Foto Albert Gonzalez Farran

Hoogleraar globaliseringsstudies: ‘In conflictgebieden wordt honger als wapen ingezet’

Interview Dat een voedselcrisis dreigde in delen van Afrika, was al lang duidelijk, zegt hoogleraar globaliseringsstudies en humanitaire actie Joost Herman. ‘Het ontbreken van politieke wil ligt aan de basis van menig endemisch humanitair drama.’

Politici die goed hadden opgelet, wisten al lang dat er een voedselcrisis dreigde in delen van Afrika. Volgens Joost Herman, hoogleraar globaliseringsstudies en humanitaire actie aan de Universiteit Groningen, is vanuit de onderzoekswereld en door hulporganisaties voldoende gewaarschuwd. Maar veel landen zijn vooral druk met zichzelf. Ze worden afgeleid door binnenlandse perikelen, geopolitieke brandhaarden als Syrië en Oekraïne, de financiële crisis, verkiezingen. ‘Het zijn allemaal ‘schaamlap-redenen’ om niet te hoeven handelen en om bestaande financiële beloften niet of nauwelijks na te komen.’

Herman is in Oeganda, waar hij onder meer sprak over de implementatie van een systeem voor het vroegtijdig waarschuwen voor zogeheten ‘slow onset disasters’ – zich langzaam voltrekkende rampen als droogte en honger. Bovendien is hij voorzitter van het NOHA, het Network on Humanitarian Action. In die hoedanigheid voerde hij gesprekken met de Makarere universiteit over lidmaatschap van het netwerk.

Herman reageerde per e-mail op vragen over de huidige voedselcrisis in delen van Afrika en Jemen. Hij maakt zich kwaad over wat hij beschouwt als ‘een schokkend gebrek aan politieke wil onder de rijke(re) landen om hun macht te gebruiken. Daardoor worden de endemische humanitaire crises in de wereld, maar vooral Afrika en Azië, niet of nauwelijks fundamenteel aangepakt. Ook voor het oog van het eigen electoraat steekt men liever geld in het ‘ophogen van de eigen dijken’ (nonsens) of het rijkelijk van geld voorzien van de Libische kustwacht (erger dan nonsens).’

Lees ook: Hongersnood in Afrika vaak man-made

Maar is de crisis dan niet acuut?

‘Stephen O’Brien, ondersecretaris-generaal van de VN voor humanitaire zaken, was een paar dagen geleden heel duidelijk: de voedselcrises in Jemen, Zuid-Soedan en Noord-Nigeria zijn door mensen veroorzaakte rampen. Het geïntensiveerde, oplaaiende handelen van strijdende partijen (vooral Saoedi-Arabië in Jemen) heeft de latente crises plots heftig doen opbloeien. Het natuurfenomeen El Niño draagt bij aan de intensiteit en verslechtert in rap tempo de situatie in Somalië en Noord-Kenia. Maar is het daarmee ook een echte natuurramp? Nou, nee: jarenlange periodes van conflict en slecht bestuur hebben de infrastructuur verzwakt. De van nature kwetsbaren zijn daardoor nog kwestbaarder gemaakt, in feite weerloos.’

Nu huilen we over anderhalf miljoen migranten die naar Europa willen; als we geen oplossingen vinden, worden dat er honderd miljoen.

Hoe ziet u de verhouding tussen geweld en droogte als oorzaak voor de huidige crisis? Is de droogte meer dan een katalysator?

‘Geweld is in feite de katalysator van de impact van de droogte. Het naderende natuuronheil El Niño kon men met mathematische precisie voorspellen. Het endemische geweld voor en tijdens de droogte (en eigenlijk ook in de periode na de grote droogte van 2011) werkt drie zaken in de hand: endemisch geweld verzwakt de toch al zwakke bestuursstructuur en infrastructuur van gebieden, waardoor wederopbouw en versterken van weerbaarheid op lokaal niveau niet van de grond kan komen. Dat is het geval in Nigeria, Somalië en Kenia. Endemisch geweld neigt er bovendien naar om honger en schaarste te creëren en zo als oorlogswapen in te zetten. Dat gebeurt in Jemen en Zuid-Soedan. Hoe meer endemisch en wijdverspreider het geweld, hoe minder humanitaire organisaties hun werk kunnen doen: het respect voor de onaantastbaarheid van humanitair personeel is dramatisch verminderd.’

Heeft noodhulp zin, juist omdat de huidige crisis zich afspeelt in landen die geteisterd worden door gewelddadige conflicten? Is het niet dweilen met de kraan open?

‘Het morele antwoord is of moet zijn: we cannot leave anyone behind. Dit was een van de uitkomsten van de World Humanitarian Summit in Istanbul afgelopen mei. Elke humanitaire inspanning is moreel alleen te verdedigen, als op basis van de humanitaire principes van neutraliteit en onpartijdigheid geen onderscheidende keuzes worden gemaakt: een mensenleven in Italië na een aardbeving is evenveel waard als een mensenleven in Somalië, Afghanistan of Birma. Hoewel op basis van financiën en operationele beginselen uiteindelijk wel degelijk keuzes moeten worden gemaakt, mogen geopolitieke belangen geen rol spelen. Om het brutaal te zeggen: de welwillende houding van menig westers land, waaronder Nederland, in de richting van Saoedi Arabië, is een vrijbrief voor dat land om afschuwelijke oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid te begaan in Jemen.

