Frits van Eerd en Jan Lammers overleggen tijdens testtrainingen in Aragon (boven). Het team van Van Eerd deed eerder deze maand uitvoerige trainingen af op het Spaanse circuit (midden). Op de foto onder Van Eerd zelf.

Foto’s Mark Koense en Dunlop

‘Mijn leiderschap heb ik het meest ontwikkeld in de autosport’

Frits van Eerd, Jumbo-baas en autosportfanaat

Frits van Eerd, CEO van Jumbo Supermarkten, is al van jongs af aan idolaat van racen. Hij sponsort Max Verstappen al jaren, maar rijdt zelf ook op hoog niveau. „Mijn leiderschap heb ik het meest ontwikkeld in de autosport.”

Mijn passie voor snelheid? Ik heb het niet van mijn vader, van niemand eigenlijk. Al op jonge leeftijd ben ik gaan motorcrossen, dat is erg populair in Brabant. Ik sleutelde graag aan brommertjes. Ben heel snel in de handel van die dingen gegaan. Van de opbrengst kocht ik een crossmotor. Dat werden er al snel twee, drie. Mijn vader zei altijd: als je het zelf kan verdienen, dan mag je het ook zelf opmaken. Heb alle vakdiploma’s gehaald in de techniek, allemaal in de avonduren. Ik wilde aanvankelijk een autobedrijf beginnen. Daarnaast heb ik bedrijfskunde gestudeerd.

Van jongsaf aan was ik helemaal idolaat van autosport. Ging vaak naar Zandvoort. Droomde dat ik dat zelf ook een keer wilde gaan doen. Daar ben ik eind jaren tachtig mee begonnen. Low budget, beetje proberen. Maar uiteindelijk heb ik best veel ervaring opgedaan. Formule Ford, Formule Renault, Dakar, ben Nederlands rallykampioen. En nu Le Mans.

Snelheid geeft zo’n geweldig gevoel, geeft veel energie. Hier op het circuit ben ik helemaal in mijn element. Als ik naar huis ga, ben ik weer helemaal opgeladen.

Je fysiek is in deze sport heel belangrijk. Elke dag doe ik wel iets; spinning, gewichten, zes kilometer hardlopen. Dat geeft je ook in het werk energie. Want managen is vooral zitten.

Een jonge papa, geen oude zak

Als je je niet sterk voelt, kun je niet hard rijden. Ik word dit jaar vijftig, durf de competitie met mijn leeftijdgenoten aan. Ik heb een jonge vrouw, jonge kinderen. Ik wil een jonge papa zijn, geen oude zak. Gezond oud worden is het doel. Daar heb ik veel avontuur voor nodig. Jumbo is een avontuur. De markt veroveren, van één winkel naar ongeveer twintig procent van de markt gaan. Winnen, dat vind ik zo fantastisch.

Ik heb een mooie balans in het leven, door enerzijds heel veel met de autosport bezig te zijn, anderzijds met het bedrijf. Mijn leiderschap heb ik het meest ontwikkeld in de autosport. Het is zo’n eye opener geweest, daar profiteer ik elke dag van.

Hoe? Samen dingen doen, een missie proberen te volbrengen. Niet het baasje willen zijn. Platte organisatie, open structuur, altijd overleggen. Je kunt alleen maar hard rijden op basis van vertrouwen in het hele team.

Ik had vanmorgen even overstuur, maar dat kan ik niet alleen oplossen.

Ik heb besloten om op mijn 25ste in zaken te gaan, op voorwaarde dat we eigen supermarkten zouden beginnen. We hadden al 75 jaar een familiebedrijf, een groothandel. We leverden aan zelfstandige kruideniers die nu niet meer bestaan, maar ook aan ketens als Coop. Ik heb gezegd: we moeten zelf klanten hebben. In 1996 zijn we met de eerste winkel begonnen en het is nooit meer opgehouden. Ik had er toen al bijna acht jaar autosport op zitten.

Toen ik met Jumbo begon, moest ik natuurlijk een mooie kleur hebben. Dat was voor mij niet zo moeilijk. Had altijd een enorme fascinatie voor het team van Minardi in de Formule 1. Een echt Italiaans team, dat er zo ontzettend op gericht was om te overleven. Het was elk jaar weer spannend of ze er bij waren. En als ze kwamen dan hadden ze de allermooiste auto, wauw!

Alles in Minardi-geel

Ik heb van nature veel meer affiniteit met de underdog, met een winnaar op voorhand heb ik niet zoveel. En die Minardi was een sympathieke gast. Ik heb zijn kleur geadopteerd. Geel is een beetje een rare kleur, maar ook heel mooi. Dus brommer geel, rally-auto geel, helmpje geel. Allemaal Minardi-geel. Mijn eerste winkel was dus ook geel, wist ik veel dat ik er zoveel zou krijgen. Mijn droom was dat ik misschien vijftig winkels in mijn leven zou hebben, het zijn er inmiddels zeshonderd.

