Zorgeloos en het liefst ook grenzenloos

De blije burger

De blije burger voelt zich vooral in staat zijn eigen toekomst vorm te geven.

Wat is de typering van de blije burger? Die is eigenlijk niet zo nodig. Nederlanders zijn over het algemeen tevreden en gelukkig. En dus hebben we het hier over een grote, diverse groep mensen. Internationaal onderzoek laat dat keer op keer zien.

Senioren staan er hier het best voor, kinderen behoren tot de gelukkigste ter wereld. Het inkomen per hoofd van de bevolking staat in de mondiale toptien en de verdeling van dat inkomen is in Nederland relatief gelijkmatig – al geldt dat niet voor het vermogen.

Toch is er binnen deze grote groep wel een gemene deler van het grootste geluk te vinden: het vermogen om het eigen leven en de eigen toekomst vorm te geven. Dat heeft allereerst te maken met jeugd: hoe jonger, hoe rooskleuriger naar die toekomst wordt gekeken. Het heeft uiteraard ook te maken met opleidingsniveau. Bij een hogere opleiding is de kans dat de dagelijkse baan bevalt groter, en het inkomen hoger. En dat geeft vrijheid.

Angst voor de grote buitenwereld is er niet of nauwelijks. Globalisering heeft meer voordelen dan nadelen en de rest van de planeet is een plek om te ontdekken, niet om te wantrouwen. De Europese Unie en de euro, de symbolen van regionale ‘globalisering’, zijn populair voor de blije wereldburger.

Toekomst zegt hier veel, ook in immateriële zin. Het consumentenvertrouwen van een paar met kinderen, toch vaak mensen in het spitsuur van het leven, die hoge kosten moeten maken, behoort tot een van de hoogste van alle groepen die het CBS onderscheidt.

Voor die toekomst is de uitgangspositie belangrijk. Het SCP onderscheidde in een studie uit 2014 vier verschillende soorten kapitaal: persoonskapitaal (bijvoorbeeld gezondheid, mentaliteit), economisch kapitaal (vermogen, opleiding), cultureel kapitaal (leefstijl, taalvaardigheid) en sociaal kapitaal (sociale steun).

Het SCP onderscheidt daarna zes groepen in de Nederlandse maatschappij, waar al dat kapitaal verschillend neerslaat. Het meeste kapitaal staat, niet verrassend, bij de ‘gevestigde bovenlaag’. Daarna volgen ‘jongere kansrijken’ en dan de ‘werkende middengroep’.

De blije Nederlanders zijn begaan met de rest van de maatschappij, maar leven wel in toenemende mate in een gescheiden wereld, zegt Kim Putters van het SCP: „Ze komen de groep Nederlanders die het niet goed heeft niet automatisch meer tegen. Hogeropgeleide gezonde mensen met perspectief leven vaak toch in een van de rest gescheiden wereld.”

    • ---