Een leven redden is motivatie genoeg.

‘Zo ligt het ontbreken van politieke wil aan de basis van menig endemisch humanitair drama. Dat ontslaat het welwillende deel van de mensheid niet van de verplichting te dweilen met de kraan open. Als aantallen geredde mensen of het verminderende aantal mensen in nood een criterium gaan worden, gaat de aandacht straks uit naar magische getallen. Een leven redden is motivatie genoeg.

Noodhulp heeft zelfs zin in de slechtst mogelijke omstandigheden. Studies van de strategische afdelingen van het Amerikaanse Pentagon en de Britse Admiralty (je zou kunnen zeggen: onverdachte bronnen) hebben voorspellingen gemaakt over het aantal vluchtelingen in 2030 vanuit Afrika als de klimaatverandering aanhoudt en het geweld endemisch blijft. Nu huilen we over anderhalf miljoen migranten die naar Europa trachten te komen; als we geen oplossingen vinden, zijn dat er in 2030 honderd miljoen. Dán heeft Wilders reden tot klagen.’

Lees ook: Hongersnood dreigt voor 17 miljoen mensen in Hoorn van Afrika

Na de hongersnood in 2011 in Somalië zei iedereen: dit nooit meer. Hoe kan de internationale gemeenschap voorkomen dat dit soort noodsituaties ontstaan?

‘Investeren en nog eens investeren. Toen ik aan het begin van mijn onderzoeksloopbaan mij nog richtte op minderhedenrechten en -bescherming, had ik veel contact met Max van der Stoel, die net benoemd was tot Hoge Commissaris voor nationale minderheden van de OVSE. Ik bewonderde hem zeer. Hij zei: geef mij de prijs van een F16 en ik kan tientallen minderheidsconflicten in Oost-Europa en de voormalige Sovjet-Unie voorkomen.

‘Met minimale budgetten en een kleine staf, heeft hij veel leed voorkomen – in Baltische staten, Griekenland, Albanië, toen nog Tsjechoslowakije, Tadzjikistan, enz. Kortom, iedere staat moet terug naar 0,7 % van het BBP voor ontwikkelingshulp (de norm van de OESO), maar het geld slimmer dan voorheen inzetten. Door bijvoorbeeld waar nodig overheden te omzeilen en op lokaal niveau infrastructuren te bouwen, heel concreet mensen werkgelegenheid en initiatief bieden, ownership kweken voor het eigen lot en de eigen gemeenschap, weerbaarheid opbouwen via gegarandeerde kanalen van voedselveiligheid en toegang tot gezondheidszorg.’

De bereidheid van Nederlandse private donoren om te geven in het aangezicht van menselijk leed, blijft uniek in de wereld.

‘Een goed voorbeeld is Ethiopië , zeker niet de makkelijkste staat om mee samen te werken. Daar is dit de afgelopen jaren gebeurd, zodat het land de vorige droogte redelijk goed doorstaan heeft. Maar ook daar heeft de politieke instabiliteit weer toegeslagen, zoals blijkt uit de recente aanvallen op Nederlandse bedrijven, die juist werkgelegenheid bieden/boden), dus….. ook op nationaal bestuursniveau moeten (Nederlandse ) organisaties fatsoenlijk bestuur helpen bouwen en versterken.’

Vorig voorjaar, toen hongersnood dreigde door El Niño, vroeg hulporganisatie Oxfam zich af waarom de scenario’s voor een probleem dat je ziet aankomen niet klaarliggen.

‘Eigenlijk liggen de scenario’s wel klaar, de zogeheten consolidated appeals liggen op de plank, maar de politieke broodheren van de VN zijn te druk met het bestendigen van hun plek tegenover hun eigen electoraat. Een redelijk onbaatzuchtige uitzondering blijkt toch telkens weer Nederland te zijn. Minister Ploumens razendsnelle actie om geld ter beschikking te stellen voor reproductieve gezondheidszorg (lees: voorbehoedsmiddelen en abortus voorlichting) als antwoord op het afknijpen van dat budget door president Trump, was fenomenaal. En ook de bereidheid van Nederlandse private donoren om te geven in het aangezicht van menselijk leed, blijft uniek in de wereld.’

Hoe kunnen we zorgen dat er wordt ingegrepen voordat er mensen sterven?

‘Mondialisering heeft ons een oneindige vooruitgang in nationale rijkdom en mogelijkheden gegeven. (Zeker, er zijn mensen buiten de boot gevallen, maar daar kun je beleid op maken). Gestandaardiseerde patronen van samenwerking, handel, normconvergentie, industriële vormgeving ter verlaging van de prijs van consumptiegoederen, technologische innovatie voor voedselzekerheid en veiligheid, verlenging van de levensduur, de mogelijkheid om grensoverschrijdende problemen als klimaatverandering aan te pakken.

‘Het is bizar dat weldenkende politici dat niet kernachtig aan hun electoraat kunnen en durven uit te leggen, met daaraan gekoppeld de boodschap: beste kiezer, wilt u voor u en uw nageslacht dit welvaartsniveau behouden, dan zullen we om morele reden, maar ook uit pure noodzaak, ons best moeten doen en een deel van die welvaart moeten besteden aan het stabiliseren van minder bedeelde gebieden in de wereld.’

Lees ook: VN waarschuwen voor hongersnood in Jemen
    • Paul Luttikhuis