Waar haal je de tijd vandaan, ja goeie vraag. Dat is buitengewoon lastig. Het bedrijf staat op één. We zijn geen financiële instelling, we zijn ondernemers. Ik ben hier in Spanje gekomen door een klein vliegtuigje te huren, dan koop je heel veel tijd. Je moet niet prutsen in het leven.

Een blad als Quote trekt alles uit zijn verband. Maakt er een hoop poeha van. Dit is niet even een uitstapje of een uitspatting. Als je ziet hoe professioneel we het opzetten. Ik laat mij niet door zo’n blad in die patserige context slepen. Het gaat mij helemaal niet om geld. Dit is mijn leven.

Ik realiseer me heel goed dat ik het eerste jaar Le Mans niet kan winnen. Maar we gaan wel proberen zo ver mogelijk te komen.

Straks rijdt er een Jumbo-auto in het wereldkampioenschap van de Le Mans-klasse. Mensen verwachten niet dat ik in mijn rol zoiets doe. Daar heb je toch een Jan Lammers voor?

Ik sponsor Max Verstappen al jaren, ook toen niemand naar hem omkeek. Toen hij in de Formule 3 stapte zijn we er vol ingegaan. De sponsoring draagt bij aan de trots van ons merk. Naast het zakelijke zijn er andere elementen die het bedrijf succesvol maken en één daarvan is sympathie.

Max heeft Formule 1 een boost gegeven. Waarom is die sport zo saai geworden? Ik vraag me allang af waarom die auto’s zo spuuglelijk zijn. Het geluid is er niet, het vermogen is er niet. Blij dat de auto’s nu brede banden hebben, mooie achtervleugel, mooie neus. Het moet harder kunnen. Waarom mag je elkaar niet een beetje afsnijden? Moet het allemaal zo clean zijn?

Tien jaar geleden is het idee voor dit team ontstaan. Heb altijd tegen Jan Lammers gezegd: ik zal je sponsoren, op voorwaarde dat als ik Le Mans ga rijden, jij me gaat helpen. Rubens [Barrichello] is echt een lieve gast, vergeet niet dat hij de meest ervaren coureur in de geschiedenis van de Formule 1 is. Hij heeft meer dan driehonderd grands prix achter zijn naam.

Ik ben een paar jaar te lang in Dakar blijven hangen. Wilde het vijf jaar doen. Eerste keer dat ik stond ingeschreven, in 2008, ging ie niet door. Daarna hield de overname van Super de Boer mij volop bezig en daarna de overname van C1000. Bij die overnames staat alles even uit.

De eerste jaren van de autosport heb ik veel meer risico gelopen dan nu. Nul budget, veel geklus. Toen brak er onderweg nog wel iets af. Ik kan me nu niet voorstellen dat er iets gebeurt, wat een perfecte techniek.

Ja, ik ben de bronzen rijder van het team. Elk team moet een onervaren coureur hebben. De laatste keer dat ik in deze auto heb gereden, was in december in Amerika. Vanaf nu begint voor mij het seizoen. Binnenkort zitten we op Monza, daarna eerste race op Silverstone en vervolgens gaan we naar Spa en Le Mans. Jan leert mij heel veel. Maar de rondetijden met hem verschillen niet zo gek veel.

Op het rechte eind heb je best wel wat tijd. Kun je een paar seconden naar je stuur kijken. Al die functies! Je weet ongeveer waar alles zit. Angst? Alleen voor de regen. Ik ben wel eens wezen kijken naar Le Mans en heb doodsangsten uitgestaan voor de rijders. Ik hoop dat ze mij niet direct in de regen zetten. Je ziet bijna niets door de spray.

Onder controle blijven

In zaken geldt ook: er is geen limiet. Of beter, de limiet is hetzelfde als in de autosport: onder controle blijven. We kunnen met ons bedrijf nog heel wat stappen zetten. We willen naar 25 procent van de Nederlandse markt, maar niet met gekke avonturen.

Hotels, reizen? Nou ehm, eigenlijk niet. Je kunt nooit zomaar in een nieuwe markt stappen, alles is zo vreselijk competitief. Neem e-commerce, boodschappen thuis brengen. Daar hebben we inmiddels een kleine honderd miljoen in zitten, met een omzet die nog erg klein is. Met de formules die we hebben, kunnen we nog jaren vooruit.

Ik heb Jan en Rubens om mij zoveel mogelijk te helpen. Het is niet andersom. Ik zal tijdens de race altijd een gelijk aantal uren maken of meer. Maar nooit minder. Want het is mijn team. Ik beloof hen dat het niet aan mijn tijden zal liggen. Dat ze zeggen ‘kom maar uit die auto want dan kunnen we tien plaatsen omhoog’. Dat gaat echt niet gebeuren.

    • Harry Meijer