Asscher kan ongekende klap PvdA niet afwenden

PvdA

De sociaal-democraten leden het grootste verlies ooit. Of deze uitslag zonder personele gevolgen zal blijven, moet de komende dagen blijken.

Oud-minister en -partijleider Wouter Bos met PvdA-partijvoorzitter Hans Spekman en -lijsttrekker Lodewijk Asscher. Foto Bart Maat/ANP

De PvdA’ers waren voorbereid op een zware avond en groot verlies. Maar zo groot en zo zwaar?

Nee. De zaal viel stil bij de eerste exitpolls. Er waren peilingen geweest die negen zetels hadden voorspeld, maar vaker stond de partij op twaalf of dertien – en PvdA’ers zeiden aan het begin van de avond nog tegen elkaar dat er misschien ook wel wat méér in zat.

Zo was het niet. Voor de PvdA kwam het slechtste scenario uit: onder de tien zetels. Het grootste verlies ooit, het laagste zetelaantal ooit.

Partijvoorzitter Hans Spekman kwam de PvdA’ers, in de WesterUnie in Amsterdam, snel toespreken. Ze moesten „een drankje nemen” en „veel met elkaar praten”. Zijn belangrijkste boodschap: „De sociaal-democratie staat altijd weer op.” En: „We gaan met mensen praten”. Om te begrijpen waar de partij dit aan had verdiend.

Weinig PvdA’ers hadden al zin in een diepgaande analyse. „Dit is een keiharde afstraffing”, zei oud-FNV-bestuurder Gijs van Dijk, vijfde op de kandidatenlijst voor de Tweede Kamer. Maar waarvoor precies? „We hebben mensen echt beschermd in crisistijd.”

‘Bittere avond, dramatische uitslag’

Of er nu ook PvdA’ers ‘gestraft’ zouden moeten worden? Spekman bijvoorbeeld of lijsttrekker Lodewijk Asscher zelf? „Nee”, zei Van Dijk. „Dat koppen snellen bij de PvdA moet afgelopen zijn. We moeten dit dragen als collectief.”

Asscher zelf had het in zijn speech over een „bittere avond” en een „dramatische uitslag”, maar ging al snel over op peptalk. Nu was het tijd voor „wonden likken”. „Maar sneller dan je nu denkt, zullen we ook weer met elkaar lachen.” En: „De sociaal democratie zal terugkomen en het bouwen begint vandaag.”

De PvdA-leider zag er minder verslagen uit dan voorzitter Spekman of bijvoorbeeld Jetta Klijnsma, of Jeroen Dijsselbloem. Toch is deze verkiezingsuitslag vooral zíjn nederlaag. In het najaar, toen hij zich kandidaat stelde als lijsttrekker – tegenover fractievoorzitter Diederik Samsom – kon je hem op bijeenkomsten steeds horen zeggen tegen PvdA’ers: „Ik moest dit wel doen, joh. Kijk eens hoe we ervoor staan in de peilingen. Als ik het niet doe, wordt het helemaal niks in maart.”

In die tijd stond de PvdA op zo’n twaalf zetels.

Foto ANP / Bart Maat

Met Asscher ging het níet beter

De meeste PvdA-leden dachten dat hij gelijk had: Asscher won de lijsttrekkersverkiezing met 54,5 procent van de stemmen.

Maar Asschers eigen voorspelling kwam niet uit: het ging niet beter, alleen maar slechter met hem als lijsttrekker.

Minister van Financiën Dijsselbloem hield de zaal op woensdagavond voor dat er wel vaker ups and downs waren geweest. Maar zo’n ‘down’ had de partij niet eerder. De grootste klap die de PvdA meemaakte, was in 2002 na de moord op Pim Fortuyn: de partij ging toen van 45 naar 23 zetels.

Of de PvdA deze uitslag echt collectief gaat dragen, zonder ‘koppen snellen’, zal de komende dagen of weken moeten blijken. Heel veelbelovend begon de woensdag niet. Al lang vóór de exitpolls was oud-PvdA-voorzitter Felix Rottenberg bij BNR met harde kritiek gekomen. Achteraf gezien was de lijsttrekkersverkiezing te laat, zei hij. Asscher had daardoor te weinig tijd gehad om zich te laten zien als leider en hij had volgens Rottenberg te laat in de campagne de juiste toon gevonden.

    • Petra de Koning