Opinie

    • Christiaan Weijts

Nu is het tijd voor een groen-rechts-kabinet

De enige echte winnaar van deze verkiezingen is GroenLinks-leider Jesse Klaver, schrijft . Hij verdient een royale stoel aan de formatietafel.

Hoewel hij het formaat had van de wegenkaart van Centraal Azië, miste ik toch nog één smaak op mijn stembiljet. Namelijk: groen-rechts. Want waarom zouden de zorgen om ons overlevingsrantsoentje aan lucht, aarde en water exclusief ‘links’ moeten zijn? Het mooie van de uitslag van woensdag is dat zo’n groen-rechts-kabinet daar nu de meest logische en billijke vertaling van is.

Ga maar na. Dat rechtse partijen het grootst werden was niet verwonderlijk. In de aanloop naar de verkiezingen zwaaiden veel links-georiënteerden graag met lijstjes die angstige zwartkijkers op hun plek moesten zetten: wisten die wel hoe goed ons land ervoor stond? Beste gezondheidszorg van Europa, tweede in pensioenen, in koopkracht, in persvrijheid, de immigratie daalde zelfs, enzovoorts, enzovoorts. Hoe kon je in zo’n paradijs nu PVV stemmen?

Die verontwaardiging deed denken aan de Europese verkiezingen van 2009. Hoe konden ze in Volendam en Limburg nu massaal PVV hebben gestemd terwijl daar amper allochtonen wonen? Het antwoord is simpel: juist daarom. Wie het goed heeft, wil dat alles blijft zoals het is. Zo werden die linkse jubellijstjes onbedoeld een aansporing om te stemmen op de drie rechtse die nu het grootste zijn. De behoudende partijen – VVD, PVV en CDA – scoorden hoog, net als D66, dat de laatste jaren iets rechtser werd en het kabinet vaak steunde.

We hebben het goed, maar ons land en Europa worden van alle kanten door gevaarlijke gekken omringd: Poetin in het Oosten, Erdogan in het Zuiden, Trump in het Westen. Hoe licht ontvlambaar zulke figuren zijn weten we sinds 2013 in het diplomatieke conflict met Rusland, en sinds vorige week met Turkije. We hebben een instabiele Europese Unie, vluchtelingen aan de buitengrenzen, de radicale islam…

De reflex is behoudzucht en voordat je het weet staan we achter de dijken het volkslied te zingen

Sommige van die gevaren zijn reëel, andere irreëel. Vijanden en nepvijanden. Ze zijn niet altijd even goed van elkaar te scheiden, en de reflex is de behoudzucht die we nu zien, voordat je het weet staan we achter de dijken het volkslied te zingen. Dat is begrijpelijk, maar de uitslag laat ook iets anders zien.

Met zo’n tien zetels verlies kun je de VVD onmogelijk de verkiezingswinnaar noemen. De enige echte winnaar van deze verkiezingen heet Jesse Klaver, de enige die zijn zetelaantal zo’n beetje verviervoudigde. Hij lijkt erin geslaagd ook in Nederland een beweging als die van Thomas Piketty, Slavoj Zizek (het Sloveense ‘denkbeest’) of Bernie Sanders te begeesteren.

De enige echte winnaar kun je onmogelijk opzij schuiven. Ik geef toe, ik was aanvankelijk vrij sceptisch over Klaver, maar deze prestatie verdient behalve respect ook een royale stoel aan de formatietafel.

En dat is nodig om de VVD en het CDA in balans te houden. De angst voor Wilders was daar zo groot dat ze allebei naar diens retoriek zijn opgeschoven. Het wordt de taak van GroenLinks, met D66, om een menselijker gezicht uit dat campagneharnas vandaan te trekken.

Ik noemde net die juichlijstjes, maar in één lijstje staan we niet bovenaan. Dinsdag kwam Eurostat opnieuw met onthutsende cijfers: Nederland staat op alle fronten rond duurzaamheid en klimaat helemaal onderaan.

Klavers winst kan Rutte dwingen dat verdwenen idealisme weer uit de verstofte backup-servers te trekken

Dat dit onacceptabel is, zal toch ook bij Mark Rutte duidelijk zijn. Het was nota bene Rutte zelf die in 2008 verklaarde dat ‘groen-rechts’ de nieuwe VVD-koers was. „Groei en groen zijn geen tegenstelling, maar kunnen elkaar versterken”, schreef hij toen, op – niet lachen – zijn Hyves-pagina. Klavers winst kan Rutte dwingen dat verdwenen idealisme weer uit de verstofte backup-servers te trekken.

Ook dan blijven het pittige onderhandeling met Klaver, want Rutte zag ook toen niets in extra milieubelastingen en wilde juist verdienen aan nieuwe energievormen, de elektrische auto en andere schone technologie, maar het is nodig, en de kiezer wil het.

Toen ik deze week rondwandelde rond het Binnenhof telde ik tv-zendwagens van wel elf verschillende landen. Allemaal hoopten ze live verslag te gaan doen van de kiem van het nieuwe Europa. Misschien doen ze dat ook wel. Misschien is die kiem niet de populistisch-patriottische lente, maar een realistische verbinding van de groenen met de liberalen.

En misschien is Nederland daar inderdaad de plek voor, omdat wij al eerder, met de LPF en met de PVV-gedoogconstructie, de keerzijde van het populisme hebben gezien die ze nu pas in Engeland en de VS meemaken. En die ons als afschrikwekkend voorbeeld eraan heeft herinnerd ons heil bij de veilige partijen te zoeken.

Groen rechts. Het stond niet op de kaart, maar is wel raak. Bij mij thuis is dat overigens op een heel natuurlijke manier opgelost: de een bleek rechts te stemmen, de ander groen. En ik krijg zo de indruk dat wij daarin lang niet de enige zijn.

    • Christiaan Weijts