De koning blijft de baas in Marokko

Nieuwe premier

De Marokkaanse koning vervangt premier Benkirane na een mislukte formatie. Werd hij te populair?

Om de vijftig meter staat er een agent aan de Boulevard de Mohammed VI in Casablanca. De straat is afgezet, auto’s worden gemaand te vertrekken. De koning is in de stad, dan wijkt alles. De wil van Mohammed VI is wet in Marokko.

„Het land wordt feitelijk vanuit het koninklijk huis bestuurd”, stelt de Franse historicus Pierre Vermeren in een telefonisch gesprek. Dat heeft de populaire premier Abdelilah Benkirane nu ook ondervonden. De koning heeft hem op vrijdag vervangen door Saadeddine Othmani (61). Het is de verwachting dat deze partijgenoot van Benkirane en voormalig minister van Buitenlandse Zaken een regering zal vormen die Mohammed VI goed is gezind. Othmani staat bekend als een man van de consensus.

Benkirane liep stuk op de formatie. Bij de verkiezingen van 7 oktober 2016 werd hij, net als in 2011, met zijn Islamitische Partij PJD de grootste. Maar het lukte hem in vijf maanden niet een coalitie te vormen. Politici die gelieerd zijn aan Mohammed VI stelden dusdanige eisen dat regeringsvorming tot mislukken was gedoemd. De koning zal ervan uit gaan dat Othmani buigzamer zal zijn. „De wijze waarop de regering wordt gevormd, is voor mij een bevestiging dat de invloed van de koning groot is”, legt Vermeren uit. „Eigenlijk regeert hij nog als vanouds.”

Lees ook: Moslimpartij PJD grootste bij verkiezingen Marokko

Toen Mohammed VI in 1999 aantrad, hoopten veel mensen dat het Marokkaanse bestel democratischer zou worden, zegt Vermeren. Er waren wat onlusten, maar de koning wist die redelijk snel te bedaren met enkele toezeggingen, zoals de belofte dat hij de premier zou aanwijzen uit de grootste partij.

Dat gebeurde ook: de islamist Benkirane vormde een regering en groeide uit tot een populaire premier. In de ogen van de koning werd hij misschien wel té populair. De nieuwe premier Othmani – opgeleid als psychiater – is weliswaar ook afkomstig uit de Islamitische Partij, maar heeft minder charisma en is veel minder uitgesproken dan zijn voorganger.

Benkirane had graag meer macht naar zich toe getrokken. Als premier moest hij constateren dat de belangrijkste besluiten over binnen- en buitenlandse politiek vanuit het paleis worden bepaald. Benkirane stelde meer dan eens dat hij niet verantwoordelijk kon worden gehouden voor allerlei misstanden in een land dat feitelijk door de koning wordt bestuurd. Maar hij sloeg nooit met zijn vuist op tafel en bleef loyaal aan Mohammed VI. Daarmee hield hij de positie van de monarch in stand en bleef zelf vleugellam.

Vriend van de koning

In het Marokkaanse systeem is het voor één partij bijna onmogelijk een meerderheid in het parlement te veroveren. Benkirane wist bij de verkiezingen van vorig jaar met achttien zetels te groeien naar 125 van de 395 parlementszetels, maar ontkwam niet aan nieuwe coalitievorming.

Aan de andere kant van de tafel zat de RNI (Nationale groepering van Onafhankelijken, 37 zetels) van de nieuwe partijleider Aziz Akhannouch. Deze magnaat – die na de koning en zakenman Othman Benjelloun als rijkste Marokkaan wordt beschouwd – is een intieme vriend van de koning en wordt gezien als een ‘handlanger van het paleis’.

De onderhandelingen tussen Benkirane en Akhannouch verliepen zo moeizaam, dat er voor het eerst sinds 1956 al ruim vijf maanden geen uitzicht was op een nieuwe regering in Marokko. Hoewel de RNI als vierde partij over slechts 37 zetels beschikt, eiste Akhannouch inspraak over andere coalitiepartners. Benkirane weigerde dat. De patstelling was compleet.

De conservatieve Marokkaanse pers wees de premier als schuldige aan, terwijl kritische media veronderstellen dat vanuit het paleis werd geprobeerd de invloed van de islamisten te beperken. Het is nu aan Othmani de zaak vlot te trekken.

Mohammed VI maakte de voorbije tijd handig gebruik van de politieke impasse. Vrijwel wekelijks maakt de minister van Binnenlandse Zaken (die indirect onder de koning valt) de arrestatie van groepjes jihadisten bekend. Ook het buitenlandse beleid verliep in handen van de Marokkaanse koning voortvarend. Zo stemden onlangs alle 395 parlementariërs voor de terugkeer van Marokko in de Afrikaanse Unie. Koning Mohammed VI was even later de grote ster op de bijeenkomst van Afrikaanse landen in Ethiopië.

Moderner Marokko

Journalist en mensenrechtenactivist Maati Monjib, secretaris van de Marokkaanse vereniging voor onderzoeksjournalistiek, was in 2011 een van de voortrekkers in een burgerbeweging die dacht stappen naar een moderner Marokko te kunnen zetten. Nu wordt hij beschuldigd van het ‘ondermijnen van de interne veiligheid van de staat’ – een proces laat al tijden op zich wachten. Hij wikt en weegt zijn woorden: „Het is in Marokko nog te gevoelig openlijk over de koning te praten”, legt hij via de telefoon uit.

Monjib: „Laat ik het zo zeggen. De regering heeft enkele sociale veranderingen doorgevoerd. Ze hebben vrouwen, kinderen en Berbers meer rechten gegeven. Sommige achtergestelde gebieden hebben een impuls gekregen. Maar als het gaat om politiek en de vrijheid van meningsuiting, is er niets veranderd. De koning heeft alle machtsposities gemonopoliseerd. Marokko mag niet als liberale democratie worden afgeschilderd, zoals het land dat zelf graag propageert. Met de hulp van het establishment wordt nog steeds een autoritaire staat met middeleeuwse trekjes in stand gehouden.”

Lees ook het achtergrondstuk over de twee gezichten van Marokko: Hervormingen en verkiezingen, maar ook repressie

De Franse hoogleraar Vermeren begrijpt wel dat er in Marokko weinig kritiek is op de koning. Als er protesten zijn, richten die zich tegen het corrupte staatsapparaat – de zogenoemde Makhzen – en zelden tegen Mohammed VI.

„De meeste Marokkanen weten dat de rol van de koning gecompliceerd is. Maar ze kijken ook naar de revolutie in Egypte, de crisis in Irak en de oorlog in Syrië. De bourgeoisie zal zich niet snel verzetten, zolang er maar enige stabiliteit en veiligheid is.”

    • Koen Greven