Europese steun voor Nederlandse aanpak van de Turkse campagne

Turks bezoek Duitsland steunt Nederland, Denemarken zegt ontmoeting met Turkse premier af, maar Frankrijk laat Turkse minister spreken.

In Istanbul leest een man de Turkse krant Sözcü. Het omslagverhaal gaat over de diplomatieke crisis tussen Nederland en Turkije, met als kop ‘Wat een barbarij’. Foto Ozan Kose / AFP

Op het hoogtepunt van de confrontatie tussen Nederland en Turkije hield het buitenland zich op de vlakte. Niemand waagde zich gedurende de showdown in de buurt van de kemphanen –zeker niet publiekelijk.

Ná de patstelling aan de Westblaak reageerde het buitenland zowel met openlijke steun als met impliciete kritiek op de Nederlandse lijn. Erdogans beschuldigingen van fascisme en nazisme, eerst gericht aan Duitsland, toen aan Nederland en vervolgens aan heel West-Europa, werden breed veroordeeld.

De Duitse bondskanselier Angela Merkel zei solidair te zijn met Nederland. Ze sprak haar „volledige steun” uit, hoewel Duitsland eerder Turkse ministers, zij het schoorvoetend, had toegelaten.

De Duitse minister van Binnenlandse Zaken, Thomas de Maizière, sloeg na de Rotterdam-crisis een hardere toon aan dan daarvoor. Hij wil niet meer dat Turkse ministers in Duitsland campagne voeren, zei hij tegen televisieomroep ARD.

Lees ook ons liveblog terug over onder meer de demonstraties in Rotterdam

Denemarken blies zondag meteen een ontmoeting tussen premier Lars Løkke Rasmussen en zijn Turkse collega Yildirim af gezien „de aanvallen van Turkije op Nederland”. Rasmussen verklaarde dat hij het bezoek „niet los kan zien” van wat in Nederland is gebeurd. „Onder normale omstandigheden zou het een genoegen zijn om de Turkse premier te ontvangen.”

Frankrijk, daarentegen, liet de Turkse minister van Buitenlandse Zaken Cavusoglu, die op zaterdag niet mocht landen in Rotterdam, zondag rustig optreden in Metz. Er was geen reden om het Turkse optreden te verbieden; de openbare orde was niet in het geding, aldus een woordvoerder van het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken.

De rechtse Franse presidentskandidaten zagen dat anders en keerden zich tegen Turkije én de Franse regering. Marine Le Pen, de kandidaat van nationalistisch-rechts, en de conservatief François Fillon veroordeelden het Turkse optreden en waren tegen de Turkse campagnebijeenkomst in Metz. Fillon zei dat de regering van president François Hollande „op flagrante wijze de Europese solidariteit breekt”.

De partijloze presidentskandidaat Emmanuel Macron liet in een verklaring eveneens twijfels over de Franse benadering doorschemeren: „Frankrijk moet getuigen van een consistente steun aan zijn Europese partners en de driften van de Turkse regering weerstaan.”

Lees ook: Erdogan scheldt als een taxichauffeur, omdat het werkt

Vluchtelingendeal in gevaar?

De Europese Commissie benadrukte dat het aan lidstaten zelf is om te bepalen welke bijeenkomsten wel of niet gehouden worden en dat dit geen EU-bevoegdheid is. „Er spelen ook zaken mee als openbare orde, en zij zijn beter dan wie ook in staat om te bepalen wat er moet gebeuren”, zei een zegsman.

De vluchtelingendeal tussen EU en Turkije is niet in gevaar, zeggen ze in Brussel, omdat die niet alleen in het belang is van de EU, maar ook van Turkije zelf (het land krijgt miljarden euro’s). De Commissie riep Turkije wel op „af te zien van excessieve verklaringen en acties die de situatie dreigen te verergeren”, aldus een verklaring.

„Naar aanleiding van de spanningen in de laatste dagen tussen Turkije en sommige EU-lidstaten, is het essentieel om verdere escalatie te voorkomen en manieren te vinden om de situatie te kalmeren.”

De Commissievoorzitter noemde het vorige week al „beschamend” dat Duitsland door de Turkse autoriteiten als naziland was weggezet. Maandag veroordeelde zijn woordvoerder de soortgelijke kwalificatie die was losgelaten op Nederland.

„Het is beschamend en het is het soort taalgebruik dat we in Europa zouden willen vergeten.”

Of Turkije zijn kansen op EU-lidmaatschap hiermee definitief heeft verspeeld, wilde de woordvoerder niet zeggen. „Dat is geen debat dat je voert tijdens een persconferentie.” Maar de Commissie kijkt wel of bepaalde financiering voor Turkije in de aanloop naar dat lidmaatschap, voor bijvoorbeeld het doorvoeren van hervormingen, moet worden herzien. Vorig jaar sprak de Commissie in een rapport al over een „serieuze achteruitgang van de rechtstaat” in Turkije.

Lees ook: Remt verdrag met Turkije inburgering migranten af?