oxford waarschuwden onlangs dat het gebrek aan zekerheid voor EU-burgers in het Verenigd Koninkrijk „enorme schade” kon aanrichten aan de kwaliteit en de reputatie van onderzoek aan de universiteit. Aanmeldingen aan University of Cambridge vanuit de EU daalden vorig jaar met 14 procent.

De Britse statistische dienst vindt het te voorbarig om de migratiecijfers te koppelen aan de Brexit, maar je hoort het steeds vaker in Londen: buitenlanders kijken om zich heen. De Spaanse barista die zegt dat hij een verhuizing naar Madrid overweegt omdat de Europese economie weer aantrekt. De Poolse parkeerwacht die met de gedachte speelt terug te keren naar Katowice „als ze mij hier niet meer willen”. Dat hij zijn twee volledig geïntegreerde dochters overhevelt naar een wereld die ze alleen van vakanties kennen, is dan maar zo. Liever minder verdienen maar thuis zijn dan ondankbaar ploeteren in het Verenigd Koninkrijk. De twijfel is terug te zien in de cijfers. Vorig jaar keerden 39.000 Oost- en Centraal-Europeanen terug naar het land van herkomst, ruim dertig procent meer dan in 2015.

Dreigende arbeidstekorten

Werkgevers reppen nu al over dreigende arbeidstekorten. Koffieketen Pret a Manger waarschuwt dat slechts een op de vijftig sollicitanten Brits is. De branchevereniging van verlos- en verpleegkundigen meldt dat er een daling van 90 procent is van aanmeldingen van nieuw personeel uit de EU. Uit cijfers die The Times opvroeg bij de National Health Service, blijkt dat vorig jaar 5.500 verpleegkundigen en artsen uit de EU zijn vertrokken, een kwart meer dan in 2015. Zonder Europese werknemers loopt de Britse gezondheidszorg vast, klinkt de waarschuwing.

De denktank Institute for Government concludeerde dat het Britse parlement de komende jaren louter tijd en capaciteit heeft om zich bezig te houden met de Brexit, aangezien alle EU-regels moeten worden omgezet in Britse wetgeving, een monnikenwerk zonder weerga.

Tegelijkertijd is de gezondheidszorg aan grootschalige hervorming toe, is er een nijpend tekort aan woningen op de huizenmarkt en kwakkelt het onderwijsstelsel. Alleen voor die grote problemen zullen Britse ministers, Lagerhuisleden, Lords en Baronessen tijd noch oog hebben de komende jaren, oordeelt de denktank. Alle energie gaat uit naar een zaak: die zich voortslepende Brexit.