Oerleven

Draadjes en bolletjes van 1,6 miljard jaar oud lijken eerste ‘planten’ op aarde

Foto Stefan Bengtson

In India zijn fossiele algen van 1,6 miljard jaar oud gevonden. Mogelijk gaat het om de oudste fossielen van meercellig leven op aarde. Scandinavische onderzoekers onderscheiden een draadalg en knolletjesalg. Ze denken dat het vroege roodwieren zijn. De ontdekking van de fossielen stond woensdag in PLOS Biology.

Het verschijnen van meercellig leven wordt gezien als een grote stap in de evolutie. Het markeert het moment dat individuele cellen gaan samenklitten en samenwerken. Meercelligheid ontstond meerdere malen. De drie bekendste groepen meercelligen zijn algen en planten, schimmels en dieren.

Het is nog onduidelijk wanneer de eerste meercelligen precies verschenen. Het roodwierfossiel Bangiomorpha van 1,2 miljard jaar oud gold lang als oudste exemplaar. Maar vorig jaar kwamen Chinese onderzoekers met fossielen van tongvormige bodemorganismen die 1,56 miljard jaar oud zijn.

De nieuwe fossielen zijn gevonden in het Vindhyagebergte in het midden van India. 1,6 miljard jaar geleden was dit een ondiepe zee. Sommige steenlagen zitten vol microscopisch kleine buisjes: de overblijfselen van cyanobacteriën die uitgestrekte matten vormden.

Tussen de bacteriën zagen de Scandinaviërs ook dikkere buizen en knolletjes: geen bacteriën, maar meercellige algen, denken de onderzoekers. Ze noemen de buizen Rafatazmia. Die zijn maximaal een paar millimeter lang en 0,05 tot 0,2 mm dik. De draadjes zijn onderverdeeld in compartimenten. Moderne roodwieren vormen ook zulke draden met ‘hokjes’. De onderzoekers vonden ook overblijfselen van celorgaantjes in de buisjes. Bacteriën missen die celorgaantjes.

Naast buisjes vonden de paleobiologen ook knollen in de bacteriematten. Deze fossielen kregen de naam Rhamathallus. Eén rhamatallus-knol is zo’n 0,5 tot 3 millimeter in doorsnee. De onderzoekers gaan ervan uit dat Rhamathallus op de zeebodem groeide.

    • Lucas Brouwers