Meldpunt Kinderporno krijgt weer meer meldingen binnen

Met opnieuw meer meldingen van grotendeels Nederlandse servers is de beschikbare mankracht bij het meldpunt “volstrekt onvoldoende”.

Computer met webcam en een pornowebsite. Foto Lex van Lieshout/ ANP

Op Nederlandse servers is steeds meer kinderporno te vinden. Vorig jaar werd door het Nederlandse Meldpunt Kinderporno op bijna 70.000 URL’s (webadressen) strafbaar beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik aangetroffen. Bijna 57.000 van die webadressen (82 procent) bevonden zich op Nederlandse servers.

Dat er zoveel kinderporno op Nederlandse servers te vinden is, komt volgens het meldpunt door de “goede digitale infrastructuur” in ons land. In het rijtje van landen waar beeldmateriaal van kindermisbruik gehost wordt, staat Nederland volgens het meldpunt “al jaren” in de top drie:

“In verschillende internationale lijstjes neemt Nederland inmiddels zelfs de eerste plaats in op de wereldranglijst.”

Het Meldpunt Kinderporno, onderdeel van het Expertisebureau Online Kindermisbruik, meldt jaarlijks het aantal URL’s dat vermoedelijk materiaal bevat van seksueel kindermisbruik. Vorig jaar kwamen er 100.478 meldingen binnen bij het bureau. Van de gemelde webadressen zijn er dus bijna 70.000 als strafbaar bestempeld. Dat is een stijging van 60 procent ten opzichte van 2015.

Het meldpunt spreekt - net als in 2015 - van een “explosieve stijging” van het aantal aanwijzingen. Het aantal meldingen hoeft niet per definitie te betekenen dat er meer materiaal op internet te vinden is van seksueel kindermisbruik. Het zou ook kunnen dat mensen de laatste jaren het meldpunt steeds beter weten te vinden. Toch lijkt dat niet het geval te zijn, volgens het meldpunt:

“Wij zijn niet de enige die het aantal meldingen zien stijgen. Ook bij de politie stijgt dat aantal en bij andere meldpunten ook.”

Politie

Het aantal meldingen van kinderpornografisch materiaal op internet dat de Landelijke Eenheid van de Nederlandse politie vorig jaar binnenkreeg is inderdaad ook gestegen, zo bleek uit cijfers in oktober. In de eerste tien maanden van 2016 kregen zij 12.000 meldingen binnen, bijna een verdubbeling ten opzichte van een jaar eerder.

Een groot deel van de meldingen gaat over online kinderporno. De Amerikaanse wet verplicht internetbedrijven zoals Google, Microsoft en Facebook melding te maken van mogelijk kinderpornografisch materiaal. Deze meldingen worden door de Amerikaanse organisatie National Center for Missing and Exploited Children (NCMEC) verzameld en onderzocht. Vervolgens versturen zij de melding naar de politie in het land waar het materiaal is bekeken, geüpload of gedownload.

Dat het aantal meldingen bij het Nederlandse Meldpunt Kinderporno veel meer meldingen binnenkrijgt dan de politie, komt omdat laatstgenoemde vanuit haar site doorverwijst naar het meldpunt. Op de site zegt de politie daarover:

“Leest u op een forum dat personen kinderporno uitwisselen? Of merkt u dat personen minderjarigen seksueel benaderen bijvoorbeeld via een chatsite of via een webcam? Deze informatie kunt u delen via het meldformulier van het Meldpunt Kinderporno op internet. Hier wordt de situatie beoordeeld en gewogen.”

Lees ook: Lees ook: De strijd tegen online kindermisbruik

‘Onhoudbare situatie’

Door de jaarlijkse stijging van het aantal aanwijzingen, is de beschikbare mankracht bij het meldpunt “volstrekt onvoldoende”, aldus het Nederlandse Meldpunt Kinderporno. Momenteel is er 4,5 fte beschikbaar om de aangegeven websites te analyseren.

In 2008 had het meldpunt 3 fte en kwamen er 8.600 meldingen binnen. “Gezien de hoeveelheid meldingen en de zwaarte van het werk kunnen we spreken van een situatie die niet alleen onhoudbaar, maar ook onverantwoord is”, aldus het meldpunt.

    • Maarten Back