David Longstreth, frontman van de Amerikaanse band Dirty Projectors

Foto Jason Frank Rothenberg

‘Het ritme gaf me houvast’

Popgroep Dirty Projectors Zijn geliefde stapte uit de band, waarna David Longstreth een scheidingsalbum aan haar wijdde.

De liedjes van de Amerikaanse band Dirty Projectors klinken gecompliceerd, barok en gefragmenteerd. De klank lijkt opgebouwd uit ontelbare brokstukjes die door een magiër door elkaar zijn geschud en vervolgens weer aan elkaar gelast. Het is cerebrale muziek met de kracht van een mandala: een repeterendbe patroon van vormen waar je op moet turen voordat de structuur zich prijsgeeft.

Via de omweg van deconstructie arriveert de muziek uiteindelijk bij een uitzonderlijk soort ritmiek en dansbaarheid, waarin stadse nervositeit tegenspel krijgt van pastorale ondertonen.

De magiër laat geen instrument onbenut, van kerkorgel tot elektronische stofzuigergeluiden, van over elkaar heen buitelende zangstemmen tot schurende effecten. Het resultaat is soms ondoorgrondelijk, soms verheffend door de ingenieuze samenstelling.

Hij zingt als een vrouw, een koorknaap, of – door autotunesoftware geholpen – als een robot

Die magiër in kwestie is een lange tengere man van 34 jaar, met de naam David Longstreth. Hij richtte Dirty Projectors op in 2002 en maakte met deze groep al een reeks cd’s, waarvan niet veel exemplaren verkocht werden, maar die door hun bijzondere stijl veel waardering kregen. Het nieuwe, achtste album heeft geen titel, en dat is opvallend – want meestal het kenmerk van een debuut. In zekere zin is dit ook een nieuw begin, want sinds 2015 veranderde Dirty Projectors van vorm. Zangeres/gitariste Amber Coffman vertrok, als bandlid en als geliefde van Longstreth, en in haar kielzog vertrokken ook de twee andere zangeressen, zodat het zestal werd opgeschud.

In de liedjes op het nieuwe album wordt de ontrafeling van hun verhouding geboekstaafd, in nummers als ‘Winner Take Nothing’ en ‘Little Bubble’. Een ontroerend voorbeeld is ‘Up In Hudson’, dat de relatie met Coffman in negen coupletten naloopt, van de eerste ontmoeting, via hun stormachtige interactie tot een onvermijdelijk einde, waarbij Longstreth zich van de vroegere liefde moet losscheuren. De gefragmenteerde muzikale klank krijgt zo een extra betekenis, als verbeelding van de gruzelementen van Longstreths hart.

Beluister hieronder Up In Hudson:

Ongeveer een jaar na de opnamen van het album, en alweer drie jaar na de breuk, zit David Longstreth in een Amsterdams hotel en eet een broodje roerei. Hij komt rechtstreeks uit New York, waar hij meeliep in een grote demonstratie tegen Donald Trump. Een „indrukwekkende ervaring”, zegt hij.

In de periode na zijn scheiding verbleef Longstreth in een huisje aan de Hudson, ten noorden van New York. Daar begon het onvermijdelijke nieuwe hoofdstuk van zijn carrière – alleen. „Daar maakte ik muziek zonder na te denken, bijna alsof ik een computerspelletje deed. Ik programmeerde een reeks ritmes en luisterde daar eindeloos naar. Het ritme gaf een geruststellende structuur. Dat moest doorgaan, het gaf me houvast. Er was geen onderscheid tussen mijn bezigheden: of ik nu programmeerde of een sandwich maakte, mijn muzikale gedachten gingen steeds door.”

Muziek is als een raam, het geeft uitzicht op mijn inwendige beslommeringen

Tijdens het luisteren begon hij te zingen. „Zo ontstond een melodie. Die ik vervolgens in stukken knipte. En nog eens in stukken knipte.” Hij lacht.

Bij afwezigheid van de zangeressen Coffman, Haley Dekle en Angel Deradoorian, vertolkt Longstreth hun volière-achtige klankrijkdom nu zelf. Net als zijn muziek kan Longstreths stem zich als een amoebe vervormen: hij zingt als een vrouw, een koorknaap, of – door autotunesoftware geholpen – als een robot.

De nieuwe aanpak voerde hem van Hudson naar Los Angeles, waar hij ging wonen en een studio bouwde, en vervolgens naar Miami, om alle componenten aan elkaar te mixen. „Ik heb mij eindeloos beziggehouden met het loshalen van de muzikale elementen”, zegt hij, „en daarna weer gepuzzeld om de muzikale delen op een logische manier te combineren.”

Waarom gebruikt Longstreth zoveel verschillende bouwstenen? Hij kijkt verbaasd. „Dat is voor mij vanzelfsprekend. Mijn gedachten verlopen nu eenmaal niet rechtstreeks van A naar B. Muziek loopt parallel aan mijn innerlijke monoloog. En daarom is musiceren belangrijk voor me. Muziek is als een raam, het geeft uitzicht op mijn inwendige beslommeringen. Mijn klanken en arrangementen laten zien hoe ik denk”, hij is even stil, „en voel.”

Beluister hieronder Winner Take Nothing:

Behalve van een veelzijdig innerlijk geeft Longstreth blijk van humor. Het gevarieerde scheidingsalbum eindigt met het kreunende orgel-intro van ‘I See You’; een nadrukkelijke verwijzing naar een van de meest erotische duetten uit de popgeschiedenis, ‘Je T’aime… Moi Non Plus’, van Serge Gainsbourg en Jane Birkin. Humor kon weer een rol spelen, want Longstreth heeft zich met de situatie verzoend. Dat blijkt uit ‘I See You’: ‘Forgiveness, reconciliation/ Gratitude, you know me and I know you’.

In de loop van hun carrière had Dirty Projectors zich geassocieerd met de r&b-scene. Longstreth maakte ooit het ingetogen dansbare ‘Stillness Is The Move’ (2009). Daarna werd hij door meerdere kopstukken uit de r&b gevraagd voor samenwerking, met Kanye West, Solange Knowles, en Rihanna bijvoorbeeld.

Twee jaar geleden schreef hij mee aan de hit ‘FourFiveSeconds’ van West, Rihanna en Paul McCartney. Hij vertelt hoe dit in zijn werk ging. „Voor ‘FourFiveSeconds’ schreef ik de ‘bridge’, het tussenstukje. En een deel van het refrein. In het huis van Kanye West was in alle kamers een studio ingericht waarin meerdere songschrijvers zaten te werken. Hij gaf iedereen een fragment en vroeg om erop door te denken. Je ging aan het werk, en hij keek na afloop of het in zijn plaatje paste.”

Krijgt de samenwerking met Solange en Kanye West een vervolg? „Met Solange wel, vermoed ik.” Hij lacht even, wrang. „Wat betreft Kanye moet ik afwachten, hoe zijn Trump-sympathie zich ontwikkelt.”

Dirty Projectors is nu uit bij Domino.
    • Hester Carvalho